airbag Peugeot Partner 2019 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2019, Model line: Partner, Model: Peugeot Partner 2019Pages: 312, PDF Size: 9.61 MB
Page 109 of 312

107
Houd tijdens het rijden het
dashboardkastje gesloten. Inzittenden
kunnen anders gewond raken bij een
ongeval of een noodstop.
Zijairbags
Activering
De zijairbags worden aan de desbetreffende
zijde opgeblazen bij een ernstige zijdelingse
aanrijding binnen (een gedeelte van) de
impactzone waarbij de krachten loodrecht op
de lengteas van de auto inwerken, vanaf de
buitenzijde richting de binnenzijde van de auto.
De zijairbag wordt opgeblazen tussen de buik
en het hoofd van de inzittende voorin en het
desbetreffende portierpaneel.
Activering
De zijairbags worden aan de desbetreffende
zijde opgeblazen bij een ernstige zijdelingse
aanrijding binnen (een gedeelte van) de
impactzone waarbij de krachten loodrecht op
de lengteas van de auto inwerken, vanaf de
buitenzijde richting de binnenzijde van de auto.
De window-airbag wordt opgeblazen tussen de
passagiers op de buitenste zitplaatsen en de
ruiten.
De kans bestaat dat de airbags bij een ernstige
aanrijding niet worden geactiveerd.
Bij een lichte zijdelingse aanrijding of
bij over de kop slaan kan het zijn dat de
airbags niet worden geactiveerd.
Bij een aanrijding van achteren of een
frontale aanrijding worden er geen
zijairbags geactiveerd.
Window-airbags
Indien uw auto is uitgerust met window-airbags,
helpen deze de inzittenden te beschermen
bij een ernstige zijdelingse aanrijding, om de
kans op letsel aan de zijkant van het hoofd te
verkleinen.
De window-airbags zijn aangebracht in de
stijlen en in de hemelbekleding.
Bij de tweezitsbank vóór is de passagier in
het midden niet beschermd.
Indien uw auto is uitgerust met zijairbags,
beschermen deze de bestuurder en de
voorpassagier bij een ernstige zijdelingse
aanrijding om de kans op letsel aan het
bovenlichaam, tussen de buik en het hoofd, te
verkleinen.
De zijairbags zijn aangebracht in het frame van
de rugleuning, aan de portierzijde.
5
Veiligheid
Page 110 of 312

108
Veiligheidsvoorschriften
Houd u aan de onderstaande
veiligheidsvoorschriften voor een
maximale effectiviteit van de airbags.
Ga normaal en rechtop zitten.
Draag altijd een correct afgestelde
veiligheidsgordel.
Zorg dat er zich niets bevindt tussen
de airbag en de inzittenden (kinderen,
huisdieren, objecten, enz.) en bevestig
niets in de buurt van de airbags of in het
gebied waar de airbags afgaan. Dit kan
de inzittende bij het afgaan van de airbag
verwonden.
Plaats geen voor werpen op het
dashboard.
Wijzig niets aan het oorspronkelijke
ontwerp van uw auto, vooral niet in de
directe omgeving van de airbags.
Laat na een aanrijding of diefstal van uw
auto de airbagsystemen controleren.
Werkzaamheden aan het airbagsysteem
mogen uitsluitend door het PEUGEOT-
netwerk of door een gekwalificeerde
werkplaats worden uitgevoerd.
Zelfs als alle bovenstaande voorschriften
worden nageleefd, blijft de kans bestaan
op letsel of lichte brandwonden aan het
hoofd, de borst of de armen als de airbag
wordt geactiveerd. De airbag wordt
namelijk zeer snel opgeblazen (binnen
enkele milliseconden) en loopt vervolgens
even snel leeg, waarbij de hete gassen via
de daar voor bestemde openingen naar
buiten stromen.Airbags vóór
Houd het stuur wiel niet aan de spaken
vast en laat uw handen niet op het
stuurwielkussen rusten.
De voorpassagier mag zijn of haar voeten
niet op het dashboard laten rusten.
Rook niet in de auto. Als de airbag wordt
opgeblazen, kunnen brandende sigaretten
of een pijp brandwonden of ander letsel
veroorzaken.
Ver wijder het stuur wiel nooit, maak geen
gaten in de stuur wielbekleding en sla er
niet op.
Bevestig geen voor werpen of stickers op
het stuur wiel of op het dashboard. Deze
kunnen bij het afgaan van de airbags
letsel veroorzaken.
Window-airbags
Bevestig nooit iets op of aan de
hemelbekleding; dit zou bij het afgaan
van de window-airbags kunnen leiden tot
hoofdletsel.
Demonteer nooit de handgrepen van het
dak (indien aanwezig); deze maken deel
uit van de bevestiging van de window-
airbags.
Zijairbags
Breng uitsluitend goedgekeurde
stoelhoezen aan die compatibel zijn
met zijairbags. Voor informatie over
stoelhoezen die geschikt zijn voor uw auto
kunt u zich wenden tot het PEUGEOT-
netwerk.
Bevestig nooit iets aan de rugleuning
van de stoelen (kleding...): dit zou bij het
afgaan van de zijairbags kunnen leiden tot
ver wondingen aan armen of de borstkas.
Ga niet onnodig dicht tegen het
portierpaneel zitten.
De portierpanelen van de voorportieren
bevatten de zijdelingse schoksensoren
van de auto.
Schade aan het portier of het uitvoeren
van werkzaamheden (wijzigingen of
reparaties) die niet aan de voorschriften
voldoen, kan ertoe leiden dat deze
sensoren niet meer goed werken – In dat
geval werken de zijairbags mogelijk niet!
Laat werkzaamheden aan de
voorportieren uitsluitend uitvoeren door
het PEUGEOT-netwerk of door een
gekwalificeerde werkplaats.
Veiligheid
Page 111 of 312

109
Algemene informatie met
betrekking tot kinderzitjes
De regelgeving met betrekking tot het
vervoer van kinderen zijn per land
verschillend. Raadpleeg de in uw land
geldende regels.
Volg voor een optimale veiligheid de volgende
adviezen op:
-
C
onform de Europese wetgeving dienen
kinderen jonger dan 12
jaar of kleiner
dan 1,50
m in gehomologeerde, aan
het lichaamsgewicht aangepaste
kinderzitjes op met veiligheidsgordels of
ISOFIX-bevestigingen uitgeruste plaatsen
te worden vervoerd
-
D
e veiligste plaats voor het ver voeren
van een kind is volgens de statistieken
een plaats op de achterbank van uw
auto.
-
K
inderen tot 9 kg moeten zowel voor-
als achterin met de rug in de rijrichting
worden vervoerd.
Het is raadzaam om kinderen op de
achterzitplaatsen van uw auto te
vervoeren:
-
t
ot 3 jaar "met de rug in de rijrichting ",
-
v
anaf 3 jaar "met het gezicht in de
rijrichting ".
Controleer of de veiligheidsgordel goed
gepositioneerd is en strak staat.
Controleer bij kinderzitjes met een steun
of deze steun stevig en stabiel op de vloer
staat.
Voorin: verstel indien nodig de
passagiersstoel.
Achterin: verstel indien nodig de
betreffende voorstoel.
Ver wijder de hoofdsteun en berg hem
op alvorens een kinderzitje met een
rugleuning te bevestigen op een zitplaats.
Plaats de hoofdsteun terug zodra het
kinderzitje is verwijderd.
Kinderzitje op de voorpassagiersstoel
Zet als een kinderzitje op de
voorpassagiersstoel is geplaatst, de stoel in
de hoogste stand en in de achterste stand
van de verstelling in lengterichting en zet
de rugleuning rechtop .
"Rug in de rijrichting"
De airbag vóór aan passagierszijde moet
zijn uitgeschakeld. Gebeurt dit niet, dan
kan het kind bij het afgaan van de
airbag levensgevaarlijk gewond raken .
"Gezicht in de rijrichting"
De airbag vóór aan passagierszijde moet
zijn ingeschakeld.
5
Veiligheid
Page 112 of 312

110
U moet zich houden aan het
volgende voorschrift, dat ook op de
waarschuwingssticker aan beide zijden van de
zonneklep aan passagierszijde is vermeld:
Uitschakelen airbag vóór
aan passagierszijde
F Zet het contact af en steek de sleutel in de schakelaar voor het uitschakelen van de airbag
vóór aan passagierszijde. De airbag is toegankelijk
vanaf de zijkant van het dashboardkastje als het
voorpassagiersportier is geopend.
F
D
raai deze in de stand OFF .
F
V
er wijder de sleutel zonder de stand van de
schakelaar te veranderen.
Bij het aanzetten van het
contact brandt dit lampje in het
pictogrammendisplay voor de
veiligheidsgordels. Het blijft branden
zolang de airbag is uitgeschakeld.Schakel bij uitvoeringen met
de Multi-Flex bank of een
dubbele cabine de airbag
vóór aan passagierszijde
uit wanneer u lange
voorwerpen vervoert.
Schakel voor de veiligheid van uw kind
de airbag vóór aan passagierszijde altijd
uit als u een kinderzitje "met de rug in de
rijrichting" op de voorstoel plaatst.
Anders kan het kind ernstig of fataal
gewond raken bij het afgaan van de
airbag.
Opnieuw inschakelen van de
airbag vóór aan passagierszijde
Als u het kinderzitje hebt ver wijderd, zet dan
met afgezet contact de schakelaar weer op
ON om de airbag opnieuw in te schakelen
en zo de veiligheid van de voorpassagier te
garanderen.
Storing
Als dit lampje op het instrumentenpaneel
gaat branden, neem dan altijd contact
op met het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats om het
systeem te laten controleren.
De kans bestaat dat de airbags bij een ernstige
aanrijding niet worden geactiveerd.
Plaats NOOIT een kinderzitje met de rug in de rijrichting op een zitplaats waar van de AIRBAG VÓÓR is INGESCHAKELD.
Bij het afgaan van de airbag kan het KIND
LEVENSGEVA ARLIJK GEWOND RAKEN.
Uitschakelen van de airbag
vóór aan passagierszijde
Waarschuwingssticker – Airbag vóór aan
passagierszijde
Veiligheid
Page 114 of 312

112
Bevestiging kinderzitjes met de veiligheidsgordel
Conform de Europese wetgeving geeft het overzicht de mogelijkheden weer met betrekking tot het bevestigen, met een veiligheidsgordel, van een
universeel gehomologeerd kinderzitje (c), gerangschikt naar gewicht van het kind en de plaats in de auto.
Gewicht van het kind en leeftijdsindicatie
Zitplaatsen < 13
kg
(groep
0 (b) en 0+)
Tot ongeveer 1
jaarVan 9 – 18
kg
(g r o e p 1)
Van 1 tot ongeveer 3
jaarVan 15 – 25
kg
(groep 2)
Van 3 tot ongeveer 6
jaarVan 22 – 36
kg
(groep 3)
Van 6 tot ongeveer 10
jaar
Cabine/1e zit r ij (a) Met individuele voorpassagiersstoel
/
Met bank, buitenste of middelste zitplaats Met
passagiersairbag uitgeschakeld "OFF" U
Met
passagiersairbag
ingeschakeld "ON" X
UF
Legenda
(a)
F R aadpleeg de wettelijke bepalingen
van uw land alvorens een kinderzitje
op deze plaats te bevestigen. (b)
F
G
roep 0: vanaf de geboorte tot 10 kg.
Reiswiegen en "autobedjes" mogen
niet op de voorpassagiersstoel worden
bevestigd.
(c) Universeel kinderzitje: kinderzitje dat in alle
auto's met de veiligheidsgordel kan worden
bevestigd. U
Zitplaats geschikt voor de bevestiging van
een universeel gehomologeerd kinderzitje
met een veiligheidsgordel, zowel "met de
rug in de rijrichting" als "met het gezicht in
de rijrichting".
UF Zitplaats geschikt voor de bevestiging van
een universeel gehomologeerd kinderzitje
met een veiligheidsgordel, met het "gezicht
in de rijrichting".
X Zitplaats die niet geschikt is voor het
plaatsen van een kinderzitje uit de
aangegeven gewichtsgroep.
Veiligheid
Page 115 of 312

113
Adviezen
Een onjuist bevestigd kinderzitje kan de
veiligheid van het kind in gevaar brengen
in het geval van een ongeval.
Controleer of er geen veiligheidsgordel of
gesp van de veiligheidsgordel onder het
kinderzitje zit; dat zou de stabiliteit van het
zitje in gevaar kunnen brengen.
Zorg ervoor dat de veiligheidsgordels
of het tuigje van het kinderzitje, zelfs bij
korte ritten, worden vastgemaakt waarbij
de speling ten opzichte van het lichaam
van het kind zoveel mogelijk moet worden
beperkt.
Zorg er bij het bevestigen van het
kinderzitje met de veiligheidsgordel voor
dat de veiligheidsgordel correct tegen het
kinderzitje is gespannen en dat de gordel
het kinderzitje stevig op zijn plaats houdt.
Schuif de passagiersstoel, wanneer deze
versteld kan worden, indien nodig naar
voren.
Verwijder de hoofdsteun alvorens
een kinderzitje met een rugleuning te
plaatsen op een passagiersstoel.
Berg de hoofdsteun zorgvuldig op om te
voorkomen dat de hoofdsteun door de
auto vliegt bij krachtig afremmen. Plaats
de hoofdsteun terug zodra het kinderzitje
is verwijderd.Kinderen voorin
Schakel de airbag vóór aan
passagierszijde uit zodra een kinderzitje
met de rug in de rijrichting op de
voorpassagiersstoel wordt geplaatst.
Anders kan het kind bij het afgaan van de
airbag levensgevaarlijk gewond raken.Plaatsen van een stoelverhoger
Het bovenste gedeelte van de
veiligheidsgordel moet over de schouder
van het kind liggen zonder de hals te
raken.
Controleer of de heupgordel goed over de
bovenbenen van het kind ligt.
We adviseren een stoelverhoger met
rugleuning te gebruiken voorzien van
een gordelgeleider ter hoogte van de
schouder.
Extra beveiliging
Gebruik de kinderbeveiliging om te
voorkomen dat de portieren en de
portierruiten achter per ongeluk geopend
worden.
Zorg er voor dat de achterzijruiten niet
verder dan voor 1/3 deel worden geopend.
Plaats zonneschermen op de zijruiten
achter om jonge kinderen tegen de zon te
beschermen.
Laat uit veiligheidsoverwegingen:
-
g
een kinderen zonder toezicht achter
in een auto,
-
n
ooit een kind of een dier in een auto
achter wanneer alle ruiten gesloten zijn
en de auto in de zon staat,
-
d
e sleutels nooit binnen bereik van de
kinderen achter in de auto.Kinderen achterin
Laat bij de achterzitplaatsen altijd voldoende
ruimte tussen de voorstoel en:
-
e
en kinderzitje dat met de rug in de
rijrichting wordt geplaatst,
-
d
e voeten van het kind wanneer het
kinderzitje met het gezicht in de rijrichting
wordt geplaatst.
Schuif daartoe de voorstoel naar voren en zet
de rugleuning er van, indien nodig, rechter op.
Voor een optimale bevestiging van het
kinderzitje met het gezicht in de rijrichting is
het noodzakelijk dat de afstand tussen de
rugleuning van het kinderzitje en de rugleuning
van de stoel van de auto zo klein mogelijk is.
5
Veiligheid
Page 301 of 312

219
AAanhangergewichten ............................................ 210
Aanhanger ....................................... 10 0, 115 -11 6 , 173
Aansluiten MirrorLink
.................................... 11 -12, 19
Aansluiting 220 V
.................................................... 66
Aansluiting 12 V
..................................
...............64-65
ABS
..................................
.......................................98
Accessoires ..................................................... 95, 120
Accu laden
............................................................ 205
Accu
............................................... 176, 181 , 203-206
Achterbank
..................................
............................63
Achterdeuren
..................................................... 42
- 43
Achterklep
......................................................... 42, 45
Achterlichten
..................................
.......................19 9
Achterportierruiten
.................................................. 5
6
Achterruitverwarming
........................................ 57, 79
Achteruitrijcamera
................................................. 163
Achteruitrijlicht
...................................................... 19 9
Actieradius AdBlue
® ................................................ 31
Ac
tieradius AdBlue
............................................ 31- 32
Active Safety Brake............................. 18 -19, 15 0 -152
Adaptieve cruise control met Stop- functie
.......................................... 13 6, 142-145 , 148
Adaptieve snelheidsregelaar
................................ 14
4
AdBlue
® bijvullen ................................... ................185
AdBlue®-reservoir ................................................. 185
AdBlue® .............................................. 23, 31, 183 -18 4
Advanced Grip Control .................................. 101-102
Afmetingen
............................................................ 208
Afstandsbediening
.............. 3
7- 3 9, 42, 44 , 47- 4 8 , 120
Afstellen van de koplamphoogte
............................91
Afzetten van de motor
.................................... 11 6, 11 9
Afzonderlijk massapunt
......................................... 178
Airbags vóór
.......................................... 10 6, 108 , 11 0
Airbags
.................
........................... 19, 10 6 , 108, 11 0
Airconditioning met gescheiden regeling
...............78
Airconditioning (handbediend)
...................75, 78 , 83
Airconditioning
........................................................ 75
Alarmknipperlichten
................................................ 97
A
larmsysteem
................................................... 53,
55
Algemeen menu
........................................................ 4
Allesdragers .......................................................... 17 7
Antiblokkeersysteem (ABS) ...............................97- 9 8
Antidiefstalsysteem/Startblokkering
..................... 12
0
Antispinregeling (ASR) ~ Antislipregeling
...........................20, 97- 9 9 , 101-102
Apple CarPlay verbinding
..................................12, 18
Apple
®-speler ................................................ 10, 9 , 26
Armsteun vóór ......................................................... 64
A
rmsteun
................................................................. 60
Audiokabel
.............................................................. 25
Automatische airconditioning met gescheiden regeling
........................................ 75 -76
Automatische airconditioning ~ Airconditioning, automatische ..............................83
Automatische ruitenwissers
........................26, 92 , 94
Automatische transmissie ~ Versnellingsbak, automatische
...11 6 , 125-132 , 182
Automatisch inschakelen alarmknipperlichten
....... 97
A
utomatisch inschakelen verlichting
.................86-88
Automatisch noodremsysteem
...........18 -19, 15 0 -152
AUX-aansluiting
.............................................. 8, 9 , 25
BBanden oppompen ............................................... 183
Bandenspanningscontrole (met set) ............. 18
9, 191
Bandenspanning te laag (detectie)
.......................167
Bandenspanning
............................ 183, 191 , 195 , 217
Banden
.................
................................................. 183
Batterij afstandsbediening vervangen ~ Afstandsbediening, batterij vervangen
................45
Batterij afstandsbediening ~ Afstandsbediening, batterij
....................... 4
5 - 47, 82
Bediening autoradio aan stuurkolom ~ Autoradio, bedieningen aan stuurkolom
..... 2-
3, 3 , 3
Bekerhouder
........................................................... 64
B
eladen
........................................................... 68, 17 7
Benzinemotor
.................................. 170, 178 , 211-212
Benzine .................................. .........................211-212
Bijvullen AdBlue® .................................................. 18 5
Binnenspiegel
......................................................... 58
BlueHDi
............................................................ 31, 187
Bluetooth-telefoon met spraakherkenning
.............14
Bluetooth-verbinding
.............. 11, 13 -15 , 21-22 , 27-2 8
Bluetooth (handsfree set)
............1 0 -11, 13 -14 , 27-2 8
Bluetooth (telefoon)
................................. 13 -15, 27-2 8
Bochtverlichting, statisch
................................... 90 -91
Bochtverlichting
...................................................... 90
Boordcomputer
.................................................. 33-35
Boordgereedschap
......................................... 187-188
Brandstofadditief
..................................
............21, 182
Brandstofniveaumeter
..................................... 171-172
Brandstof tanken
............................................ 170 -172
Brandstoftank leeg (diesel)
................................... 187
Brandstoftank
.......................................... 171, 171-172
Brandstofvuldop ~ Brandstoftankdop
............. 17
1-172
Brandstofvulklep ~ Brandstoftankklep
...........171-172
Brandstof
................................................................ 170
Buitenlandse reizen
................................................ 86
Buitenspiegels ............................... 57- 5 8, 79, 157-15 8
CCD-/MP3 speler .................................................. 9, 25
CD MP3 ........................................................... 9, 9 , 25
CD
................................................................... 9, 9 , 25
Centrale vergrendeling
.....................................38, 42
Claxon
..................................................................... 97
Configuratie van de auto
........................................ 29
C
ontact aangezet
.................................................. 120
Contact
..................................................... 11 9 -12 0, 29
Controlelampjes
...................................................... 14
Controle motorolieniveau ~ Motorolieniveau, controle
.....................................30
Controles
.................
................................178, 181-183
.
Trefwoordenregister
Page 305 of 312

223
TMC (verkeersinformatie) .......................................15
T oegang tot het reservewiel .................................192
Toevoer van buitenlucht ~ Luchttoevoer (bediening)
....................................................... 75 -77
Touchscreen
......................................................... 1, 1
Trailer Stability Management (TSM)
.....................10 0
Trekhaak
.......................... 10 0, 115 -11 6 , 173 -174 , 174
Tweepersoons voorbank
..........................61, 63 , 104
Tweezitsbank vóór
............................................. 61- 63
UUitgebreide verkeersbordherkenning ...................13 6
Uitneembaar luik ................................................ 70 -71
Uitschakelen airbag passagier ~ Passagiersairbag uitschakelen
...................10 6, 11 0
Uitschakelen ASR /DSC (ESP)
...............................99
USB-aansluiting
..................................
......65, 7, 9 , 25
USB-poort
........................................................ 7, 9 , 25
USB
.................................................................. 7, 9 , 25
VVeiligheidsgordels .............................15, 103 -105 , 111
Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen ~ Kinderen (veiligheidsvoorzieningen)
...10 6 , 1 0 9 -113
Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen .....10 6 , 1 0 9 -113Ventilatie .......................................... 75, 77 , 79 , 81, 83
Vergrendelen ............................................... 37, 42 , 47
Vergrendeling van binnenuit
.............................. 4
8-49
Verkeersinformatie (TA)
............................................ 5
Verkeersinformatie (TMC)
......................................15
Lampje airbags ~ Airbaglampjes
............................ 19
L
ampje handrem ~ Handremlampje
.......................14
Lampje laag brandstofniveau ~ Brandstofreservelampje
........................................ 17
L
ampje remsysteem ~ Remlampje .........................14
Lampje service ........................................................ 24
Lampjes ~ Controlelampjes .....................................13
Lampjes ~ Lampjes
...................................
.........13, 15
Lampjes (status) ~ Controlelampjes (status)
.......... 15
L
ampjes
.................
....................................... 15 -16, 85
Lampje veiligheidsgordel bestuurder niet vastgemaakt ~ Gordellampje
.............................104
Lampje veiligheidsgordels ~ Gordel (lampje)
....... 10
4
Lampje voorgloeien (diesel)
................................... 18
V
erlichting overdag ~ Dagrijverlichting
..... 85,
87, 198
Verlichting
............................................................... 85
Verversen
....................................................... 179 -18 0
Vervuiling van het roetfilter (diesel)
......................182
Verwarming
............................................ 75, 79 - 81 , 83
Volledig ontgrendeld
.......................................... 38-40
Voorgloeien (dieselmotor)
.......................................18
Voorruitverwarming
........................................... 78 -79
Voor stoelen
........................................................ 59-63
WWaarschuwing kans op aanrijding ...........18, 15 0 -151
Waarschuwing oplettendheid bestuurder .............159
Waarschuwingssignaal sleutel in contact
.............11 9
Waarschuwing vergeten verlichting
.......................86
Webbrowser
..................................
..........................21
Wiel demonteren
............................................ 193 -195
Wiel monteren
................................................ 193 -195
Wiel verwisselen
.................................... 188, 191-192
WiFi-netwerkverbinding
.......................................... 22
Window-airbags
..................................
....107-108 , 11 0
ZZekeringen vervangen ...................................201-203
Zekeringen ..................................................... 201-203
Zekeringkast motorruimte
.....................................203
Zij-airbags
...................................................... 10
7-108
Zijknipperlicht
........................................................ 197
12V- ac c u
............................................................... 203
.
Trefwoordenregister