sensor Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2018, Model line: Kona, Model: Hyundai Kona 2018Pages: 540, PDF Size: 9.01 MB
Page 203 of 540

3-119
Kenmerken van uw auto
3
Werking van het ParkingDistance Warning-systeem(achteruit/vooruit)
Werking
• Het systeem wordt ingeschakeld door de toets voor het Parking
Distance Warning-systeem
(achteruit/vooruit) in te drukken
terwijl de motor draait. • Wanneer u de selectiehendel in
stand R (achteruit) zet, gaatautomatisch het controlelampje op
de toets van het Parking Distance
Warning-systeem (achteruit/vooruit)
branden en wordt het Parking
Distance Warning-systeem
(achteruit/vooruit) geactiveerd. Als
echter de rijsnelheid hoger is dan 10km/h, geeft het systeem u geen
waarschuwing meer als een
obstakel wordt gesignaleerd. Als de
rijsnelheid hoger is dan 20 km/h,
wordt het systeem automatisch
uitgeschakeld. Druk op de toets van
het Parking Distance Warning-
systeem (achteruit/vooruit) om het
systeem in te schakelen.
• Als er zich meerdere objecten achter de auto bevinden, zal het
dichtstbijzijnde als eerste wordengeregistreerd.
•Kijk voordat u achteruitrijdt
ALTIJD om u heen om te
controleren of de omgeving
vrij is van objecten en
obstakels, om een aanrijding
te voorkomen.
•Wees extra voorzichtig als u
dicht langs voorwerpen of
personen, in het bijzonder
kinderen, rijdt.
•Houd er rekening mee dat
sommige voorwerpen
mogelijk niet op het scherm
worden weergegeven of door
de sensoren worden geregist-
reerd als gevolg van deafstand tot het obstakel of het
formaat of het materiaal van
het obstakel. Al deze zaken
kunnen de effectiviteit van desensor beperken.
WAARSCHUWING
OOS047045
Page 204 of 540

3-120
Kenmerken van uw auto
Gevallen waarin het ParkingDistance Warning-systeem(achteruit/vooruit) niet werkt
Het Parking Distance Warning-
systeem (achteruit/vooruit) werkt
mogelijk niet goed in de volgende
gevallen:
• Er zit ijs op de sensor.
• Er zit vuil, zoals sneeuw of water, of een andere substantie op de
sensor.
De werking van het Parking
Distance Warning-systeem
(achteruit/vooruit) wordt in de
volgende omstandigheden mogelijk
verstoord:
• Bij het rijden op oneffen wegen,zoals ongeplaveide wegen, grind, drempels of hellingen.
• Als bepaalde hoogfrequente geluiden, zoals claxons,
racemotor-fietsen, luchtremmen
van vrachtwa-gens en dergelijke
de werking van de sensoren
beïnvloeden.
• Bij zware regenval of opspattend water.
• Het controlelampje wijkt mogelijk af van de afbeelding, afhankelijk
van objecten en de status van sensoren. Als het controlelampje
knippert, adviseren we u het systeem te laten controleren door een
officiële HYUNDAI-dealer.
• Als u geen waarschuwingsgeluid hoort of als de zoemer met tussenpozen klinkt wanneer u de selectiehendel in stand R (achteruit)
zet, zit er mogelijk een storing in het Parking Distance Warning-systeem
(achteruit/vooruit). In dat geval adviseren we u om uw auto zo snel
mogelijk te laten controleren door een officiële HYUNDAI-dealer.
AANWIJZING
Afstand tot
voorwerpWaarschuwing slampjeWaarschuwingssi gnaalWanneer de autovooruitrijdtWanneer de autoachteruitrijdt
61 ~ 100(24 ~39)Voor-Zoemer klinkt met tussenpozen
61 ~ 120(24 ~47)Achter-Zoemer klinkt met tussenpozen
31 ~ 60
(12 ~24)VoorZoemer klinkt met
kortere tussenpozen
Achter-Zoemer klinkt met
kortere tussenpozen
30
(12)VoorZoemer klinkt
onafgebroken
Achter-Zoemer klinkt
onafgebroken
Soorten waarschuwingssignalencm (in)
Page 205 of 540

3-121
Kenmerken van uw auto
3
• Door afstandsbedieningen ofmobiele telefoons in de buurt van de sensoren.
• Als de sensor is bedekt met sneeuw.
• Als de auto is voorzien van achteraf gemonteerde uitrusting of
accessoires of als de bumper-
hoogte of de inbouwpositie van de
sensoren is gewijzigd.
Het sensorbereik kan in de
volgende gevallen afnemen:
• Bij extreem hoge of lagebuitentemperaturen.
• Bij objecten lager dan 1 meter en smaller dan 14 cm.
De volgende objecten worden
mogelijk niet opgemerkt door de
sensoren:
• Smalle objecten als touwen,kettingen of paaltjes.
• Objecten die de hoogfrequente signalen van de sensor absorberen,
zoals kleding, sponsachtige
materialen en sneeuw.
Voorzorgsmaatregelen Parking
Distance Warning-systeem(achteruit/vooruit)
• Het waarschuwingssignaal van het Parking Distance Warning-
systeem (achteruit/vooruit) klinktmogelijk niet consistent als het
voorwerp achter de auto beweegt
of een grillige vorm heeft.
• De correcte werking van het Parking Distance Warning-systeem
(achteruit/vooruit) kan verstoord
raken als de bumperhoogte of de
inbouwpositie van de sensoren is
gewijzigd of als de bumper of een
sensor beschadigd is. Achterafgemonteerde accessoires kunnen
het bereik van de sensoren ook
beïnvloeden. • Voorwerpen die kleiner zijn dan
30 cm worden mogelijk niet of niet
goed geregistreerd. Wees alert.
• Als de sensor bedekt is met sneeuw, vuil of water werkt deze
mogelijk niet goed totdat deze
weer schoon en droog is gemaaktmet een zachte doek.
• Druk of sla niet op de sensor en voorkom dat er krassen op de
sensor komen. De sensor kan
beschadigd raken.
• Spuit niet met een hogedrukreiniger direct op de
sensoren of de omgeving ervan.
Schokken door waterstralen uit de
hogedrukreiniger kunnen ervoor
zorgen dat het apparaat niet goed
werkt.
Schade aan de auto en
persoonlijk letsel, ontstaan
vanwege het onjuist
functioneren van het Parking
Distance Warning-systeem
(achteruit/vooruit), vallen niet
onder de garantie. Rijd altijd
veilig en voorzichtig.
WAARSCHUWING
Page 217 of 540

3-133
Kenmerken van uw auto
3
Automatische verwarming en
airconditioning
Het automatisch verwarmings- en
ventilatiesysteem wordt bediend
door de gewenste temperatuur in testellen.
1. Druk op toets AUTO. (3)
De te gebruiken uitstroomopenin- gen, de aanjagersnelheid, deluchtinlaat en de airconditioning
worden automatisch geregeld op
basis van de gekozen temperatuur.
2. Draai de temperatuurregelknop(1) om de gewenste temperatuur
in te stellen. Wanneer de laagst
mogelijke temperatuur wordtingesteld, zal de airconditioning
continu blijven werken. Stel, zodra
het interieur voldoende is
afgekoeld, de knop indien mogelijk
in op een hogere temperatuur. Druk op een van de volgende
toetsen om de automatische werking
uit te schakelen:
- Luchtcirculatietoets
- Toets voorruitontwaseming (Druk
de toets nogmaals in om de
voorruitontwasemingsfunctie te
deselecteren. Het teken AUTO
wordt nogmaals op het
informatiescherm weergegeven.)
- Aanjagertoets De geselecteerde functie wordthandmatig bediend terwijl deandere functies automatisch
werken.
Voor uw gemak en om de effectiviteit
van het verwarmings- en
ventilatiesysteem te verbeteren, kunt
u de toets AUTO gebruiken en de
temperatuur instellen op 23°C. Informatie
Plaats nooit iets in de buurt van de
sensor, zodat een optimale werking
van het verwarmings- en air-
conditioningssysteem gegarandeerd
blijft.
Handmatig bediende
verwarming en airconditioning
Het verwarmings- en airconditio- ningssysteem kan handmatig
worden geregeld met andere toetsen
dan de toets AUTO. In deze stand
werkt het systeem sequentieel,
afhankelijk van de gekozen toetsen.
i
OOS047308
Page 228 of 540

3-144
Kenmerken van uw auto
Automatisch ontwasemings-
systeem
(alleen voor verwarmings- en
ventilatiesysteem, indien vantoepassing)
Het automatische ontwasemings-
systeem verkleint de kans op het
beslaan van de binnenzijde van de
voorruit doordat de aanwezigheid
van vocht aan de binnenzijde van de
voorruit automatisch gesignaleerd
wordt.
Het automatische ontwasemings-
systeem werkt als de klimaatregeling
ingeschakeld is.Informatie
Het automatische ontwasemings-
systeem werkt mogelijk niet goed
wanneer de buitentemperatuur
temperatuur lager is dan -10 °C. Houd de toets voor de
voorruitontwaseming gedurende 3
seconden ingedrukt om het
automatische ontwasemingssysteem
uit te schakelen of in te stellen. Het
symbool ADS OFF wordt
weergegeven op het klimaatdisplay
om u te informeren dat het systeem is
uitgeschakeld. Volg bovengenoemdeprocedure om het automatische
ontwasemingssysteem weer in te
schakelen. Het symbool ADS OFF
verdwijnt vervolgens.
Nadat de accu losgekoppeld is
geweest of te ver ontladen is geraakt,
is de automatische ontwaseming
standaard ingeschakeld.
Informatie
Schakel voor een optimale werking
niet de stand RECIRCULATIE in als
het automatische ontwasemings-
systeem in werking is. Verwijder de behuizing van de
sensor boven aan de voorruit aan
bestuurderszijde niet.
Eventuele schade aan onderdelen
die hierdoor kan ontstaan, valt
niet onder de fabrieksgarantie.
AANWIJZING
i
i
Page 276 of 540
![Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch) 4-35
Multimediasysteem
4
Instellingen
Toegang tot de instellingen voor
display, geluid, datum/tijd, Bluetooth,
systeem en uitschakelen display.
Druk op de toets [SETUP/CLOCK]
van het audiosysteem.
S Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch) 4-35
Multimediasysteem
4
Instellingen
Toegang tot de instellingen voor
display, geluid, datum/tijd, Bluetooth,
systeem en uitschakelen display.
Druk op de toets [SETUP/CLOCK]
van het audiosysteem.
S](/img/35/16237/w960_16237-275.png)
4-35
Multimediasysteem
4
Instellingen
Toegang tot de instellingen voor
display, geluid, datum/tijd, Bluetooth,
systeem en uitschakelen display.
Druk op de toets [SETUP/CLOCK]
van het audiosysteem.
Scherm
Druk op de toets [SETUP/CLOCK]
van het audiosysteem Selecteer
[Scherm].
• Verlichting: De helderheid wordt automatisch aangepast
overeenkomstig het gebruik van de
koplampen.
• Helderheid: De helderheid van het audioscherm kan worden
gewijzigd.
• Screensaver: Stel de informatie in die wordt weergegeven wanneer
het audiosysteem of het scherm
wordt uitgeschakeld.
Geluid
Druk op de toets [SETUP/CLOCK]
van het audiosysteem Selecteer
[Geluid].
• Balans: De balans van het geluid en de fader kunnen worden afgesteld.
• Equalizer: De toonkleur van het geluid kan worden afgesteld. • Snelheidsafhankelijke volume: Het
volume wordt automatisch
aangepast aan de rijsnelheid.
• Voorrang voor parkeersensoren achter: Het geluidsvolume van het
audiosysteem wordt automatisch
lager bij het achteruitrijden.
Klok
Druk op de toets [SETUP/CLOCK]
van het audiosysteem Selecteer
[Klok].
• Tijd instellen: Stel de tijd in die op het audioscherm wordt
weergegeven.
• Tijdnotatie: Kies tussen een 12- uursweergave en een 24-
uursweergave.
• Datum instellen: Stel de datum in die op het audioscherm wordt
weergegeven.
Page 280 of 540

5
ISG (Idle stop & go) .............................................5-51Activeren van het ISG-systeem...................................5-51
In de volgende gevallen wordt het automatisch
starten tijdelijk uitgeschakeld......................................5-54
Deactiveren van het ISG-systeem .............................5-55
Storing ISG-systeem ......................................................5-55
Deactiveren van accusensor ........................................5-55
In drive-stand geïntegreerd regelsysteem.......5-57
Blind-spot collision warning-systeem (BCW) .5-60 BCW (Blind-Spot Collision Warning-systeem) .........5-61
RCCW (Waarschuwing botsing kruisend
verkeer achterkant)........................................................5-63
Detectiesensor .................................................................5-65
Beperkingen van het system .......................................5-66
Forward collision-avoidance assist (FCA)- type
met sensorfusie (radar voor + camera voor) .5-68 Systeeminstelling en -activering.................................5-68
FCA-waarschuwingsmelding en systeemregeling...5-70
FCA-sensor .......................................................................5-72
Storing in het systeem...................................................5-74
Beperkingen van het systeem .....................................5-75 Lane keeping assist-systeem (LKA) .................5-81
Werking LKA .....................................................................5-82
Waarschuwingslampje en -melding............................5-86
Beperkingen van het systeem .....................................5-87
Wijzigen functie LKA-systeem ....................................5-88
Driver attention warning-systeem (DAW) .......5-89 Systeeminstelling en -
activering Systeeminstelling .........................................5-89
Resetten van het systeem ............................................5-90
Systeem standby .............................................................5-91
Storing in het systeem...................................................5-91
Snelheidsbegrenzingssysteem ...........................5-93 Bediening snelheidsbegrenzer .....................................5-93
Cruise control .......................................................5-95 Werking cruise control ..................................................5-95
Rijden onder speciale rijomstandigheden ......5-101 Rijden onder moeilijke omstandigheden .................5-101
Op eigen kracht lostrekken van de auto ...............5-101
Vloeiend nemen van bochten ....................................5-102
Rijden in het donker ....................................................5-102
Rijden in de regen ........................................................5-103
Doorwaden van water .................................................5-104
Rijden met hoge snelheden........................................5-104
Verkleinen van de kans op over de kop slaan ......5-104
Page 333 of 540

5-55
Rijden met uw auto
5
Deactiveren van het ISG-systeem
• Druk op de ISG OFF-knop om hetISG-systeem te deactiveren. Dan gaat het controlelampje in de ISG
OFF-knop branden en wordt de
melding "Auto Stop uit”
weergegeven in het LCD-display.
• Druk nogmaals op de ISG OFF- knop om het ISG-systeem weer
te activeren. Dan gaat hetcontrolelampje in de ISG OFF-
knop UIT.
Storing ISG-systeem
Het ISG-systeem werkt mogelijk
niet:
Als er een storing is in de ISG- sensoren of het ISG-systeem.
Het volgende gebeurt als er een
storing is in het ISG-systeem:
•Het controlelampje AUTO STOP
( ) in het instrumentenpaneel
knippert geel.
• Het lampje in de ISG OFF-knop zalgaan branden. Informatie
• Als u het controlelampje in de ISG OFF-knop niet UIT kunt zetten
door op de ISG OFF-knop te
drukken of als de storing in het ISG-
systeem blijft bestaan, adviseren we
u contact op te nemen met een
officiële HYUNDAI-dealer.
• U kunt het controlelampje in de toets ISG OFF UIT zetten door 2
uur lang met een snelheid van meer
dan 80 km/h te rijden met de
aanjagersnelheid in een lagere stand
dan stand 2. Als het controlelampje
in de toets ISG OFF blijft branden,
adviseren we u contact op te nemen
met een officiël HYUNDAI-dealer.
Deactiveren van accusensor
[A] : Accusensor
De accusensor wordt gedeactiveerd
als voor onderhoudswerkzaam
-
heden de minkabel van de accu is losgenomen.
In dat geval werkt het ISG-systeem
beperkt omdat de accusensor is
gedeactiveerd. Daarom moet de
bestuurder de volgende procedures
volgen om de accusensor te
reactiveren na het losnemen van deaccukabel.
i
Als de motor in de Auto Stop-
modus staat, kan de motor
mogelijk opnieuw gestart
worden. Zet de motor uit
alvorens de auto te verlaten of de
motorruimte te gaan controlerendoor het contact in stand
LOCK/OFF te zetten of door decontactsleutel te verwijderen.
WAARSCHUWING
OOS057015L
Page 334 of 540

5-56
Rijden met uw auto
Voorwaarden voor reactiverenvan de accusensor
Laat de motor gedurende 4 uur UIT
staan en probeer daarna 3 tot 4
keer de motor te starten om de
accusensor te reactiveren.
Sluit in geen geval een accessoire
(bijvoorbeeld navigatiesysteem en
black box) aan op de auto als de
motor UIT staat. Als u dat wel doet,
wordt de accusensor mogelijk niet
gereactiveerd.
Informatie
Het ISG-systeem werkt in de volgende
situaties mogelijk niet.
- Er is een storing aanwezig in het ISG-systeem.
- De accuspanning is laag.
- Het vacu
Page 338 of 540
![Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch) 5-60
Rijden met uw auto
[A]: Dode hoek, [B]: Nadert met hoge snelheid
Het Blind-Spot Collision Warning-
systeem (BCW) maakt gebruik van
radarsensoren in de achterbumper omde situatie in de gaten te Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch) 5-60
Rijden met uw auto
[A]: Dode hoek, [B]: Nadert met hoge snelheid
Het Blind-Spot Collision Warning-
systeem (BCW) maakt gebruik van
radarsensoren in de achterbumper omde situatie in de gaten te](/img/35/16237/w960_16237-337.png)
5-60
Rijden met uw auto
[A]: Dode hoek, [B]: Nadert met hoge snelheid
Het Blind-Spot Collision Warning-
systeem (BCW) maakt gebruik van
radarsensoren in de achterbumper omde situatie in de gaten te houden en de
bestuurder te waarschuwen wanneer
een voertuig nadert in de dode hoek.
Het systeem bewaakt het gedeelte
achter de auto en levert informatie
aan de bestuurder door middel vaneen geluidssignaal en een
controlelampje in de buitenspiegels.(1) BCW: Dode hoek
Het bereik van de BCW is
afhankelijk van de rijsnelheid.
Onthoud dat als uw auto veel
sneller rijdt dan de voertuigen om u
heen, de waarschuwing niet zal
worden gegeven.
(2) BCW: Nadert met hoge snelheid De Nadert met hoge snelheid
waarschuwt u wanneer een voertuig
met hoge snelheid nadert vanuit een
aangrenzende rijstrook. Als de
bestuurder de richtingaanwijzer
inschakelt wanneer het systeem
een naderend voertuig signaleert,laat het systeem een geluidssignaal
horen. De afstand tot het naderende
voertuig kan variëren, afhankelijk
van de relatieve snelheid.
(3) RCCW (Rear Cross-Traffic Collision Warning)
De RCCW houdt verkeer van links
en rechts in de gaten wanneer uw
auto achteruitrijdt. De functie werkt
wanneer de auto achteruitrijdt met
een snelheid lager dan ongeveer10 km/h. Als naderend verkeer van links of
rechts wordt gesignaleerd, klinkt
er een waarschuwingszoemer.De afstand tot het naderende
voertuig kan variëren, afhankelijk
van de relatieve snelheid.
BLIND-SPOT COLLISION WARNING-SYSTEEM (BCW) (INDIEN VAN TOEPASSING)
•Houd tijdens het rijden altijd de wegomstandigheden in de
gaten en wees alert op
onverwachte situaties, zelfswanneer het Blind-Spot
Collision Warning (BCW)systeem in werking is.
•Het Blind-Spot Collision
Warning-systeem (BCW) is
geen vervanging voor een
juist en veilig rijgedrag. Rijdaltijd veilig en wees
voorzichtig bij het wisselen
van rijstrook of
achteruitrijden. Het Blind-Spot
Collision Warning-systeem
(BCW) signaleert mogelijk nietalle objecten naast de auto.
WAARSCHUWING
OOS057099L
A
B