cruise control TOYOTA MIRAI 2022 Instructieboekje (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: TOYOTA, Model Year: 2022, Model line: MIRAI, Model: TOYOTA MIRAI 2022Pages: 578, PDF Size: 99.29 MB
Page 254 of 578

252
Handleiding_Europa_M62060_nl
5-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
■Wijzigen van de instellingen van
de functie voor het verlagen van
de bochtensnelheid
De functie voor het verlagen van de
bochtensnelheid kan worden ingescha-
keld/uitgeschakeld en de mate van ver-
laging van de rijsnelheid kan worden
ingesteld m.b.v. ( →Blz. 112) op het
multi-informatiedisplay.
Elke keer dat de bedieningstoets van
het instrumentenpaneel wordt ingedrukt,
verandert de instelling.
Wanneer de constante-snelheidsregel-
modus is geselecteerd, blijft de auto
met een ingestelde snelheid rijden,
zonder de tussenafstand te regelen.
Selecteer deze modus alleen wanneer
de afstandsregelmodus niet goed werkt
als gevolg van een vuile radar.
1 Houd bij uitgeschakelde cruise con-
trol de cruise control-hoofdschake-
laar gedurende ten minste 1,5
seconden ingedrukt.
Direct nadat op de schakelaar is gedrukt,
gaat het controlelampje Dynamic Radar
Cruise Control branden. Vervolgens gaat het
controlelampje cruise control branden.
Overschakelen naar de constante-snel-
heidsregelmodus is al leen mogelijk als de
schakelaar wordt bediend terwijl de cruise
control uit staat.
2Accelereer of decelereer met behulp
van het gaspedaal naar de gewenste
rijsnelheid (ongeveer 30 km/h of
hoger) en druk op de schakelaar -
SET om de snelheid op te slaan.
Het controlelampje cruise control SET gaat
branden.
De rijsnelheid op het moment dat de schake-
laar wordt losgelaten, wordt de ingestelde
snelheid.
Wijzigen van de i ngestelde snelheid:
→ Blz. 249
Selecteren van de constante-
snelheidsregelmodus
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 252 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 255 of 578

253
5
Handleiding_Europa_M62060_nl
5-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
Rijden
Uitschakelen en hervatten van de ingestelde
snelheid: →Blz. 250
Wanneer deze functie is ingeschakeld
en het systeem in de afstandsregelmo-
dus (→Blz. 247) werkt en een verkeers-
bord met een snelheidslimiet wordt
gesignaleerd, wordt de herkende snel-
heidslimiet weergegeven met een pijl
omhoog/omlaag. De ingestelde snel-
heid kan tot de herkende snelheidsli-
miet worden verhoogd/verlaagd door
de schakelaar +RES/-SET ingedrukt te
houden.
Wanneer de op dat moment inge-
stelde snelheid lager is dan de her-
kende snelheidslimiet
Houd de schakelaar +RES ingedrukt.
Wanneer de op dat moment inge-
stelde snelheid hoger is dan de her-
kende snelheidslimiet
Houd de schakelaar -SET ingedrukt.
Dynamic Radar Cruise Control
met Road Sign Assist
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 253 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 256 of 578

254
Handleiding_Europa_M62060_nl
5-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
U kunt de Dynamic Radar Cruise Con-
trol met Road Sign Assist inschakelen/
uitschakelen via op het multi-infor-
matiedisplay.
Wanneer de Dynamic Radar Cruise
Control met Road Sign Assist in wer-
king is en u bergaf rijdt, overschrijdt de
rijsnelheid mogelijk de ingestelde snel-
heid.
In dit geval wordt de weergegeven
ingestelde rijsnelheid verlicht en klinkt
er een zoemer om de bestuurder te
waarschuwen.
■De Dynamic Radar Cruise Control met
volledig snelheidsbereik kan worden
gebruikt als
●Schakelstand D is geselecteerd.
●De gewenste snelheid kan worden inge-
steld wanneer de rijsnelheid ongeveer 30
km/h of hoger is.
(Als de snelheid echter wordt ingesteld ter-
wijl de rijsnelheid lager is dan ongeveer 30
km/h, wordt de snelheid ingesteld op onge-
veer 30 km/h.)
■Accelereren na het instellen van de rij-
snelheid
Bedien het gaspedaal om te accelereren. Na
het accelereren gaat de auto weer rijden met
de ingestelde snelheid. Als de afstandsregel-
modus is ingeschakeld, neemt de rijsnelheid
echter mogelijk af tot onder de ingestelde
snelheid, zodat de afstand tot de voorligger
gehandhaafd blijft.
■Als de auto stopt tijdens rijden met de
volgregeling
●Door op de schakelaar +RES te drukken
terwijl de voorligger stopt, wordt, als de
voorligger begint te rijden, binnen onge-
veer 3 seconden nadat op de schakelaar is
gedrukt het rijden met de volgregeling her-
vat.
●Als de voorligger binnen 3 seconden nadat
uw auto is gestopt begint te rijden, wordt
het rijden met de volgregeling hervat.
■Automatisch uitschakelen van de
afstandsregelmodus
De afstandsregelmodus wordt automatisch
uitgeschakeld in de volgende situaties.
●De VSC is geactiveerd.
●De TRC is gedurende een bepaalde peri-
ode geactiveerd.
●Wanneer de VSC of TRC wordt uitgescha-
keld.
●De sensor kan niet goed signaleren omdat
hij ergens door bedekt is.
●Wanneer de remregeling of de begren-
zingsregeling voor het vermogen van een
ondersteunend systeem in werking is. (Bij-
voorbeeld: Pre-Crash Safety-systeem,
wegrijregeling)
●De parkeerrem is geactiveerd.
●De auto wordt door het systeem stilgezet
op een steile helling.
●Als de auto door het systeem is stilgezet,
wordt het volgen van de voorligger in de
volgende gevallen niet hervat:
• De bestuurder draagt geen veiligheidsgor- del.
• Het bestuurdersportier wordt geopend.
• De auto staat langer dan 3 minuten stil.
●Als de functie Br-modus is geselecteerd.
Als de afstandsregelmodus om een andere
dan de hierboven genoemde redenen auto-
matisch uitgeschakeld wordt, kan er een sto-
ring in het systeem aanwezig zijn. Neem con-
tact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
■Automatisch uitschakelen van de con-
stante-snelheidsregelmodus
De constante-snelhei dsregelmodus wordt
automatisch uitgeschakeld in de volgende
situaties:
●Actuele rijsnelheid zakt tot meer dan onge-
veer 16 km/h onder de ingestelde rijsnel-
heid.
●Werkelijke rijsnelheid zakt onder ongeveer
30 km/h.
●De VSC is geactiveerd.
●De TRC is gedurende een bepaalde peri-
ode geactiveerd.
Inschakelen/uitschakelen
Dynamic Radar Cruise Control
met Road Sign Assist
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 254 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 257 of 578

255
5
Handleiding_Europa_M62060_nl
5-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
Rijden
●Wanneer de VSC of TRC wordt uitgescha-
keld.
●Wanneer de remregeling of de begren-
zingsregeling voor het vermogen van een
ondersteunend systeem in werking is. (Bij-
voorbeeld: Pre-Crash Safety-systeem,
wegrijregeling)
●Als de functie Br-modus is geselecteerd.
Als de constante-snelheidsregelmodus om
een andere dan de hierboven genoemde
redenen automatisch uitgeschakeld wordt,
kan er een storing in het systeem aanwezig
zijn. Neem contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uit-
geruste deskundige.
■Situaties waarin de functie voor verla-
ging van de bochtensnelheid mogelijk
niet werkt
In situaties zoals de onderstaande, werkt de
functie voor verlagi ng van de bochtensnel-
heid mogelijk niet:
●Wanneer met de auto in een flauwe bocht
wordt gereden
●Wanneer het gaspedaal wordt ingetrapt
●Wanneer met de auto in een zeer korte
bocht wordt gereden
■De Dynamic Radar Cruise Control met
Road Sign Assist werkt mogelijk niet
goed wanneer
De Dynamic Radar Cruise Control met Road
Sign Assist werkt mogelijk niet goed in situa-
ties waarbij de RSA mogelijk niet goed werkt
of niet goed signaleert ( →Blz. 243). Contro-
leer daarom, wanneer u deze functie
gebruikt, het weergegeven verkeersbord met
de snelheidslimiet.
In de onderstaande gevallen wordt de inge-
stelde snelheid mogelijk niet gewijzigd in de
herkende snelheidslimiet door het ingedrukt
houden van de schakelaar +RES/-SET:
●Als er geen informatie over de snelheidsli-
miet beschikbaar is
●Wanneer de herkende snelheidslimiet
gelijk is aan de ingestelde snelheid
●Wanneer de herkende snelheidslimiet bui-
ten het snelheidsbereik van het Dynamic
Radar Cruise Control-systeem ligt
■Werking van de remmen
Er kan een geluid van de remmen hoorbaar
zijn en de reactie van het rempedaal kan ver-
anderen, maar dit duidt niet op een storing.
■Waarschuwingsmeldingen en zoemers
voor de Dynamic Radar Cruise Control
met volledig snelheidsbereik
Waarschuwingsmeldingen en zoemers wor-
den gebruikt om een systeemstoring aan te
geven of om de bestuurder te informeren dat
hij tijdens het rijden extra moet opletten. Lees
de op het multi-informatiedisplay weergege-
ven waarschuwingsmelding en volg de aan-
wijzingen op. ( →Blz. 216, 433)
■Omstandigheden waarin de sensor
voorliggers mogelijk niet op de juiste
manier signaleert
Bedien in onderstaande gevallen en afhanke-
lijk van de omstandigheden het rempedaal
wanneer het systeem onvoldoende decele-
reert of bedien het gaspedaal wanneer moet
worden geaccelereerd.
Omdat de sensor deze voertuigen wellicht
niet op de juiste manier signaleert, wordt er
mogelijk geen naderingswaarschuwing
( → Blz. 251) gegeven.
●Auto's die plotseling voor u invoegen
●Auto's die met lage snelheden rijden
●Auto's die niet op dez elfde rijstrook rijden
●Voertuigen met een relatief kleine achter-
zijde (aanhangwagens zonder lading, enz.)
●Motorfietsen die op dezelfde rijstrook rijden
●Als door omringend verkeer opgeworpen
water of sneeuw de signalering door de
sensor hindert
●Als de achterzijde van de auto ver ingezakt
is (omdat er zware lading in de bagage-
ruimte vervoerd wordt, enz.)
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 255 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 295 of 578

293
5
Handleiding_Europa_M62060_nl
5-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
Rijden
Druk op de hoofdschakelaar van
Advanced Park.
Als de schakelaar wordt ingedrukt terwijl de
begeleiding is gestart, wordt de begeleiding
uitgeschakeld.
■Voorwaarden voor werking
De begeleiding zal starten als aan alle onder-
staande voorwaarden wordt voldaan:
●Het rempedaal is ingetrapt
●De auto staat stil
●De veiligheidsgordel van de bestuurder is
vastgemaakt
●Het stuurwiel wordt niet bediend
●Het gaspedaal wordt niet ingetrapt
●Alle portieren en de achterklep zijn gesloten
●De buitenspiegels zijn niet ingeklapt
●De parkeerrem is niet geactiveerd
●De Dynamic Radar Cruise Control met vol-
ledig snelheidsbereik is niet ingeschakeld
●Het ABS, de VSC, de TRC, het PCS en de
PKSB werken niet
●Niet op een steile helling
●Advanced Park is ingeschakeld
●De VSC en TRC zijn niet uitgeschakeld
Controleer of er op het multimedia-display
meldingen worden weergegeven als de
begeleiding niet kan worden gestart.
( → Blz. 309)
In- en uitschakelen van
Advanced ParkWAARSCHUWING
■Voor een juiste werking van Advanced
Park
●Gebruik Advanced Park niet in de vol-
gende situaties:
• Als u op andere plekken dan in gebrui- kelijke parkeervakken wilt parkeren
• Als de parkeerplaats is bedekt met zand of grind en er geen dui delijke belijning is
aangebracht
• Als het parkeervak ni et horizontaal is,
bijvoorbeeld op een helling, of als er
hoogteverschillen zijn
• Als het wegdek bevroren of glad is of is bedekt met sneeuw
• Als het extreem warm is en het asfalt zacht is geworden
• Als er zich een object bevindt tussen uw auto en de beoogde parkeerplaats of op
de beoogde parkeerplaats (binnen het
weergegeven blauwe vak)
• Als u zich in een gebied bevindt met veel voetgangers of voertuigen
• Als het parkeervak ni et geschikt is (te
smal of te kort voor uw auto)
• Als de beelden onduidel ijk zijn door vuil
of sneeuw op de cameralens, licht dat in
de camera schijnt of schaduwen
• Bij het gebruik van sneeuwkettingen
• Wanneer de achterklep niet geheel gesloten is
• Als iemand een arm uit het raam steekt
●Gebruik alleen de standaard banden-
maat, zoals die van de banden waar-
mee de auto af fabriek was uitgerust.
Anders werkt Advanced Park mogelijk
niet goed. Als de banden zijn vervan-
gen, wordt tevens mogelijk de positie
van de lijnen of het vak verkeerd weer-
gegeven op het scherm. Neem voor het
vervangen van de banden contact op
met een erkende Toyota-dealer of her-
steller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 293 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 436 of 578

434
Handleiding_Europa_M62060_nl
8-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
■Als “Stop Vehicle in a Safe Place Push
P Switch” (Breng de auto op een veilige
plaats tot stilstand. Druk schakelaar
stand P in.) wordt weergegeven
Er is mogelijk een storing aanwezig in het
brandstofcelsysteem of de selectiehendel
heeft lange tijd in stand N gestaan. Breng de
auto onmiddellijk tot stilstand en neem contact
op met een erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
■Als “Shift Out of N Release Accelerator
Before Shifting” (Zet selectiehendel in
andere stand dan N. Laat vóór het scha-
kelen het gaspedaal los) wordt weerge-
geven
Het gaspedaal wordt ingetrapt terwijl de
selectiehendel in stand N staat.
Laat het gaspedaal los en zet de selectiehen-
del in stand D of R.
■Als “Press brake when vehicle is stop-
ped FCV system may overheat” (Trap
rempedaal in wanneer auto stilstaat.
Brandstofcelsysteem is mogelijk over-
verhit) wordt weergegeven
De melding wordt mogelijk weergegeven
wanneer het gaspedaal wordt ingetrapt om
de auto op een helling op zijn plaats te hou-
den, enz. Het brandstofcelsysteem kan over-
verhit raken. Laat het gaspedaal los en trap
het rempedaal in.
■Als “Auto Power OFF to Conserve Bat-
tery” (Auto power off-functie ingescha-
keld om accu te sparen) wordt weerge-
geven
Het contact is UIT gezet door de automati-
sche power off-functie. Bedien de volgende
keer dat u het brandstofcelsysteem start het
brandstofcelsysteem gedurende ongeveer 5
minuten om de 12V-accu op te laden.
■Als “Headlight System Malfunction Visit
Your Dealer” (Storing in koplampsys-
teem. Ga naar uw dealer) wordt weerge-
geven
Er is mogelijk een storing in de onderstaande
systemen aanwezig. Laat de auto onmiddellijk
nakijken door een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
●De led-koplampen
●De automatische verticale koplampverstel-
ling
●AHS (Adaptive High Beam-systeem)
(indien aanwezig)
●AHB (Automatic High Beam) (indien aan-
wezig)
■Als “Radar Cruise Control Temporarily
Unavailable See Owner’s Manual”
(Dynamic Radar Cruise Control-sys-
teem tijdelijk niet beschikbaar, zie hand-
leiding) wordt weergegeven
De Dynamic Radar Cruise Control met volle-
dig snelheidsbereik word t tijdelijk uitgescha-
keld of tot het in de melding aangegeven pro-
bleem is opgelost. (Oorzaken en oplossin-
gen: → Blz. 216)
■Als “Radar Cruise Control Unavailable”
(Dynamic Radar Cruise Control-systeem
niet beschikbaar) wordt weergegeven
De Dynamic Radar Cruise Control met volle-
dig snelheidsbereik kan ti jdelijk niet gebruikt
worden. Gebruik het systeem wanneer dit
weer beschikbaar is.
■Als er een melding wordt weergegeven
dat er een storing in de camera voor
aanwezig is
De onderstaande systemen worden mogelijk
tijdelijk uitgeschakeld tot het in de melding
aangegeven probleem is opgelost.
( → Blz. 216, 423)
●PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
●LTA (Lane Tracing Assist)
●AHS (Adaptive High Beam-systeem)
(indien aanwezig)
●Automatic High Beam-systeem (indien
aanwezig)
●RSA (Road Sign Assist)
●Dynamic Radar Cruise Control met volle-
dig snelheidsbereik
■Als er een melding wordt weergegeven
dat er een storing in de radarsensor
aanwezig is
De onderstaande systemen worden mogelijk
tijdelijk uitgeschakeld tot het in de melding
aangegeven probleem is opgelost.
( → Blz. 216, 423)
●PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
●LTA (Lane Tracing Assist)
●Dynamic Radar Cruise Control met volle-
dig snelheidsbereik
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 434 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 482 of 578

480
Handleiding_Europa_M62060_nl
9-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
■LTA (Lane Tracing Assist) (→Blz. 229)
■RSA (Road Sign Assist) ( →Blz. 239)
*1: De RSA-functie wordt ingeschakeld wanneer het contact AAN wordt gezet.
*2: Als de snelheidslimiet met aanvullend teken wordt overschreden, werkt de waarschuwings-
zoemer niet.
■Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik ( →Blz. 244)
FunctiePersoonlijke voorkeursinstelling
Lane Centering-functieAan/uit—O—
Soort waarschuwingStuurwieltrilling/zoemer—O—
Gevoeligheid waarschuwingHoog/Standaard—O—
Waarschuwingsfunctie slinge-
ren autoAan/uit—O—
Gevoeligheid waarschuwing
voor slingerenHoog/Standaard/Laag—O—
FunctiePersoonlijke voorkeursinstelling
RSA (Road Sign Assist)*1Aan/uit—O—
Meldingsmethode snelheids-
overschrijding*2Geen melding/alleen display/display
en zoemer—O—
Meldingsniveau snelheids-
overschrijding2 km/h (1 mph)/5 km/h (3 mph)/10 km/h (5 mph)—O—
Meldingswijze inhaalverbodGeen melding/alleen display/display en stuurwieltrilling—O—
Andere meldingsmethode
(melding verboden in te rijden)Geen melding/alleen display/display en zoemer—O—
FunctiePersoonlijke voorkeursinstelling
Functie voor verlaging van de
bochtensnelheidHoog/laag/uit—O—
Dynamic Radar Cruise
Control met Road Sign AssistAan/uit—O—
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 480 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 495 of 578

493
Handleiding_Europa_M62060_nl
Alfabetische index
Batterijpakket (tractiebatterij) ............... 89
Bedieningstoetsen instrumentenpaneel........................... 113
Begeleiding milieubewust bedienen gaspedaal .......................... 115
Bekerhouders ....................................... 350
Bevestigingspunten bovenste gordel .... 62
Binnenspiegel ....................................... 153
Blind Spot Monitor (BSM) .................... 257
In-/uitschakelen van het systeem ...... 259
Blokkeerschakelaar ruitbediening ...... 168
Brake Assist .......................................... 321
Brandstof .............................................. 210 Brandstofmeter.................................. 108
Inhoud ............................................... 467
Soort.................................................. 467
Tanken ............................................... 210
Waarschuwingslampje ...................... 430
Brandstofcelauto .................................... 86 Als de brandstof opraakt ..................... 91
Beperking uitgangsvermogen ............. 92
Geluiden en trillingen .......................... 87
Het systeem starten .......................... 178
Laden van de tractiebatterij ................. 88
Omgaan met waterstofgas .................. 94
Onderhoud, reparatie, recycling
en afvoer ........................................... 87
Regeneratief remmen ......................... 88
Rijtips ................................................ 100
Servicestekkers ................................... 95
Startknop ........................................... 178
Ventilatieopeningen tractiebatterij ....... 99
Waarschuwingen voor het geval de auto bij een
ongeval betrokken raakt ................... 95
Waterstofgas ....................................... 93
Waterstofgerelateerde onderdelen ...... 89
Brandstofcelmodule
Afdekkap ruimte brandstofcelmodule ........................ 378
Motorruimte ....................................... 377
Brandstofcelpakket .......................... 86, 89 Afdekkap brandstofcelpakket ............ 379 Brandstofcelsysteem............................. 86
Akoestisch voertuig-waarschuwingssysteem ................... 88
Als het brandstofcelsysteem niet kan worden gestart .................. 447
Hoogspanningsonderdelen ................. 89
Oververhitting ................................... 460
Starten van het brandstofcelsysteem ...................... 178
Startknop .......................................... 178
Uitschakelsysteem voor noodgevallen .................................... 98
Uitstoot van water ............................. 195
Voorzorgsmaatregelen........................ 89
Brandstofmeter .................................... 108
Brandstofverbruik ................................ 114 Actueel brandstofverbruik ................. 114
Gemiddeld brandstofverbruik............ 114
BSM (Blind Spot Monitor) ................... 257 In-/uitschakelen van het systeem ..... 259
Buitenspiegels Afstellen ............................................ 164
BSM (Blind Spot Monitor) ................. 257
Buitenspiegelverwarming.................. 335
Geheugen spiegelverstelling ............ 147
Inklappen .......................................... 165
RCTA (Rear Crossing Traffic Alert) ... 271
Verwarming ....................................... 335
Buitentemperatuur ............................... 108
C
Claxon ................................................... 153
Condensor ............................................ 381
Consolevak ........................................... 351
Contact (startknop) .............................. 178
Controlelampje veiligheidsgordel ...... 430
Controlelampjes ................................... 106
Cruise control Dynamic Radar Cruise Control
met volledig snelheidsbereik .......... 244
Curtain airbags....................................... 39
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 493 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 496 of 578

494
Handleiding_Europa_M62060_nl
Alfabetische index
D
Dagrijverlichting ................................... 196
Dagtellers .............................................. 110
Dakfolie ................................................. 367
Dashboardkastje .................................. 350
Derde remlichtLampen vervangen ........................... 410
Digitale binnenspiegel ......................... 154
Dimmer dashboardverlichting ............ 110
Display Dynamic Radar Cruise Control
met volledig snelheidsbereik........... 244
Head-up display ................................ 120
LTA (Lane Tracing Assist) .................. 235
Multi-informatiedisplay ...................... 112
Parking Support Brake-functie (voor voetgangers die
achterlangs lopen) .......................... 289
RCD (Rear Camera Detection) ......... 277
Rear Camera Detection (RCD) ......... 277
Toyota Multi-Operation Touch............ 354
Toyota Parking Assist-sensor ............ 263
Toyota Teammate Advanced Park ..... 294
Waarschuwingsmelding .................... 433
Display bandenspanning ..................... 386
Draadloze lader..................................... 358
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik............ 244Naderingswaarschuwing ................... 251
Road Sign Assist (RSA) .................... 253
Waarschuwingsmelding .................... 255
Dynamic Radar Cruise
Control-systeem (Dynamic Radar
Cruise Control met volledig
snelheidsbereik) ................................ 244
E
eCall ........................................................ 67 Toets SOS........................................... 67
ECB (elektronisch geregeld remsysteem) ...................................... 321
Waarschuwingslampje ...................... 424
Eco Score ............................................. 115
Elektrisch bedienbaar zonnescherm ... 355
Bediening .......................................... 355
Elektrisch bedienbare ruiten Aan portierslot gekoppelde
werking ruiten ................................. 167
Bediening .......................................... 166
Blokkeerschakelaar ruitbediening ..... 168
Klembeveiliging................................. 166
Elektrische stuurbekrachtiging (EPS) ................................................... 322
Waarschuwingslampje ...................... 426
Elektromotor (tractiemotor) ............ 86, 89 Plaats .................................................. 89
Elektronisch geregeld remsysteem (ECB) .................................................. 321Waarschuwingslampje ...................... 424
Elektronische sleutel ........................... 130 Als de elektronische sleutel niet goed werkt ............................... 449
Batterij vervangen ............................. 403
Energiebesparende functie ............... 142
Energiemonitor .................................... 124
EPS (elektrische stuurbekrachtiging)........................... 322Waarschuwingslampje ...................... 426
Ergonomisch geheugen ...................... 147 Geheugenoproepfunctie ................... 149
Power Easy Access-systeem............ 147
Extended Headlight Lighting .............. 198
Extra opbergvakken............................. 351
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 494 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM
Page 498 of 578

496
Handleiding_Europa_M62060_nl
Alfabetische index
Koelsysteem ......................................... 379 Oververhitting .................................... 460
Oververhitting brandstofcelsysteem ... 460
Koelvloeistof ......................................... 379Controle ............................................. 379
Inhoud ............................................... 468
Voorbereidingen en controles bij rijden in de winter ....................... 328
Koelvloeistof brandstofcelpakket ....... 379
Controleren ....................................... 379
Voorbereidingen en controles bij rijden in de winter ....................... 328
Koelvloeistof inverter........................... 380 Controleren ....................................... 380
Koelvloeistof
vermogensregeleenheidRijden in de winter,
voorbereidingen en controles ......... 328
Koplampen Adaptive High Beam-systeem ........... 198
Automatic High Beam-systeem ......... 202
Extended Headlight Lighting ............. 198
Lampen vervangen ........................... 410
Lichtschakelaar ................................. 196
Krik Plaatsen van een garagekrik............. 376
L
Lading en bagage ................................. 176
LampenVervangen ......................................... 410
Lane Tracing Assist (LTA) .................... 229 Bediening .......................................... 229
Waarschuwingslampjes..................... 426
Waarschuwingsmeldingen ................ 238
Leeslampjes .......................................... 346
Lekke band............................................ 437 Bandenspannings-waarschuwingssysteem .................. 386
LTA (Lane Tracing Assist) .................... 229 Bediening .......................................... 229
Waarschuwingslampjes..................... 426
Waarschuwingsmeldingen ................ 238
Luchtreinigingsscherm........................ 124
M
Make-upspiegels .................................. 364
Make-upverlichting .............................. 364
Menu-iconen ......................................... 113
Meters ................................................... 108
Mistachterlicht Lampen vervangen ........................... 410
Schakelaar ........................................ 205
Wattage............................................. 471
Mistlamp Lampen vervangen ........................... 410
Schakelaar ........................................ 205
Motorkap ............................................... 375 Actieve motorkap ................................ 46
Openen ............................................. 375
Multi-informatiedisplay........................ 112 Aan audiosysteem
gekoppelde weergave .................... 116
Aan navigatiesysteem gekoppelde weergave .................... 116
Bandenspanning ....................... 117, 386
Bedieningstoetsen instrumentenpaneel ........................ 113
Begeleiding milieubewust bedienen gaspedaal ....................... 115
Brandstofverbruik.............................. 114
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik .......... 244
Eco Score ......................................... 115
Energiemonitor ................................. 124
Indicator brandstofcelsysteem .......... 114
Instellingen........................................ 117
LTA (Lane Tracing Assist) ................. 235
Luchtreinigingsscherm ...................... 124
Menu-iconen ..................................... 113
Suggestiefunctie ............................... 119
Toyota Parking Assist-sensor............ 263
Verbruiksscherm ............................... 124
Waarschuwingsmelding .................... 433
Weergave informatie
ondersteunend systeem ................. 116
Weergave rij-informatie ..................... 114
Weergave voertuiginformatie ............ 117
Wijzigen van de weergave ................ 113
MIRAI_OM_Europe_OM62060E.book Page 496 Thursday, July 15, 2021 1:59 PM