service Peugeot 307 CC 2003 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2003, Model line: 307 CC, Model: Peugeot 307 CC 2003Pages: 171, PDF Size: 2.39 MB
Page 94 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL
94
Noteer de sleutelnummers zorgvuldig. De sleutelcode is als streepjescode aangegeven op het label bij de sleutel.
Een PEUGEOT-servicepunt kan bij verlies snel voor nieuwe sleutels zorgen.De radiografische afstandsbediening is een gevoelig systeem; het is raadzaam om niet met de knop van de afstandsbediening te spelen om te voorkomen dat de auto per ongeluk ontgrendeld wordt.
De afstandsbediening kan niet functioneren als de sleutel in het contactslot zit, zelfs als het contact uitstaat, behalve voorhet herprogrammeren. Schakel de supervergrendeling niet in als er nog iemand in de auto zit.Het rijden met vergrendelde portieren kan in geval van nood de toegang tot het interieur belemmeren.Neem uit veiligheidsoverwegingen (kinderen in de auto) de sleutel met afstandsbediening mee als u de auto verlaat, zelfs
al is dit voor korte duur. Druk nooit op de knoppen van uw afstandsbediening buiten het bereik van uw auto. De afstandsbediening kan dan onbruikbaar worden en moet in dat geval opnieuw worden geprogrammeerd. Let er bij het aanschaffen van een gebruikte auto op dat: Ð u in het bezit bent van de codekaart;
Ð fuw sleutels door een PEUGEOT-servicepunt in het elektronische geheugen worden opgeslagen, zodat u er zeker van kunt zijn dat de in uw bezit zijnde sleutels de enige zijn waarmee de auto kan worden gestart.
Breng geen wijzigingen aan in de elektronische startblokkering.
Page 95 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL93
Codekaart Op deze kaart staat de identificatie-
code die uw PEUGEOT-servicepuntnodig heeft bij werkzaamheden aande elektronische startblokkering. Decode is afgedekt, verwijder de filmalleen als dit strikt noodzakelijk is. Bewaar de codekaart op een veilige plaats buiten de auto.
Waarschuwingssignaal sleutel Als het bestuurdersportier wordt geopend terwijl de sleutel nog in hetcontact steekt, klinkt er een geluids-signaal.Batterij van afstandsbedie- ning vervangen
Als de batterij leeg is, verschijnt in com- binatie met een geluidssignaal de mel-ding
"Batterij afstandsbediening
leeg" op het multifunctionele display.
Draai de schroef los en wip het huismet een muntstuk bij het oog los om de
batterij te vervangen (CR 2016/3 V).
Als de afstandsbediening na het ver-vangen van de batterij niet werkt,moet deze opnieuw geprogrammeerdworden.
Herprogrammeren van de afstandsbediening Zet het contact uit.
Zet het contact weer aan.
Druk direct op de knop A.
Zet het contact uit en verwijder de sleutel uit het contactslot. De
afstandsbediening werkt nu weer.
ELEKTRONISCHE
STARTBLOKKERING Deze diefstalbeveiliging blokkeert het motormanagementsysteemzodra het contact wordt afgezet envoorkomt zo het starten van demotor bij een inbraak. In de sleutel is een chip aangebracht die over een specifieke codebeschikt. Bij het aanzetten van hetcontact moet de code van de sleutelworden herkend door de startblokke-ring, waarna de motor gestart kanworden. Bij een storing in het systeem zal,
als het contact wordt aangezet (2 e
stand van de sleutel), het verklikker- lampje van de centrale vergrende-lingsschakelaar op het middelstegedeelte van het dashboard snelgaan knipperen in combinatie meteen geluidssignaal en de melding"Storing elektronische startblok-kering" op het multifunctionele dis-
play. De auto kan dan niet gestart worden.Raadpleeg zo snel mogelijk een
PEUGEOT-servicepunt.
Page 96 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL
94
Noteer de sleutelnummers zorgvuldig. De sleutelcode is als streepjescode aangegeven op het label bij de sleutel.
Een PEUGEOT-servicepunt kan bij verlies snel voor nieuwe sleutels zorgen.De radiografische afstandsbediening is een gevoelig systeem; het is raadzaam om niet met de knop van de afstandsbediening te spelen om te voorkomen dat de auto per ongeluk ontgrendeld wordt.
De afstandsbediening kan niet functioneren als de sleutel in het contactslot zit, zelfs als het contact uitstaat, behalve voorhet herprogrammeren. Schakel de supervergrendeling niet in als er nog iemand in de auto zit.Het rijden met vergrendelde portieren kan in geval van nood de toegang tot het interieur belemmeren.Neem uit veiligheidsoverwegingen (kinderen in de auto) de sleutel met afstandsbediening mee als u de auto verlaat, zelfs
al is dit voor korte duur. Druk nooit op de knoppen van uw afstandsbediening buiten het bereik van uw auto. De afstandsbediening kan dan onbruikbaar worden en moet in dat geval opnieuw worden geprogrammeerd. Let er bij het aanschaffen van een gebruikte auto op dat: Ð u in het bezit bent van de codekaart;
Ð fuw sleutels door een PEUGEOT-servicepunt in het elektronische geheugen worden opgeslagen, zodat u er zeker van kunt zijn dat de in uw bezit zijnde sleutels de enige zijn waarmee de auto kan worden gestart.
Breng geen wijzigingen aan in de elektronische startblokkering.
Page 97 of 171

UW 307 CC IN DETAIL95
ALARMSYSTEEM Het alarmsysteem bestaat uit twee soorten beveiliging:
Ðde
omtrekbeveiliging treedt in wer-
king als een portier, de bagageruim-te of de motorkap wordt geopend.
Ðde interieurbeveiliging treedt in wer-
king als er beweging in het interieurwordt waargenomen (breken van eenruit, iets of iemand in het interieur).
Opmerking: De interieurbeveiliging is
uitgeschakeld als het dak is geopend(stand cabriolet). Inschakelen
Zet het contact uit en verlaat de auto.Schakel het alarmsysteem in door de auto te vergrendelen of desupervergrendeling in te schakelenmet behulp van de afstandsbedie-ning (het lampje van de knop Azal
ŽŽn keer per seconde knipperen).
Opmerking: Als u de auto wilt ver-
grendelen zonder het alarmsysteemin te schakelen, maak dan gebruikvan de sleutel in het slot. Als het alarm afgaat, treedt de sirene inwerking en knipperen de richtingaan-wijzers gedurende dertig seconden. Nadat het alarm is gestopt, wordt het opnieuw ingeschakeld. Let op:
Als het alarm tien keer achter
elkaar is afgegaan, zal het bij de elfde keer worden uitgeschakeld. Opmerking: Als het lampje van de
knop Asnel knippert, betekent dit
dat het alarm tijdens uw afwezigheid is afgegaan. Uitschakelen Ontgrendel de auto met behulp van de afstandsbediening (het lampjevan de knop Agaat uit).
Opmerking: Als het alarm tijdens uw
afwezigheid is afgegaan, zal het lam-pje na het inschakelen van het con-tact niet meer knipperen. Alleen de omtrekbeveiliging inschakelen Schakel alleen de omtrekbeveiliging in als u tijdens uw afwezigheid eenruit een stukje open wilt laten of alser een huisdier in de auto achterblijft. Zet het contact af.
Druk binnen tien seconden op de knop Atotdat het lampje continu
blijft branden.
Verlaat de auto.
Schakel het alarmsysteem in doorde auto te vergrendelen of desupervergrendeling in te schakelenmet behulp van de afstandsbedie-ning (het lampje van de knop Azal
ŽŽn keer per seconde knipperen).
Opmerking: Als het alarmsysteem is
ingeschakeld en de afstandsbedieningniet meer werkt: Ontgrendel het bestuurderspor- tier met de sleutel en open het
portier. Het alarm zal afgaan.
Zet het contact aan. Het alarm stopt.
Storing Als, bij het aanzetten van het contact, het lampje van de knop Agedurende
tien seconden gaat branden, duidt ditop een storing in de verbinding met desirene.
Raadpleeg een PEUGEOT-service- punt om het systeem te controleren. Automatisch inschakelen*
Het alarmsysteem wordt twee minuten nadat het laatste portier of de achterklepis gesloten, automatisch ingeschakeld.
Om het laten afgaan van het alarm bijhet openen van een portier of deachterklep te voorkomen, moet nog-maals op de ontgrendelknop op deafstandsbediening worden gedrukt.
* Volgens land van bestemming.
22-09-2003
Page 98 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL
96
PORTIEREN Openen van buitenaf Als u uw hand achter de portiergreep steekt, wordt de portierruit automatischenkele milimeters geopend. Na enkeleseconden zal de portierruit weer slui-ten, waarbij de ruit automatisch wordtafgesteld voor een perfecte afdichting.
Opmerkingen:
Als de auto is ontgren-
deld en u uw hand langer dan 5 secon-den op de portiergreep laat rusten, wordt
de ruit weer gesloten. Verwijder uw handvan de portiergreep om het systeemweer te activeren.
Vergeet niet de auto bij het wassen tevergrendelen om te voorkomen dat tij-dens het wassen de ruiten op een kierworden gezet. Openen van binnenuit De portieren kunnen niet met de por- tiergrepen worden geopend op hetmoment dat de supervergrendelingis ingeschakeld.
Open voor werkzaamhe- den waarbij de accuka-bels moeten wordenlosgenomen de ruiten
om de portieren gemakkelijk tekunnen openen en sluiten. Als de accukabels zijn losgeno- men, blijft het mogelijk om de por-tieren te openen. Sla de portierenechter niet met kracht dicht, maarsluit ze met beleid. Na het aansluiten van de accuka- bels is het nodig de ruitbedieningte herprogrammeren. Raadpleeg zo spoedig mogelijk
uw PEUGEOT-servicepunt.
Page 101 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL
98
VERGRENDELEN/ONTGREN- DELEN BIJ EEN ONTLADENACCU Portier aan bestuurderszijde
Vergrendel of ontgrendel het portier met de sleutel in het portierslot.Portier aan passagierszijde
Ð Vergrendel het portier met de sleutel
in het slot (aan de zijkant van het por- tier) en draai de sleutel een achtste
omwenteling rechtsom.
Ð Ontgrendel het portier met de por- tiergreep in het interieur (zie het
desbetreffende hoofdstuk).
Achterklep De achterklep is vergrendeld; raad-
pleeg een PEUGEOT-servicepunt.
Page 104 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL99
MOTORKAP OPENEN Binnenzijde:
Druk op de knop links
onder het dashboard. Buitenzijde: Druk de veiligheids-
haak omhoog en til de motorkap op. Motorkapsteun Bevestig de motorkapsteun om de motorkap geopend te houden. Plaats de motorkapsteun in de hou- der alvorens de motorkap te sluiten. Sluiten Laat de motorkap voorzichtig zakken en laat deze aan het einde van deslag in het slot vallen. Controleer ofde motorkap goed vergrendeld is. Waarschuwingsmelding"motorkap open" Als bij draaiende motor of tijdens het rijden de motorkap niet goed isgesloten, wordt u gewaarschuwddoor het knipperen van het verklik-kerlampje verplicht stoppen
"STOP"
in combinatie met een geluidssignaal
en het desbetreffende pictogram op
het multifunctionele display.
BRANDSTOF TANKEN
Te laag brandstofniveau
Als het brandstofniveau te laag is, gaat dit ver-klikkerlampje branden.
U kunt nog ongeveer 50 km metde resterende hoeveelheid brand-stof rijden. Als het verklikkerlampje knippert,geeft dit aan dat de brandstofmeterniet werkt.
Raadpleeg een PEUGEOT-service- punt. Het tanken dient met
afgezette
motor te geschieden
Open de brandstofvulklep.
Steek de sleutel in het slot en draai deze linksom.
Trek de tankdop uit de vulopeningen bevestig deze aan de haakaan de binnenzijde van de vul-klep.
Op een label aan de binnenzijde vande vulklep staat de voorgeschrevensoort brandstof aangegeven. Laat het vulpistool bij het aftanken van de auto nooit meer dan 3 keerautomatisch uitspringen. Indien ditwel gebeurt, kunnen er storingenoptreden. De inhoud van de brandstoftank
bedraagt ca. 60 liter. Vergrendel na het tanken de vul- dop en sluit de vulklep.
Page 106 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL103
AUTOMATISCH INSCHAKELEN
VAN DE VERLICHTING Het parkeerlicht en het dimlicht wor- den automatisch ingeschakeld als delichtsterkte van de omgeving onvol-doende is of als de ruitenwissersonafgebroken wissen. De verlichting wordt uitgeschakeld als de lichtsterkte van de omgevingweer voldoende is of de ruitenwis-sers worden uitgeschakeld. Bij de aflevering van de auto is deze functie ingeschakeld. In- of uitschakelen van de functie:
Ð Zet het contact in de stand acces-
soires (1 e
stand van de sleutel).
Ð Houd het uiteinde van de licht- schakelaar meer dan 4 seconden ingedrukt.
Opmerking: Bij mist of sneeuw kan
de lichtsensor voldoende licht waar-nemen en zullen de lichten niet auto-matisch worden ingeschakeld.
De lichtsensor, gekoppeld aan de
regensensor, bevindt zich in hetmidden van de voorruit, achter debinnenspiegel. Deze sensor regelt deautomatische verlichting. Controle van werking InschakelenBij het inschakelen van de functie is een geluidssignaal te horen en ver-schijnt de melding "
Automatische
verlichting aan" op het multifunctio-
nele display. Uitschakelen Bij het uitschakelen van de functie klinkt een geluidssignaal. Opmerking: De functie wordt tijdelijk
uitgeschakeld als de bestuurder de verlichting handmatig inschakelt. Bij een storing in de lichtsensor wordt de functie ingeschakeld (deverlichting gaat aan). De bestuurderwordt gewaarschuwd door eengeluidssignaal en de melding"Defect in automatische verlich-ting" op het multifunctionele display.
Raadpleeg een PEUGEOT-servicepuntom het systeem te laten controleren.
Richtingaanwijzers
Links: Omlaag.
Rechts: Omhoog.
Page 107 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL103
AUTOMATISCH INSCHAKELEN
VAN DE VERLICHTING Het parkeerlicht en het dimlicht wor- den automatisch ingeschakeld als delichtsterkte van de omgeving onvol-doende is of als de ruitenwissersonafgebroken wissen. De verlichting wordt uitgeschakeld als de lichtsterkte van de omgevingweer voldoende is of de ruitenwis-sers worden uitgeschakeld. Bij de aflevering van de auto is deze functie ingeschakeld. In- of uitschakelen van de functie:
Ð Zet het contact in de stand acces-
soires (1 e
stand van de sleutel).
Ð Houd het uiteinde van de licht- schakelaar meer dan 4 seconden ingedrukt.
Opmerking: Bij mist of sneeuw kan
de lichtsensor voldoende licht waar-nemen en zullen de lichten niet auto-matisch worden ingeschakeld.
De lichtsensor, gekoppeld aan de
regensensor, bevindt zich in hetmidden van de voorruit, achter debinnenspiegel. Deze sensor regelt deautomatische verlichting. Controle van werking InschakelenBij het inschakelen van de functie is een geluidssignaal te horen en ver-schijnt de melding "
Automatische
verlichting aan" op het multifunctio-
nele display. Uitschakelen Bij het uitschakelen van de functie klinkt een geluidssignaal. Opmerking: De functie wordt tijdelijk
uitgeschakeld als de bestuurder de verlichting handmatig inschakelt. Bij een storing in de lichtsensor wordt de functie ingeschakeld (deverlichting gaat aan). De bestuurderwordt gewaarschuwd door eengeluidssignaal en de melding"Defect in automatische verlich-ting" op het multifunctionele display.
Raadpleeg een PEUGEOT-servicepuntom het systeem te laten controleren.
Richtingaanwijzers
Links: Omlaag.
Rechts: Omhoog.
Page 109 of 171

22-09-2003
UW 307 CC IN DETAIL105
Automatische ruitenwissers In de stand
AUTOwerkt de ruiten-
wisser automatisch en wordt de
snelheid van de wissers aan de hoeveelheid neerslag aangepast.
Controle van werking InschakelenBij het inschakelen van de automa- tische ruitenwissers verschijnt demelding "Automatisch wissen
aan" op het multifunctionele dis-
play. Uitschakelen In het geval van een storing wordt de
bestuurder gewaarschuwd met een geluidssignaal en de melding "Storing
automatische ruitenwissers" op het
multifunctionele display. Als de schakelaar in de stand AUTO
staat werken de ruitenwissers in de intervalstand.
Raadpleeg een PEUGEOT-servicepuntom het systeem te laten controleren.
Dek de regensensor, opde voorruit achter debinnenspiegel, niet af. Zet het contact uit als de
auto gewassen wordt in een was- straat of controleer of de schakelaarniet in de stand voor automatischwissen staat.
Wacht 's winters met het inscha- kelen van het automatisch wissentot de voorruit ontdooid is.