ESP Peugeot 308 CC 2011 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2011, Model line: 308 CC, Model: Peugeot 308 CC 2011Pages: 292, PDF Size: 17.07 MB
Page 235 of 292

233
03
Door de draaiknop OK in te drukken krijgt
u toegang tot de snelkeuzemenu's.
WEERGAVE AFHANKELIJK VAN DE CONTEXT
NAVIGATIE (TIJDENS NAVIGATIE):
Navigatie stoppen
Bericht herhalen
Alternatieve route
Route-informatie
Bestemming tonen
Tra
jectinformatie
Navi
gatiecriteria
Vermijdcriteria
A
antal satellieten
Kaart verplaatsen
Gespr. bericht
Navigatie-opties
1
2
3
3
2
1
1
1
3
1
1
2
TELEFOON:
Ophangen
In de wacht zetten
Bellen
DTMF-tonen
Privémodus
Micro ui
t
1
1
1
1
1
1
Page 244 of 292

242
04
5
6
3 2 1
4
NAVIGATIE-INSTELLINGEN
Selecteer "Instellen risicozones" voor
toegang tot de functies "Op kaart
weergeven", "Visuele waarschuwing" en "Akoestische waarschuwing".
Selecteer de functie "POI-categorieën op kaart" om de POI's
die standaard op de kaart worden
weer
gegeven in te stellen. Druk o
p de toets NAV.
Druk nogmaals op de toets NAV of selecteer de functie Menu "Navigatie" en druk op de draaiknop
om te bevestigen.
Selecteer de functie "Instellin
gen" en druk op de draaiknop om tebevestigen.POI-cate
gorieën op kaart
InstellingenInstellen risicozones
Menu "Navigatie"
NAVIGATIE
Selecteer de functie "Navigatievolume"en draai aan de draaiknop om het
volume van de verschillende gesproken
berichttypen (verkeersinformatie,
waarschuwingsmeldingen…) in te stellen.
Navigatievolume
Het volume van de POI-waarschuwingen kan alleen tijdens het
uitzenden ervan worden aangepast.
UPDATEN RISICOZONE-POI'S (radarinformatie)
Voor het updaten van risicozone-poi's is een SDHC-compatiblespeler (High Capacity) vereist.
Download het update-bestand via Internet (www.peugeot.fr of
www.peugeot.co.uk).
Open dit bestand en kopiëer de uitgepakte documenten naar
de map DATABASE op de SD-kaart, waarbij de bestaande
documenten worden vervangen.
Als het navigatiesysteem is ingeschakeld en de kaart op het display wordt weergegeven,
kunt u de spraakbediening in- of uitschakelen door op het knopje te drukken en
vervolgens "Gespr. instructie" te selecteren of deze selectie juist ongedaan te maken.
Gespr. instructie
Page 245 of 292

243
05
2 1
3
4
5
VERKEERSINFORMATIE
INSTELLEN VAN DE FILTERS EN DE
WEERGAVE VAN TMC-BERICHTEN
Selecteer vervolgens de gewenste straal van het fi lter (in km),
afhankelijk van de route, en bevestigdoor op de draaiknop te drukken.
W
anneer alle berichten over het
traject worden geselecteerd, wordt
aanbevolen een geografi sche
fi lter (over een straal van 5 km
bijvoorbeeld) toe te voegen omhet aantal berichten dat op dekaart verschijnt te verkleinen.Het geografi sch fi lter volgt de
verplaatsing van de auto.
De fi lters werken onafhankeli
jk van elkaar en cumulatief.
Het is raadzaam om een fi lter o
p de route en een fi lter rondom de auto in te schakelen van:
- 3 km o
f 5 km voor een gebied met een dicht wegennet,
- 10 km voor een
gebied met een normaal wegennet,
- 50 km voor lange trajecten
(autosnelweg).
Druk no
gmaals op de toets TRAFFICof selecteer het Menu Verkeer en druk op de draaiknop om te
bevestigen.Druk o
p de toets TRAFFIC.
Een TMC-bericht
(Trafi c Message Channel) is informatie met betrekking
tot het verkeer en het weer die in real time wordt ontvangen endoorgestuurd naar de bestuurder in de vorm van gesproken berichten en
visuele waarschuwingen op de navigatiekaart.
Het navigatiesysteem kan in dat geval een alternatieve route voorstellen.
Selecteer de functie "Geo
grafi sch
fi lter" en druk op de draaiknop om te
bevestigen.
Berichten op route
De lijst met TMC-berichten verschijnt onder Menu Verkeer op
volgorde van nabijheid.
Alleen waarsch.berichten op route
Menu Verkeer
Selecteer het
gewenste fi lter:
Alle waarschuwingsberichten
Alle berichten
De berichten verschijnen op de kaart enin de lijst.
Druk op E
SC om het fi lter uit te schakelen.
Geografi sch fi lter
Page 248 of 292

246
07MULTIMEDIASPELERS
CD, CD MET MP3- OF WMA-BESTANDEN
INFORMATIE EN TIPS
Selecteer bij het branden van een CD-R of CD-RW de standaardISO 9660 niveau 1, 2 of bij voorkeur Joliet om deze te kunnenafspelen.
Als de
CD in een ander formaat is gebrand, kan het zijn dat dezeniet goed wordt afgespeeld.
Het is raadzaam voor één
CD niet meer dan één standaard voor het branden te gebruiken. Stel de laagst mogelijke snelheid in (maximaal 4 x) voor een optimale geluidskwaliteit.
Voor het branden van een multisessie-
CD is het raadzaam de
standaard Joliet te gebruiken.
De Peugeot
Connect Nav speelt bestanden met de extensie ".mp3" en een bitrate van 8 tot 320 Kbps en bestanden met de extensie
".wma" en een bitrate van 5 tot 384 Kbps af.
Ook bestanden met een VBR (Variable Bit Rate) kunnen worden
afgespeeld.
Geluidsbestanden met een andere extensie
(.mp4, .m3u...) kunnen
niet worden afgespeeld. De
formaten MP3 (afkorting van MPEG 1, 2 & 2.5 Audio Layer 3)en WMA (afkorting van Windows Media Audio, eigendom vanMicrosoft) zijn standaarden voor het comprimeren van geluid die
de mogelijkheid bieden enkele tientallen nummers op één CD teplaatsen.
Gebruik voor bestandsnamen maximaal 20 karakters en verwi
jder speciale tekens (bijv.: " " ? ; ù) om problemen met het afspelen of de weergave te voorkomen.
Page 251 of 292

249
08
1
2
3
5 4
*
De beschikbaarheid van diensten hangt af van het gsm-netwerk, de
simkaart en de compatibiliteit van de gebruikte Bluetooth-apparatuur.Controleer in de gebruiksaanwijzing van uw telefoon en informeer bij uw
provider welke diensten voor u toegankelijk zijn.
BLUETOOTH-TELEFOON
KOPPELEN VAN EEN TELEFOON/
EERSTE KOPPELING
Het koppelen van de Bluetooth-telefoon aan de handsfree set
van de Peugeot Connect Nav mag om veiligheidsredenen en
vanwege het feit dat deze handeling de volledige aandacht van debestuurder vraagt, uitsluitend worden uitgevoerd bij stilstaande autoen met aangezet contact.
A
ctiveer de functie Bluetooth van uw telefoon encontroleer of deze "voor alle apparatuur zichtbaar"
is (zie de gebruiksaanwijzing van uw telefoon).Voer de toe
gangscode in met de telefoon. De in
te voeren code wordt weergegeven op het displayvan het systeem.
Bepaalde tele
foons worden automatisch elke keer
dat het contact wordt aangezet weer gekoppeld.
Er wordt een meldin
g weergegeven om de koppeling te bevestigen.
Dr
uk om een andere telefoon te
koppelen op de toets PHONE, selecteer vervolgens Menu "Telefoon" en druk op de draaiknopom te bevestigen.
Als de tele
foon is gekoppeld, kan de Peugeot Connect Nav
de contacten en de gesprekkenlijst synchroniseren. Deze
synchronisatie kan enkele minuten duren * . U kunt ook via de tele
foon de koppeling tot stand brengen (zie de gebruiksaanwijzing van de telefoon).
Ga voor meer informatie over bijvoorbeeld de compatibiliteit enextra ondersteuning naar www.peugeot.nl.
Druk op de toets PH
ONE.
Selecteer als de telefoon no
g niet gekoppeld is geweest "Telefoonzoeken" en druk op de draaiknop om
te bevestigen. Selecteer vervolgens de naam van de telefoon.
Telefoon zoeken
Page 252 of 292

250
08
1
2
4
3
*
De beschikbaarheid van diensten hangt af van het gsm-netwerk, desimkaart en de compatibiliteit van de gebruikte Bluetooth-apparatuur. Controleer in de gebruiksaanwijzing van uw telefoon en informeer bij uwprovider welke diensten voor u toegankelijk zijn.
BLUETOOTH-TELEFOON
KOPPELEN VAN EEN TELEFOON
Het koppelen van de Bluetooth-telefoon aan de handsfree-set
van de Peugeot Connect Nav mag om veiligheidsredenen en
vanwege het feit dat deze handeling de volledige aandacht van debestuurder vraagt, uitsluitend worden uitgevoerd bij stilstaande auto en met aangezet contact.
A
ctiveer de functie Bluetooth van uw telefoon en controleer of deze "voor alle apparatuur zichtbaar"
is (zie de gebruiksaanwijzing van uw telefoon).
De laatst
gekoppelde telefoon wordt automatisch
opnieuw gekoppeld.
Er wordt een meldin
g weergegeven om de kopeling te bevestigen.
Al
s er al een andere telefoongekoppeld is en deze koppeling moet
veranderd worden, druk dan op de
toets PHONE, selecteer vervolgens Menu "Telefoon" en druk op de draaiknop om te bevestigen.
Als de telefoon is gekoppeld, kan Peugeot Connect Navde contacten en de gesprekkenlijst synchroniseren. Deze synchronisatie kan enkele minuten duren *
.
De li
jst met eerder gekoppelde telefoons (maximaal 4) verschijnt op het multifunctionele display. Selecteer de gewenste telefoon om
deze opnieuw te koppelen.
Ga voor meer informatie over bijvoorbeeld de compatibiliteit enextra ondersteuning naar www.peugeot.nl.
Druk op de toets PH
ONE.
Selecteer "Telefoon koppelen". Selecteer de telefoon en druk op de
draaiknop om te bevestigen.
Telefoon koppelen
Page 253 of 292

251
08
1
3 2
2 1
Selecteer "Ja" om de oproep teaccepteren of "Nee" om de oproep
te weigeren en bevestig door op de draaiknop te drukken.
EEN OPROEP ONTVANGEN
BELLEN
Wanneer u gebeld wordt, klinkt een beltoon en verschijnt een pop-upvenster op het multifunctionele display.
Ja
Druk op de toets PHONE om hetgesprek te beëindigen of druk op de
draaiknop, selecteer "Gespr.beëind."
en
bevestig door op de draaiknop te drukken.
Ges
pr.beëind.
Druk op de toets PHONE.
Selecteer "Nummer bellen" en voer het nummer in met het toetsenbord
op het display.
Selecteer de functie Menu "Telefoon" en druk op de draaiknop om tebevestigen.
De lijst met de laatste
20 vanuit de auto gevoerde
telefoongesprekken verschijnt onder het Menu "Telefoon". U kunteen nummer selecteren en op de draaiknop drukken om naar ditnummer te bellen.
Nee
Het telefoonnummer kunt u ook kiezen uit het adresboek. Selecteer
daarvoor "Bellen vanuit adresboek". Met de Peugeot Connect
Nav kunnen maximaal 1000 records (telefoonnummers) worden opgeslagen.
Druk langer dan twee seconden op de toets op het stuurwiel om
het adresboek te openen.
Menu "Telefoon"
Nummer bellen
U kunt ook rechtstreeks bellen via de tele
foon; zet de auto in dat geval uit veiligheidsoverwegingen stil.
BLUETOOTH-TELEFOON
Druk op het uiteinde van de stuurkolomschakelaar om de oproep te accepteren of om het gesprek te
beëindigen.
Druk, om een nummer te wissen, op de toets PHONE en vervolgens lang op een telefoonnummer waarna de volgende keuze op het scherm verschijnt:
Vermelding wissen
Lijst wissen
Page 257 of 292

255
Geen veerboten
Route herberekenen
Instellin
gen
Volume gesproken berichten
POI's op kaart
Instellen risicozones
Op kaart weergeven
Visuele waarschuwin
g
Akoestische waarschuwing
3
2
4
3
3
3
4
4
4
Bellen vanuit adresboek
Menu "Telefoon"
Telefoon zoeken
Gesprekkenli
jsten
Telefoon koppelen
Beltoon selecteren
Volume beltoon instellen
Gekoppelde telefoons
Mailboxnummer invoeren
Instellingen Telefoon ontkoppelen
T
elefoon hernoemen
Koppeling verwijderen
Alle koppelingen verwijderen
Details weergeven
MENU "SETUP"
Taal *
English
Español
Deutsch
Italiano
Français
Nederlands
Polski
Portuguese
Datum en tijd *
Datum en tijd instellen
Datumformaat
Tijdformaat
1
2
2
2
2
3
3
4
4
4
4
4
2
3
3
3
1
2
3
3
3
3
3
3
3
3
3
3
3
2
Geen snelwegen Rekenin
g houden met verkeer
Zonder omleidin
g
Met bevestiging
Uitsluitingen
Geen tolwe
gen Compromis ti
jd / afstand
3
3
4
4
4
4
4
*
Beschikbaar volgens uitvoering.
Page 259 of 292

257
VEELGESTELDE VRAGEN
VRAAG ANTWOORD
OPLOSSING
Er is een verschil in geluidskwaliteit tussende verschillende
geluidsbronnen (radio, CD...). Voor een optimaal luister
genot kunt u de audio-instellingen (volume,bassen, hoge tonen, geluidssfeer, loudness) voor elke geluidsbronafzonderlijk instellen. Hierdoor kunnen bij het selecteren van een andere
geluidsbron (radio, CD...) verschillen in de geluidskwaliteit hoorbaar zijn. Controleer of de audio-instellin
gen (volume,
bassen, hoge tonen, geluidssfeer, loudness) zijn
afgestemd op de verschillende geluidsbronnen. Het is raadzaam de AUDIO-functies (bassen,hoge tonen, fader, balans) in de middelste stand
te zetten, de geluidssfeer Geen te selecteren en de functie Loudness in de stand "Actief" te zetten
als de CD-speler is geselecteerd en in de stand"Inactief" te zetten als de radio is geselecteerd.
D
e CD wordt steeds
uitgeworpen of kan niet
worden afgespeeld door
de CD-speler. De
CD is ondersteboven in de speler geplaatst, kan niet worden gelezen,bevat geen audiobestanden of bevat audiobestanden die niet door de autoradio gelezen kunnen worden.
De CD is voorzien van een beveili
gingssysteem dat niet door de autoradio wordt herkend.
- Controleer of de CD met de juiste zijde boven in de speler is geplaatst.
-
Controleer de staat van de CD: de CD kan niet
worden gelezen als deze te veel is beschadigd.
-
Controleer de inhoud van de CD als deze zelf is gebrand: raadpleeg de tips in het hoofdstuk "Audio".
- De
CD-speler van de autoradio kan geen DVD'safspelen.
- De kwaliteit van sommi
ge zelfgebrande CD's isonvoldoende om deze door de autoradio te laten afspelen.
De CD-speler levert een slechte geluidskwaliteit. De gebruikte CD is bekrast of van slechte kwaliteit. Gebruik alleen CD's van goede kwaliteit en berg
ze zorgvuldig op.
De audio-instellingen
(bassen, hoge tonen, geluidssfeer) zijn niet op de CD-speler afgestemd. Zet het niveau van de bassen of de hoge tonen op 0, zonder een geluidssfeer te selecteren.
Page 266 of 292

264
03HOOFDMENU
GELUIDSBRON: radio, CD, USB, externe apparatuur.
> MONOCHROOM DISPLAY C
Raadpleeg voor een compleet overzicht van de beschikbare menu's het gedeelte "Menustructuren" van dit hoofdstuk.
TELEFOON
: handsfree kit, koppelingen, gespreksbeheer.
DIAGNOSE AUTO
: logboek waarschuwingsmeldingen.
PERSOONLIJKE INSTELLING - CONFIGURATIE: parameters van deauto, weergave, talen.