reset Peugeot 508 2014 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2014, Model line: 508, Model: Peugeot 508 2014Pages: 352, PDF Size: 13.66 MB
Page 24 of 352

22
Controle tijdens het rijden
508_nl_Chap01_controle de marche_ed01-2014
Instrumentenpaneel benzine - diesel
1. Toerenteller (x 1000 t /min of rpm), schaalverdeling afhankelijk van de motoruitvoering (benzine of diesel). 2. Motorolietemperatuurmeter. 3. Brandstofniveaumeter. 4. Koelvloeistoftemperatuurmeter. 5. Snelheidsmeter (km/h of mph). 6. Aanwijzingen van de snelheidsregelaar of
de snelheidsbegrenzer. 7. Opschakelindicator (handgeschakelde versnellingsbak) of weergave positie selectiehendel (gestuurde
A. Dimmer verlichting. B. Weergave logboek waarschuwingsmeldingen. Informatie over het onderhoud. C. Resetten van de dagteller.
handgeschakelde versnellingsbak of automatische transmissie). 8. Display: waarschuwingsmeldingen, meldingen over de status van functies, boordcomputer. 9. Dagteller (km of miles). 10. Automatische ruitenwissers Onderhoudsindicator
(km of miles) vervolgens, kilometerteller. Beide functies worden achtereenvolgend weergegeven na het aanzetten van het contact.
Meters en displays Bedieningstoetsen
Page 38 of 352

36
Controle tijdens het rijden
508_nl_Chap01_controle de marche_ed01-2014
De afstand tot de eerstvolgende beurt is overschreden Als het contact wordt aangezet, gaat gedurende 5 seconden de sleutel knipperen om aan te geven dat de onderhoudswerkzaamheden zo spoedig mogelijk uitgevoerd moeten worden. Voorbeeld: u hebt de afstand tot de eerstvolgende mogelijk uitgevoerd moeten worden. u hebt de afstand tot de eerstvolgende mogelijk uitgevoerd moeten worden.
onderhoudsbeurt met 300 km overschreden. Als het contact wordt aangezet, geeft het display gedurende 5 seconden het volgende aan:
De factor tijd kan worden meegewogen bij de nog af te leggen kilometers, afhankelijk van de rijgewoonten van de bestuurder. De sleutel kan ook gaan branden als het interval van twee jaar is overschreden.
Als u na deze handeling de accu wilt loskoppelen, vergrendel dan de auto en wacht minimaal 5 minuten. Het op 0 zetten van de onderhoudsindicator zal
anders niet worden opgeslagen.
5 seconden na het aanzetten van het contact treedt de kilometerteller weer in werking en blijft de sleutel branden .
Op 0 zetten van de onderhoudsindicator
De onderhoudsindicator moet na elke onderhoudsbeurt op 0 gezet worden. Voer dit als volgt uit: zet het contact af, druk op de resetknop van de dagteller en houd deze ingedrukt, zet het contact aan; de kilometerteller begint terug te tellen, laat de knop los als het display "=0"aangeeft; de sleutel verdwijnt.
Opnieuw weergeven van de onderhoudsinformatie
U kunt op elk moment de onderhoudsinformatie weergeven. Druk op de knop voor nulstelling van de dagteller. De onderhoudsinformatie wordt enkele seconden weergegeven en verdwijnt vervolgens weer.
Page 41 of 352

1
39
Controle tijdens het rijden
508_nl_Chap01_controle de marche_ed01-2014
Traject resetten
Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats als tijdens het rijden de streepjes continu worden weergegeven.
Deze functie wordt alleen weergegeven bij snelheden vanaf 30 km/h.
Deze waarde kan variëren door een gewijzigde rijstijl of het rijden op een helling, waardoor het momentele brandstofverbruik aanzienlijk kan wijzigen.
Boordcomputer, enkele definities...
Actieradius
(km of miles) De actieradius geeft aan hoeveel kilometer u nog met de resterende hoeveelheid brandstof kunt rijden, berekend op basis van het gemiddelde verbruik over de laatste afgelegde kilometers.
Als de actieradius minder dan 30 km bedraagt, verschijnen streepjes op het display. Na het tanken van minimaal 5 liter brandstof wordt de actieradius opnieuw berekend en weergegeven als deze meer dan 100 km bedraagt.
Momenteel verbruik
(l/100 km, km/l of mpg) Dit is het gemiddelde brandstofverbruik over de laatste seconden.
Gemiddeld verbruik
(l/100 km, km/l of mpg) Dit is het gemiddelde verbruik sinds de laatste nulstelling van de boordcomputer.
Gemiddelde snelheid
(km/h of mph) Dit is de gemiddelde snelheid sinds de laatste nulstelling van de boordcomputer (contact aan).
Druk de toets langer dan twee seconden in zodra het gewenste traject wordt aangegeven of houd de linker draaiknop op het stuurwiel ingedrukt. De trajecten "1" en "2" zijn onafhankelijk en hebben dezelfde eigenschappen. Traject "1" kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor een dagelijks verbruik en traject "2" voor een maandelijks verbruik.
Page 58 of 352

56
Toegang tot de auto
508_nl_Chap02_ouvertures_ed01-2014
Resetten van de
ruitbediening
Neem bij het verlaten van de auto, zelfs voor een korte periode, altijd de sleutel uit het contact. Wanneer tijdens het bedienen van de ruit iets tussen de ruit en de sponning bekneld raakt, moet de ruit weer worden geopend. Druk daarvoor op de desbetreffende schakelaar. Wanneer de bestuurder de ruit aan passagierszijde bedient, moet deze ervan verzekerd zijn dat niets het correcte sluiten van de ruit verhindert. De bestuurder moet ervan verzekerd zijn dat de passagiers op de juiste manier gebruik maken van de elektrische ruitbediening. Zorg ervoor dat kinderen zich tijdens het bedienen van de ruit niet kunnen bezeren.
Als de accu is losgekoppeld geweest, moet de ruitbediening gereset worden. Tijdens deze handelingen is de beveiliging tegen beknellen uitgeschakeld: - open de ruit volledig en sluit de ruit. Telkens als de schakelaar omhoog wordt getrokken, sluit de ruit enkele centimeters. Laat de schakelaar los en trek hem opnieuw omhoog totdat de ruit volledig is gesloten, - houd de schakelaar na het sluiten nog minimaal 1 seconde vast.
Page 64 of 352

62
Toegang tot de auto
508_nl_Chap02_ouvertures_ed01-2014
Beveiliging tegen beknellen
Een beveiliging tegen beknellen zorgt ervoor dat het sluiten van het dak wordt onderbroken, zowel bij het schuiven als het kantelen. Als het tegen een obstakel stuit, gaat het gedeeltelijk weer open. Als het na een tweede poging nog niet lukt het dak te sluiten, kan het noodzakelijk zijn het systeem te resetten.
Systeem resetten
Na het opnieuw aansluiten van de accukabels of bij een storing in het zonnescherm tijdens het openen of sluiten, moet u het systeem soms resetten: draai de knop naar rechts om het dak te kantelen, wacht tot het dak volledig open gekanteld is, druk de draaiknop direct in en houd deze gedurende minimaal drie seconden ingedrukt.
Als het dak bij het sluiten ongewild opengaat, voer dan, zodra het dak ophoudt te bewegen, de volgende handelingen uit: - draai de knop in de stand "volledig sluiten", - druk de draaiknop direct in, - houd de draaiknop ingedrukt tot het dak volledig is gesloten. Tijdens deze handelingen werkt de beveiliging tegen het beknellen niet.
De bestuurder moet er voor zorgen dat de inzittenden het dak correct gebruiken. Let goed op de kinderen tijdens het openen en sluiten van het dak.
Page 65 of 352

2
63
Toegang tot de auto
508_nl_Chap02_ouvertures_ed01-2014
U hebt de beschikking over een panoramadak met getint glas, waardoor de lichtinval en het zicht in het interieur worden vergroot. Het elektrisch bedienbare zonnescherm zorgt voor een nog beter thermisch en akoestisch comfort in het interieur.
Dit is elektrisch te bedienen met behulp van een draaiknop.
Openen
Draai de knop linksom (meerdere standen zijn mogelijk).
Beveiliging tegen beknellen
Als het zonnescherm bij het sluiten tegen een obstakel stuit, stopt het automatisch en gaat het gedeeltelijk, tot de 2e stand, weer open. Als het na een tweede keer nog niet lukt, moet het systeem wellicht gereset worden.
Sluiten
Draai de knop terug in zijn oorspronkelijke stand. Als de stand van het scherm niet overeenkomt met de stand op de draaiknop, druk dan de knop in tot het scherm wel de juiste stand heeft bereikt.
Elektrisch bedienbaar
zonnescherm
Als er iets bekneld raakt tijdens het bedienen van het zonnescherm, moet u de beweging van het scherm omkeren.
Draai hiervoor de draaiknop in de juiste richting. Let er bij het bedienen van het zonnescherm op dat niets het correcte sluiten van het scherm kan verhinderen. Zorg ervoor dat de inzittenden het zonnescherm correct gebruiken. Let goed op de kinderen tijdens het openen en sluiten van het scherm.
Systeem resetten
Na het opnieuw aansluiten van de accukabels of bij een storing in het zonnescherm tijdens het openen of sluiten, moet u het systeem soms resetten: draai de draaiknop in de stand "volledig openen", wacht tot het zonnescherm volledig is geopend, druk de draaiknop direct in en houd deze gedurende minimaal drie seconden ingedrukt.
Als het zonnescherm bij het sluiten ongewild opengaat, voer dan, zodra het zonnescherm ophoudt te bewegen, de volgende handelingen uit: - draai de draaiknop in de stand "volledig sluiten", - druk de draaiknop direct in, - houd de draaiknop ingedrukt tot het zonnescherm volledig is gesloten. Tijdens deze handelingen werkt de beveiliging tegen het beknellen niet.
Panoramadak (SW)
Page 184 of 352

182
Praktische informatie
508_nl_Chap08_info pratiques_ed01-2014
Als na vijf tot zeven minuten de gewenste bandenspanning niet is bereikt, is de band niet te repareren met
de bandenreparatieset; neem contact op met het PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats om u verder te helpen.
Activeer de compressor door de schakelaar B in de stand "I" te zetten, tot de bandenspanning 2,0 bar bedraagt. Het afdichtmiddel wordt onder druk in de band gespoten; neem gedurende deze handeling de slang niet los van de aansluiting (kans op spatten).
Ver wijder de set en draai de dop van de witte slang vast. Zorg ervoor dat restanten van de vloeistof niet op of in de auto terecht kunnen komen. Houd de set binnen handbereik. Maak direct een rit van ongeveer vijf kilometer met matige snelheid (tussen 20 en 60 km/h), zodat het afdichtmiddel het lek kan dichten. Zet de auto stil en controleer de reparatie en de bandenspanning met de set.
Controlesysteem bandenspanning
Als uw auto is uitgerust met een controlesysteem voor de bandenspanning, zal het verklikkerlampje voor te lage bandenspanning na het repareren van een wiel blijven branden tot u het systeem laat resetten door het PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
Page 256 of 352

254
01
508_nl_Chap11c_RT6_ed01-2014
BASISFUNCTIES
Functie TA (verkeersinformatie) aan/uit.
Weergave van de lijst met ontvangen radiozenders, nummers of CD/MP3/Apple®-speellijsten.
Lang indrukken: beheer van de structuur van de MP3/WMA-bestanden/bijwerken van de lijst met ontvangen radiozenders.
Selecteren van de geluidsbron: CD, USB, AUX, Apple®-speler, Bluetooth Streaming, Radio.
Toegang tot de " Audio-instellingen ":klankkleur, bassen, hoge tonen, loudness, geluidsverdeling, balans links/rechts, balans voor/achter, snelheidsafhankelijke volumeregeling.
Annuleren van de bewerking, omhoog in de menustructuur.
Lang indrukken: terug naar de permanente weergave.
Selecteren van het golfbereik AM/FM.
Display uitschakelen.
Toets MODE : selecteren van het type permanente weergave.
Kort indrukken: onderbreken/herstellen van het geluid.
Ingedrukt houden: resetten van het systeem.
Kort indrukken: selecteren van een in het geheugen opgeslagen radiozender. Lang indrukken: de radiozender waar u op dat moment naar luistert opslaan als voorkeuzezender.
Selecteren: - van het vorige/volgende item in een lijst of in een menu. - van de vorige/volgende afspeellijst van de mediadrager. - stapsgewijs zoeken naar een radiozender met een hogere/lagere frequentie. - stapsgewijs zoeken naar een radiozender met een hogere/lagere frequentie. - stapsgewijs zoeken naar een radiozender met een
- van de vorige/volgende MP3-afspeellijst. De kaart omhoog/omlaag verplaatsen, met de functie " De kaart verplaatsen ".
Draaien: volumeregeling (voor elke geluidsbron afzonderlijk, inclusief de TA-meldingen en navigatie-aanwijzingen).
Selecteren:
- automatisch zoeken naar radiozenders in afl opende/oplopende volgorde.
- van het vorige/volgende nummer op de CD, MP3-bestand of mediabestand.
De kaart naar links/naar rechts verplaatsen in de stand " De kaart verplaatsen ".
Aan/uit.