ESP Peugeot 308 2014 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2014, Model line: 308, Model: Peugeot 308 2014Pages: 400, PDF Size: 10.15 MB
Page 282 of 400

280
Onderhoud
308_nl_Chap08_verifications_ed02-2013
Niveaus controleren
Let bij werkzaamheden onder de motorkap goed op, want bepaalde delen van de motor kunnen zeer heet zijn (kans op brandwonden) en de motorventilateur kan ieder moment aanslaan (zelfs bij afgezet contact).
Motorolieniveau
Het motorolieniveau kan bij aangezet contact worden gecontroleerd via de motorolieniveaumeter op het instrumentenpaneel, of met de oliepeilstok.
Olie ver versen
Raadpleeg het garantie- en onderhoudsboekje voor het verversingsinterval voor uw auto. Om een verminderde betrouwbaarheid van de motor en de emissieregeling te voorkomen, is het gebruik van additieven in de motorolie niet toegestaan.
Type motorolie
Gebruik de door de fabrikant aanbevolen motorolie voor uw auto en motoruitvoering.
Controleer deze niveaus regelmatig en respecteer de voor waarden zoals vermeld in het garantie- en onderhoudsboekje. Vul indien nodig bij, tenzij anders aangegeven. Laat in het geval van een sterk gedaald niveau het desbetreffende circuit controleren door het PEUGEOT-netwerk of door een gekwalificeerde werkplaats.
Oliepeilstok
2 merktekens op de peilstok:
A = maxi. Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats als het oliepeil boven dit merkteken uitkomt. B = mini. Het motorolieniveau moet via de vulopening worden bijgevuld met het voor de motor van uw auto voorgeschreven type motorolie. Laat het oliepeil nooit onder dit merkteken uitkomen.
De controle van het motorolieniveau is alleen betrouwbaar als de auto op een vlakke, horizontale ondergrond staat en de motor minstens 30 minuten niet heeft gedraaid. Het is normaal dat u tussen twee onderhoudsbeurten door olie moet bijvullen. PEUGEOT adviseert u om elke 5000 km het olieniveau te controleren en, indien nodig, olie bij te vullen. Na het bijvullen zal de olieniveaumeter op het dashboard bij het aanzetten van het contact na 30 minuten de juiste waarde aangeven.
Page 292 of 400

290
308_nl_Chap10a_BTA_ed02-2013
URGENCE-OPROEP OF ASSISTANCE-OPROEP
Druk in geval van nood langer dan 2 seconden op deze toets. Het knipperen van het groene ledlampje en een geluidssignaal bevestigen dat de oproep naar de alarmcentrale "Peugeot Connect SOS" is verstuurd * .
Het groene ledlampje blijft branden (zonder te knipperen) wanneer de v\
erbinding tot stand is gebracht. Aan het einde van het gesprek gaat het lampje uit.
Bij het aanzetten van het contact, gaat het groene lampje 3 seconden branden. Dit duidt op een goede werking van het systeem.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de aanvraag geannuleerd.
Dit wordt bevestigd door een gesproken bericht.
Druk langer dan 2 seconden op deze toets voor het aanvragen van hulp bij het stranden van de auto.
Een gesproken bericht bevestigt dat de oproep is verstuurd ** .
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de oproep geannuleerd. Het groene ledlampje dooft. De annulering wordt bevestigd met een gesproken bericht.
Om een oproep te annuleren kunt u ook de alarmcentrale "Peugeot Connect SOS" melden dat de oproep per vergissing werd verstuurd.
De alarmcentrale "Peugeot Connect SOS" lokaliseert onmiddellijk uw auto, neemt in uw landstaal contact met u op ** en roept indien nodig de hulp in van de bevoegde hulpdiensten ** . In landen waar de alarmcentrale niet operationeel is of wanneer de lokalisatie uitdrukkelijk is geweiger\
d, wordt de oproep meteen doorgestuurd naar de hulpdiensten (112), zonder lokalisatie.
Wanneer de elektronische eenheid airbags een botsing heeft waargenomen, wordt onafhankelijk van het eventueel afgaan van de airbags, automatisch een noodoproep gedaan.
* Afhankelijk van de algemene gebruiksvoorwaarden, die u bij uw verkooppun\
t kunt opvragen, en de technische beperkingen van het systeem.
Het oranje lampje knippert: er is een storing in het systeem.
Het oranje lampje blijft branden: de noodbatterij moet vervangen worden.
Raadpleeg in beide gevallen het PEUGEOT-netwerk.
Wanneer u uw auto buiten het PEUGEOT-netwerk hebt gekocht, raden wij u aan de aanwezigheid van deze diensten bij het netwerk te laten controleren en eventueel confi gureren. In een meertalig land kunt u het systeem laten confi gureren in de offi ciële landstaal van uw voorkeur.
Om technische redenenen, zoals het verbeteren van de diensten PEUGEOT CONNECT, behoudt de constructeur zich het recht voor om op elk willekeurig moment het telematicasysteem in de auto te wijzigen.
** Afhankelijk van de geografi sche dekking van "Peugeot Connect SOS" en "Peugeot Connect Assistance" en van de offi ciële landstaal die door ** Afhankelijk van de geografi sche dekking van "Peugeot Connect SOS" en "Peugeot Connect Assistance" en van de offi ciële landstaal die door ** Afhankelijk van de geografi sche dekking van "Peugeot Connect SOS"
de eigenaar van de auto is gekozen. De lijst van de landen waar het systeem werkzaam is en de lijst van beschikbare diensten PEUGEOT CONNECT kunt u bij uw verkooppunt De lijst van de landen waar het systeem werkzaam is en de lijst van beschikbare diensten PEUGEOT CONNECT kunt u bij uw verkooppunt De lijst van de landen waar het systeem werkzaam is en de lijst van
opvragen of op www.peugeot.nl bekijken. beschikbare diensten PEUGEOT CONNECT kunt u bij uw verkooppunt opvragen of op www.peugeot.nl bekijken. beschikbare diensten PEUGEOT CONNECT kunt u bij uw verkooppunt
Peugeot Connect SOS Peugeot Connect Assistance
Werking van het systeem
Page 299 of 400

03
297
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
STUURKOLOMSCHAKELAARS
- Indrukken: onderbreken/hervatten van de geluidsweergave.
- Volume verhogen.
- Volume verlagen.
- Indrukken: geluidsbron wijzigen: radio, media.
- Draaien.
Radio: automatische selectie van vorige/volgende zender.
Media: volgende/vorige track.
Menu's: verplaatsen.
- Indrukken.
Radio: naar opgeslagen voorkeuzezenders.
Menu’s: bevestigen.
Geluidsbron: bevestigen van de keuze.
- Binnenkomend gesprek: aannemen. - Tijdens een gesprek: Toegang tot het menu Telefoon (telefoonboek, logboek gesprekken). Toegang tot het menu Telefoon (telefoonboek, logboek gesprekken). Toegang tot het menu Telefoon
Gesprek beëindigen.
- Radio: weergave van de lijst met zenders.
Media: weergave van de lijst met albums/nummers.
Page 313 of 400

04
3 11
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
CD, MP3-CD, USB-speler
De autoradio speelt bestanden met de extensie "wma, .aac, .fl ac, .ogg, .mp3" met een bitrate van 32 kbps tot 320 kbps af.
Ook bestanden met een VBR (Variable Bit Rate) kunnen worden afgespeeld.
Geluidsbestanden met een andere extensie (.mp4, ...) kunnen niet worden afgespeeld.
WMA-bestanden moeten van het type WMA9 Standaard zijn.
De bemonsteringsfrequenties (sampling rates) zijn 11, 22, 44 en 48 kHz.
Gebruik voor bestandsnamen maximaal 20 karakters en vermijd speciale tekens (bijv.: " ", ?, ù) om problemen met het afspelen of de weergave te voorkomen.
Selecteer bij het branden van een CD-R of CD-RW de standaard ISO 9660 niveau 1, 2 of bij voorkeur Joliet om deze te kunnen afspelen.
Als de CD in een ander formaat is gebrand, kan het zijn dat deze niet goed wordt afgespeeld.
Het is raadzaam voor één CD niet meer dan één standaard voor\
het branden te gebruiken. Stel de laagst mogelijke snelheid in (maximaal 4 x) voor een optimale geluidskwaliteit.
Voor het branden van een multisessie-CD is het raadzaam de standaard Joliet te gebruiken.
Informatie en adviezen
Het systeem is geschikt voor externe USB-geluidsdragers, Blackberry's® of apparatuur van Apple® of apparatuur van Apple®® die op de USB-aansluiting in ® die op de USB-aansluiting in ®
het dashboardkastje (indien aanwezig) kunnen worden aangesloten (kabel niet meegeleverd).
U kunt deze apparatuur bedienen via de audio-installatie van de auto.
Andere randapparatuur, die bij het aansluiten niet door het systeem wordt herkend, moet met een kabel (niet meegeleverd) op de Jack-plug worden aangesloten.
Een USB-stick moet geformatteerd zijn naar FAT 16 of 32 om te kunnen worden afgespeeld.
MUZIEK
Als tegelijkertijd twee identieke apparaten zijn aangesloten (twee USB-sticks of twee Apple ® -spelers), werkt het systeem niet. Het is ® -spelers), werkt het systeem niet. Het is ®
wel mogelijk om tegelijkertijd een USB-stick en een Apple®-speler aan te sluiten.
Gebruik voor een goede werking bij voorkeur originele Apple ®
USB-kabels.
Page 332 of 400

05
330
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
Verkeersinformatie
Selecteer " Traffi c-berichten ".
Druk op Navigatie om de hoofdpagina weer te geven en druk vervolgens op de secundaire pagina.
Selecteer de melding in de weergegeven lijst.
Selecteer het vergrootglas om gesproken berichten te ontvangen.
Stel de fi lters " Op de route ", " Rondom ", " Op bestemming " in om een meer gedetailleerd overzicht van meldingen te krijgen.
Druk nogmaals op de knop om het fi lter ongedaan te maken.
Selecteer " Instellingen ".
Selecteer:
- " Nieuwe berichten melden ",
- " Berichten oplezen ",
Verfi jn vervolgens het gebied van het fi lter.
Druk op Navigatie om de hoofdpagina weer te geven en druk vervolgens op de secundaire pagina.
Weergave van berichten Filters instellen
Wij adviseren een fi ltergebied van:
- 20 km in de stad,
- 50 km op de snelweg.
Een TMC-bericht (Trafi c Message Channel) is informatie met betrekking tot het verkeer en het weer die in real time wordt ontvangen en doorgestuurd naar de bestuurder in de vorm van gesproken berichten en visuele waarschuwingen op de navigatiekaart.
Selecteer " Bevestigen ".
VERKEER
Selecteer " Info-optie ".
Page 337 of 400

05
335
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
Gesproken navigatieberichten
Volume / Straatnamen
Selecteer " Instellingen ".
Selecteer "Spraak". Selecteer " Bevestigen " om de wijzigingen op te slaan.
Druk op Navigatie om de hoofdpagina weer te geven en druk vervolgens op de secundaire pagina.
INSTELLINGEN
Selecteer " Spraakweergave " en/of " Mannenstem " en/of " Vrouwenstem " en/of " Spraakweergave straatnamen ".
Page 350 of 400

08
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
348
TELEFOON
Niveau 1Niveau 2Niveau 3
Contacten
Gesprekkenlijst
"Telefoon"
Hoofdpagina
Page 351 of 400

349
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
Niveau 1Niveau 2Niveau 3Aanwijzingen
Telefoon
Contacten
Adresbestanden
Bellen na de verschillende keuzes gemaakt te hebben.
Bestand aanmaken
Nieuw
Wijzigen
Verwijderen
Alles wissen
Contact zoeken
Bevestigen
Stop inlassen
Op naam
Bellen
Telefoon
Gesprekkenlijst
Alle oproepen
Bellen na de verschillende keuzes gemaakt te hebben.
Ontvangen oproepen
Verzonden oproepen
Contact
Vergrootglas Bestand raadplegen
Nieuw
Bellen
Page 353 of 400

351
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
Niveau 1Niveau 2Niveau 3Aanwijzingen
Telefoon
Secundaire pagina
Menu Bluetooth
Zoeken Externe apparatuur zoeken.
Loskoppelen De Bluetooth-verbinding van het geselecteerde externe apparaat beëindigen.
Bijwerken De contacten van de geselecteerde telefoon importeren om ze in de autoradio op te slaan.
Verwijderen De geselecteerde telefoon verwijderen.
Bevestigen De instellingen opslaan.
Telefoon
Secundaire pagina
Zoeken naar apparatuur
Profi el telefoon
Het zoeken naar externe apparatuur starten. Profi el streaming
Profi el internet
Telefoon
Secundaire pagina
Telefoonopties
In de wacht De microfoon tijdelijk uitschakelen zodat uw telefonische gesprekspartner het gesprek met de passagier niet kan horen.
Updaten De contacten van de geselecteerde telefoon importeren om ze in de autoradio op te slaan.
Keuze beltoon: De melodie en het volume van de beltoon kiezen als de telefoon overgaat.
Geheugenstatus Gebruikte en beschikbare items, percentage gebruik van intern telefoonboek en van de contacten via Bluetooth.
Bevestigen De instellingen opslaan.
Page 356 of 400

08
308_nl_Chap10c_SMEGplus_ed02-2013
Een gesprek aannemen
Als u gebeld wordt, klinkt een beltoon en verschijnt een pop-upvenster op het scherm.
Druk kort op de toets TEL op het stuur om het gesprek aan te nemen.
Houd de toets TEL op het stuur langer ingedrukt om het gesprek te weigeren.
of
Selecteer " Ophangen ".
Beheer van telefoonverbindingen
Druk op Telefoon om de hoofdpagina weer te geven en druk vervolgens op de secundaire pagina.
Selecteer " Bluetooth " om de lijst van gelinkte apparatuur weer te geven.
Selecteer de randapparatuur in de lijst.
Selecteer:
- " Zoeken " of " Verbreken " om via Bluetooth verbinding te maken met de randapparatuur of de verbinding te verbreken.
- " Verwijderen " om de koppeling te verwijderen.
BLUETOOTH
354
Met behulp van deze functie kan randapparatuur worden gekoppeld of losgekoppeld en kan randapparatuur uit de lijst van gelinkte randapparatuur worden verwijderd.