airbag CITROEN C5 2015 Instructieboekjes (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: CITROEN, Model Year: 2015, Model line: C5, Model: CITROEN C5 2015Pages: 344, PDF Size: 13.02 MB
Page 169 of 344

167
c5_nl_ chap06_securite_ed01-2014
Houd u aan de volgende
veiligheidsvoorschriften voor
een maximale effectiviteit van
de airbags:
Maak er een gewoonte van om normaal
rechtop in de voorstoelen te zitten.
Draag altijd een correct afgestelde
veiligheidsgordel.
Zorg dat er zich niets bevindt tussen
de airbag en de inzittenden (kinderen,
huisdieren, objecten...). Dit kan de goede
werking van de airbag belemmeren en/of
de inzittende bij het opblazen van de airbag
verwonden.
Laat na een aanrijding of diefstal van uw
auto de airbagsystemen controleren.
Werkzaamheden aan airbagsystemen
mogen uitsluitend door het
c
It
ro
Ën-
n
etwerk of door een gekwalificeerde
werkplaats worden uitgevoerd.
Zelfs als alle bovenstaande voorschriften
worden nageleefd, blijft de kans bestaan op
letsel of lichte brandwonden aan het hoofd,
de borst of de armen als de airbag wordt
geactiveerd. De airbag wordt namelijk zeer
snel opgeblazen (binnen enkele milliseconden)
en loopt vervolgens even snel leeg, waarbij
de warme gassen via de daarvoor bestemde
openingen naar buiten stromen.
Airbags vóór
Houd het stuur wiel niet aan de spaken vast en laat uw handen niet op het stuur wielkussen
rusten.
De voorpassagier mag zijn voeten niet op het dashboard laten rusten.
ro
ok niet in de auto. Als de airbag wordt opgeblazen, kunnen brandende sigaretten of een pijp
brandwonden of ander letsel veroorzaken.
Ver wijder het stuur wiel nooit, maak geen gaten in de stuur wielbekleding en sla er niet op.
be
vestig geen voor werpen of stickers op het stuur wiel of op het dashboard. Deze kunnen bij
het afgaan van de airbags letsel veroorzaken.
Zijairbags
bedek de stoelen uitsluitend met daarvoor goedgekeurde stoelhoezen, die in combinatie met
actieve zijairbags gebruikt kunnen worden. Voor informatie over de stoelhoezen die geschikt
zijn voor uw auto kunt u zich wenden tot het
c
It
ro
Ën-
netwerk.
ra
adpleeg de rubriek "Accessoires".
be
vestig nooit iets aan de rugleuning van de stoelen (kleding...): dit zou bij het afgaan van de
airbags kunnen leiden tot verwondingen aan armen of borstkas.
Ga niet onnodig dicht tegen het portierpaneel zitten.
Window-airbags
bevestig nooit iets op de hemelbekleding; dit zou bij het afgaan van de window-airbags
kunnen leiden tot hoofdletsel.
Demonteer nooit de handgrepen van het dak (indien aanwezig); deze maken deel uit van de
bevestiging van de window-airbags.
6
Veiligheid
Page 172 of 344

170
c5_nl_ chap07_securite-enfant_ed01-2014
"Met de rug in de rijrichting""Met het gezicht in de rijrichting"
kinderzitje op de passagiersstoel voor*
controleer of de veiligheidsgordel goed
strak staat.
co
ntroleer bij kinderzitjes met een
standaard of deze goed op de vloer
steunt. Verstel indien nodig de
passagiersstoel.
*
r
a
adpleeg de wetgeving in uw land voordat u
een kinderzitje op deze plaats bevestigt.
Wanneer een kinderzitje met de rug in de
rijrichting op de passagiersstoel voor
wordt
geplaatst, moet de stoel in de middelste stand
van de verstelling in lengterichting worden
geschoven, en in de hoogste stand en met de
rugleuning rechtop worden gezet.
De frontairbag aan passagierszijde moet
zijn uitgeschakeld. Gebeurt dit niet, dan
kan het kind bij het afgaan van de airbag
levensgevaarlijk gewond raken .Wanneer een kinderzitje met het gezicht in de
rijrichting op de passagiersstoel voor
wordt
geplaatst, moet de stoel in de middelste stand
van de verstelling in lengterichting worden
geschoven, en in de hoogste stand en met de
rugleuning rechtop worden gezet en mag de
frontairbag aan passagierszijde niet worden
uitgeschakeld. Passagiersstoel in de hoogste stand en in
de middelste stand van de verstelling in
lengterichting.
Veilig vervoeren van kinderen
Page 173 of 344

171
c5_nl_ chap07_securite-enfant_ed01-2014
Airbag aan passagierszijde OFF
Dit voorschrift wordt tevens vermeld op de
waarschuwingssticker aan beide zijden van de
zonneklep aan passagierszijde.
c
o
nform de
wettelijke voorschriften vindt u op de volgende
tabellen deze waarschuwing in alle benodigde
talen.
Plaats nooit een kind in een kinderzitje
"met de rug in de rijrichting" op de
voorpassagiersstoel als de airbag vóór
aan passagierszijde is ingeschakeld. Het
kind kan in dat geval bij een aanrijding
ernstig en zelfs dodelijk gewond raken.
ra
adpleeg de rubriek "Airbags" voor
meer informatie over het uitschakelen
van de airbag vóór aan passagierszijde.
uitschakelen van de airbag vóór aan passagierszijde
Deze sticker is op de middenstijl, aan
passagierszijde, aangebracht.
7
Veilig vervoeren van kinderen
Page 174 of 344

Ar
b G
НИКОГА НЕ инсталирайте детско столче на седалка с АКТИВИРАНА предна ВЪЗДУШНА ВЪЗГЛАВНИЦ А. Това може да причини С МЪРТ или СЕРИОЗНО НАРАНЯВАНЕ на детето.
csNIKDY neumisťujte dětské zádržné zařízení orientované směrem dozadu na sedadlo chráněné AKTIVOVANÝM čelním AIRBAGEM. Hrozí nebezpečí SMRTI DÍTĚTE nebo VÁ ŽNÉHO ZR ANĚNÍ.
DAbrug ALDrIG en bagudvendt barnestol på et sæde, der er beskyttet af en Ak tI V AIr bA G. bAr net risikerer at blive ALVo rL IGt kV
Æs tet eller DrÆb t.
DeMontieren sie auf einem si tz mit Ak tI VIe rteM F ront-Airbag nIeM ALs einen ki ndersitz oder eine ba byschale entgegen der Fahr trichtung,
das ki nd könnte schwere oder sogar tödliche Verletzungen erleiden.
eLΜη χρησιμοποιείτε ΠΟΤΕ παιδικό κάθισμα με την πλάτη του προς το εμπρός μέρος του αυτοκινήτου, σε μια θέση που προστατεύεται από ΜΕΤΩΠΙΚΟ αερόσακο που είναι ΕΝΕΡΓΟΣ. Αυτό μπορεί να έχει σαν συνέπεια το ΘΑΝΑΤΟ ή το ΣΟΒΑΡΟ ΤΡΑΥΜΑΤΙΣΜΟ του ΠΑΙΔΙΟΥ
enneVer use a rear ward facing child restraint on a seat protected by an Ac tI Ve AIr bA G in front of it, DeAtH o r serIo us In jurY t o the cH
ILD can occur
esno InstALAr nuncA u n sistema de retención para niños de espaldas al sentido de la marcha en un asiento protegido mediante un
AIRBAG frontal ACTIVADO, ya que podría causar lesiones GR AVES o incluso la MUERTE del niño.
etÄrge MItte kunA GI paigaldage "seljaga sõidusuunas" lapseistet juhi kõrvalistmele, mille esI turV APADI on Ak t IVe erI tuD . tu rvapadja
avanemine võib last tÕsIs eLt või eLu oHtL Ik uLt vigastada.
FIÄLÄ koskAAn aseta lapsen tur vaistuinta selkä ajosuuntaan istuimelle, jonka edessä suojana on käyttöön aktivoitu turV AtY YnY . se n
laukeaminen voi aiheuttaa LAPs en kuoLeM An tai VAkA VAn Lo ukkA An tuM Is en.
Frne jAMAIs installer de système de retenue pour enfants faisant face vers l’arrière sur un siège protégé par un coussIn Go nF LAbLe
frontal ACTIVÉ.
ce
la peut provoquer la M
o
rt de l’
e
n
F
A
n
t ou le b
Le
sser G
rA
V
eMe
nt
HrNIK ADA ne postavljati dječju sjedalicu leđima u smjeru vožnje na sjedalo zaštićeno UKLJUČENIM prednjim ZR AČNIM JASTUKOM. To bi moglo uzrokovati sMr t ili teŠk u o ZLj eDu djeteta.
HuSOHA ne használjon menetiránynak háttal beszerelt gyermekülést AKTIVÁLT (BEK APCSOLT) FRONTLÉGZSÁKK AL védett ülésen. Ez a gyermek HALÁLÁT vagy SÚLYOS SÉRÜLÉSÉT okozhatja.
Itnon installare MAI seggiolini per bambini posizionati in senso contrario a quello di marcia su un sedile protetto da un AIr bA G frontale
At tI VAt o. ci ò potrebbe provocare la Mo rte o Fe rIt e GrA VI al bambino.
LtNIEK ADA neįrenkite vaiko prilaikymo priemonės su atgal atgręžtu vaiku ant sėdynės, kuri saugoma VEIKIANČIOS priekinės ORO PAGALVĖS. Išsiskleidus oro pagalvei vaikas gali būti MIRTINAI arba SUNKIAI TR AUMUOTAS.
LVNEK AD NEuzstādiet uz aizmuguri vērstu bērnu sēdeklīti priekšējā pasažiera sēdvietā, kurā ir AKTIVIZĒTS priekšējais DROŠĪBAS GAISA
sP I LVe n s.
T
as var izraisīt BĒRNA NĀVI vai radīt NOPIETNUS IEVAINOJUMUS.
172
c5_nl_ chap07_securite-enfant_ed01-2014
Veilig vervoeren van kinderen
Page 175 of 344

MtQatt m’ghandek thalli tifel/tifla marbut f’siggu dahru lejn l-Airbag attiva, ghaliex tista’ tikkawza korriment serju jew anke mewt lit-tifel/tifla
nLPlaats nooIt een kinderzitje met de rug in de rijrichting op een zitplaats waar van de AIr bA G is InGe scH Ak eL D. bi j het afgaan van de
airbag kan het kInD LeVe nsGeV A ArL Ij k GeWo nD rAk en
noInstaller ALDrI et barnesete med ryggen mot kjøreretningen i et sete som er beskyttet med en frontal Ak tI Ve rt koL LIs jonsPu te, bAr
net risikerer å bli Dr ePt eller HArDt skA De t.
PLNIGDY nie instalować fotelika dziecięcego w pozycji "tyłem do kierunku jazdy" na siedzeniu wyposażonym w CZOŁOWĄ PODUSZKĘ POWIETR ZNĄ w stanie AKT Y WNYM. Może to doprowadzić do ŚMIERCI DZIECK A lub spowodować u niego POWA ŻNE OBR A ŻENIA
CI
AŁA.
PtnuncA instale um sistema de retenção para crianças de costas para a estrada num banco protegido por um AIr bA G frontal Ac tI VADo.
E sta instalação poderá provocar FERIMENTOS GR AVES ou a MORTE da CRIANÇA.
ronu instalati nIcIoDAtA u n sistem de retinere pentru copii, dispus cu spatele in directia de mers, pe un loc din vehicul protejat cu AIr bA G
frontal Ac tI VAt. A ceasta ar putea provoca MoAr teA coP ILuLuI s au rAnIr eA l ui GrA VA.
ruВО ВСЕХ СЛУЧА ЯХ ЗАПРЕЩАЕТСЯ использовать обращенное назад детское удерживающее устройство на сиденье, защищенном ФУНКЦИОНИРУЮЩЕЙ ПОДУШКОЙ БЕЗОПАСНОСТИ, установленной перед этим сиденьем.
Э
то может привести к
ГИБЕЛИ РЕБЕНК А или НАНЕСЕНИЮ ЕМУ СЕРЬЕЗНЫХ ТЕЛЕСНЫХ ПОВРЕЖ ДЕНИЙ
skNIKDY neinštalujte detské zádržné zariadenie orientované smerom dozadu na sedadlo chránené AKTIVOVANÝM čelným AIRBAGOM. Mohlo by dôjsť k SMRTEĽNÉMU alebo VÁ ŽNEMU POR ANENIU DIEŤAŤA.
sLNIKOLI ne nameščajte otroškega sedeža s hrbtom v smeri vožnje, če je VARNOSTNA BLA ZINA pred sprednjim sopotnikovim sedežem AKTIVIR ANA. Takšna namestitev lahko povzroči SMRT OTROK A ali HUDE POŠKODBE.
srNIK ADA ne koristite dečje sedište koje se okreće unazad na sedištu zaštićenim AKTIVNIM VA ZDUŠNIM JASTUKOM ispred njega, jer mogu nastupiti sMr t ili o ZbI Lj nA PoVr eDA De tetA .
sVPassagerarkrockkudden fram MÅste v ara avaktiverad om en bakåtvänd bilbarnstol installeras på denna plats. Annars riskerar barnet att
DÖDAs eller skA DAs ALLVArL IGt.
trKESİNLKLE HAVA YASTIĞI AKTİF olan ön koltuğa yüzü arkaya dönük bir çocuk koltuğu yerleştirmeyiniz. Bu ÇOCUĞUN ÖLMESİNE veya ÇOK AĞIR YAR ALANMASINA sebep olabilir.
173
c5_nl_ chap07_securite-enfant_ed01-2014
7
Veilig vervoeren van kinderen
Page 178 of 344

176
c5_nl_ chap07_securite-enfant_ed01-2014
(a) universeel kinderzitje: kinderzitje dat in alle
auto's met behulp van de veiligheidsgordel
geplaatst kan worden.
(b)
G
roep 0: vanaf de geboorte tot 10 kg. o
p
d
e voorpassagiersstoel kan geen reiswieg
of reisbedje worden geplaatst.
(c)
r
a
adpleeg de in uw land geldende
wetgeving voor het installeren van een
kinderzitje op deze plaats.
(d)
A
ls u een kinderzitje met de rug of met het
gezicht in de rijrichting op de zitplaats achter
bevestigt, schuif dan de voorstoel naar voren
en zet vervolgens de rugleuning rechtop
om voldoende ruimte over te laten voor het
kinderzitje en de benen van het kind. Ver wijder de hoofdsteun en berg
hem op alvorens een kinderzitje met
een rugleuning te bevestigen op een
passagiersstoel. Plaats de hoofdsteun
terug zodra het kinderzitje is verwijderd.
(e) A
ls een kinderzitje "met de rug in de
rijrichting" op de voorpassagiersstoel
is gemonteerd, moet de airbag vóór aan
passagierszijde zijn uitgeschakeld. Zo
niet, dan kan het kind bij een aanrijding
levensgevaarlijk gewond raken . Als
een kinderzitje "met het gezicht in de
rijrichting" op de voorpassagiersstoel
is gemonteerd, moet de airbag vóór aan
passagierszijde ingeschakeld blijven.
(f )
e
e
n kinderzitje met steun mag nooit op
de middelste zitplaats achter worden
bevestigd .
U:
Z
itplaats geschikt voor het met een
veiligheidsgordel bevestigen van een
universeel kinderzitje met de rug of het
gezicht in de rijrichting.
U (R):
Idem U, waarbij de stoel van de auto
in de laagste stand en in de middelste
stand van de verstelling in lengterichting
moet worden gezet.
Veilig vervoeren van kinderen
Page 179 of 344

177
c5_nl_ chap07_securite-enfant_ed01-2014
Adviezen voor kinderzitjes
Kinderen voorin
De regelgeving met betrekking tot
het vervoer van kinderen op de
voorpassagiersstoel verschilt per land.
ra
adpleeg de in uw land geldende regels.
sc
hakel de airbag aan passagierszijde
uit zodra een kinderzitje "met de rug in de
rijrichting" op de voorstoel wordt geplaatst.
Het kind kan anders bij het afgaan van de
airbag levensgevaarlijk gewond raken.
Plaatsen van een stoelverhoger
Het bovenste gedeelte van de
veiligheidsgordel moet over de schouder van
het kind liggen zonder de hals te raken.
co
ntroleer of de heupgordel goed over de
bovenbenen van het kind ligt.
cIt
ro
Ën
beveelt aan een stoelverhoger
met rugleuning te gebruiken voorzien
van een gordelgeleider ter hoogte van de
schouder.
Laat uit veiligheidsoverwegingen:
-
g
een kinderen zonder toezicht achter in
een auto,
-
n
ooit een kind of een dier in een auto
achter wanneer alle ruiten gesloten zijn
en de auto in de zon staat,
-
d
e sleutels nooit binnen bereik van de
kinderen achter in de auto.
Gebruik de kindersloten om te voorkomen
dat de portieren per ongeluk geopend
worden.
Zorg er voor dat de achterzijruiten niet verder
dan voor 1/3
deel geopend worden.
Plaats zonneschermen om uw jonge
kinderen tegen de zon te beschermen.
De onjuiste bevestiging van een kinderzitje
brengt de veiligheid van het kind in gevaar in
geval van een botsing.
co
ntroleer of er geen veiligheidsgordel of
gesp van de veiligheidsgordel onder het
kinderzitje zit: dat zou de stabiliteit van het
zitje in gevaar kunnen brengen.
Zorg ervoor dat de veiligheidsgordels of het
tuigje van het kinderzitje, zelfs bij korte ritten,
worden vastgemaakt waarbij de speling ten
opzichte van het lichaam van het kind zoveel
mogelijk moet worden beperkt.
Wanneer u een kinderzitje met de
veiligheidsgordel in de auto installeert, let er
dan wel op dat de gordel goed gespannen is;
het zitje moet namelijk strak aan de autostoel
zijn bevestigd.
s
c
huif de passagiersstoel,
wanneer deze versteld kan worden, indien
nodig naar voren.
Laat bij de achterzitplaatsen altijd voldoende
ruimte tussen de voorstoel en:
-
h
et kinderzitje "met de rug in de
rijrichting",
-
d
e voeten van het kind in het kinderzitje
"met het gezicht in de rijrichting".
sc
huif daartoe de voorstoel naar voren en
zet de rugleuning ervan, indien nodig, meer
rechtop. Voor een optimale bevestiging van het
kinderzitje "met het gezicht in de rijrichting"
is het noodzakelijk dat de afstand tussen
de rugleuning van het kinderzitje en de
rugleuning van de stoel van de auto zo
klein mogelijk is. Indien mogelijk dient de
rugleuning van het zitje de rugleuning van de
stoel van de auto te raken.
Voordat u een kinderzitje met rugleuning
op een passagiersstoel plaatst, moet u
de hoofdsteun van de desbetreffende
passagiersstoel verwijderen. Zorg ervoor
dat de hoofdsteun goed is opgeborgen
of vastgemaakt om te voorkomen dat de
hoofdsteun bij plotseling remmen een
gevaarlijk projectiel wordt.
Vergeet niet de hoofdsteun weer aan
te brengen nadat u het kinderzitje hebt
verwijderd.
7
Veilig vervoeren van kinderen
Page 215 of 344

213
c5_nl_ chap08_information_ed01-2014
Zekeringkast C
Zekeringnr.StroomsterkteFunctie
F1 15
A Achterruitenwisser (
tou
rer)
F2 30
A
re
lais vergrendeling en supervergrendeling
F3 5
A Airbags
F4 10
A Automatische versnellingsbak - Module extra verwarming (diesel) -
e
l
ektrochrome spiegels
F5 30
A
ru
itbediening voor -
s
c
huif-/kanteldak - Instapverlichting voorpassagier - Verstelling buitenspiegel aan passagierszijde
F6 30
A
ru
itbediening achter
F7 5
A Verlichting make-upspiegel - Verlichting dashboardkastje - Plafonniers - Zaklamp (
to
urer)
F8 20
A Autoradio -
c
D
-wisselaar -
b
e
dieningstoetsen op het stuurwiel - Display -
ba
ndenspanningcontrole - c
o
mputer
elektrisch bediende achterklep
F9 30
A Aansteker - 12V-aansluiting vóór
F10 15
A Alarm -
b
e
diening op het stuurwiel, verlichting en ruitenwissers
F11 15
A
co
ntactslot met circuit lage stroomsterkte
F12 15
A
elektrisch verstelbare bestuurdersstoel - Instrumentenpaneel - Waarschuwingslampjes niet-vastgemaakte veiligheidsgordels - be diening airconditioning
F135 Ab sM - ond erbrekingsrelais pomp hydraulische vering - Voeding van de airbagcomputer
F14 15
A
re
gen-/lichtsterktesensor - Parkeerhulp - e
l
ektrisch verstelbare passagiersstoel -Aanhangermodule - c
o
mputer
hifi-versterker - Handsfree kit - Lane Departure Warning
s
y
stem
F15 30
A
re
lais vergrendeling en supervergrendeling
F17 40
AAchterruitverwarming - Verwarmde buitenspiegels
FSH SHUNT
sHu
nt
t
ijdens opslag
8
Praktische informatie
Page 260 of 344

258
c5_nl_chap11a_btA_ed01-2014
URGENCE-OPROEP OF A SSISTANCE - OPROEP
Citroën Urgence-oproep met lokalisatiefunctie
Druk in geval van nood langer dan 2 seconden op deze
toets. Het knipperen van het groene L e D-lampje en een
geluidssignaal bevestigen dat de oproep naar de helpdesk
van "
u rgence" is verstuurd*.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de oproep
geannuleerd. Het groene L
e D-lampje dooft.
De oproep wordt ook geannuleerd door, op ieder willekeurig moment,
de toets langer dan 8
seconden in te drukken.
Citroën Assistance-oproep met lokalisatiefunctie
bij het aanzetten van het contact, gaat
het groene lampje 3 seconden branden.
Dit duidt op een goede werking van het
systeem.
Het oranje lampje knippert: er is een
storing in het systeem.
Het oranje lampje blijft branden: de
noodbatterij moet vervangen worden.
r
aadpleeg in beide gevallen het
c
I tro Ë n -netwerk.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de aanvraag geannule\
erd.
Dit wordt bevestigd door een gesproken bericht. Druk langer dan 2 seconden op deze toets voor het
aanvragen van hulp bij het stranden van de auto.
e
en gesproken bericht bevestigt dat de oproep is verstuurd*.
Werking van het systeemHet groene LeD-lampje blijft branden (zonder te knipperen) wanneer de
verbinding tot stand is gebracht. Aan het einde van het gesprek gaat het
lampje uit.
Deze oproep wordt beheerd door de helpdesk van
u rgence die de
informatie over de lokalisatie van de auto ontvangt en een waarschuwing \
kan
zenden naar de gekwalificeerde hulpdiensten. In landen waar de
alarmcentrale niet operationeel is of wanneer de lokalisatie uitdrukkeli\
jk is
geweigerd, wordt de oproep meteen doorgestuurd naar de hulpdiensten
(1
12), zonder lokalisatie. Wanneer de elektronische eenheid airbags een botsing heeft
waargenomen, wordt onafhankelijk van het eventueel afgaan van
de airbags, automatisch een noodoproep gedaan.
* Deze diensten zijn afhankelijk van bepaalde voorwaarden en beschikbaar\
heid.
raadpleeg het cItroËn-netwerk. W anneer u uw auto buiten het c I tro Ë n -netwerk hebt gekocht, raden
wij u aan de aanwezigheid van deze diensten bij het netwerk te laten
controleren en eventueel configureren. In een meertalig land kunt u het
systeem
laten configureren in de officiële landstaal van uw voorkeur.
o
m technische redenenen, zoals het verbeteren van de telematicadiensten
aan de klant, behoudt de constructeur zich het recht voor om op elk
willekeurig moment het telematicasysteem in de auto te wijzigen.
Indien u gebruik maakt van de dienst c I tro Ë n e t
ouch, beschikt u ook
over aanvullende diensten via uw persoonlijke pagina My
c I troen op de
c
I tro Ë n -internetsite voor uw land. s urf hiervoor naar www.citroen.com.
Page 334 of 344

332
c5_nl_ chap12_index-alpha_ed01-2014
Aanhanger ................................................... 222
Aanjager, regeling ................................... 69, 73
Aansluiting 12V
............................................. 89
Ab
s
m
et elektronische remdrukregelaar
.....15 6
Accessoires ................................................. 228
Accu
............................................ 216, 218, 239
Accu laden
.......................................... 216, 218
Achterbank
.................................................... 65
Achterruitverwarming
.............................69, 73
Achteruitrijcamera
....................................... 13 9
Achteruitrijlicht
....................................203, 205
Afmetingen
.................................................. 2
52
Afstandsbediening
............................39, 40, 43
Afstandsbediening, batterij
..................... 42
, 43
Afstandsbediening, batterij vervangen
.........42
Afstandsbediening synchroniseren
..............42
Afzetten van de motor
...................................97
Airbaglampjes
............................................... 32
Airbags
.......................................................... 32
Airbags vóór
...............................
.................167
Airconditioning
...............................
.........13, 6 8
Airconditioning met centrale regeling
...........69
Airconditioning met gescheiden regeling
.....73
Alarmknipperlichten
.................................... 15 4
Alarmsysteem
............................................... 44
Algemeen menu
...............................
.....16, 316
Allesdragers
................................................ 224
Allesdragers monteren
...............................224
Antiblokkeersysteem (A
b
s
) ........................15
6
Antislipregeling
..................................... 28, 157
Armleuning achter
......................................... 89
A
rmleuning vóór
...............................
.............88
Audio-aansluitingen
............................320, 322
Automatische ruitenwissers
................150, 152
cD M
P3 .......................................................319
cD
-/MP3 -speler
.........................................319
cen
trale vergrendeling
...........................40, 49
cHec
k
................
..........................................20
ci
troën Hulpoproep gelokaliseerd
..............258
ci
troën n
o
odoproep gelocaliseerd
............258
cl
axon
.........................................................155
co
nfiguratie van de auto ................34, 37, 326
co
ntact
..........................................................99
co
ntrolelampjes
...............................
.26, 31, 33
co
ntroles
.............................232, 233, 239, 241br
andstof .......................................13, 183, 185br
andstofaddititiefniveau ............................238
br
andstofniveaumeter
.................................18
3
br
andstofsysteem ontluchten
.....................18 6
br
andstoftank
......................................183, 18 4
br
andstoftankdop
........................................183
br
andstof tanken
..................................183 -185
br
andstoftank (inhoud)
...............................183
br
andstoftankklep
...............................183, 18 4
bra
ndstoftank leeg (diesel)
.........................18 6
br
andstoftanklep openen
...........................183
br
andstofverbruik
.........................................13
bu
itenspiegels............................................... 63
A
B
C
bagageafdekking ............................... ...........93bag
agenet voor hoge belading .....................94
bag
ageruimte
.......................................... 52, 53
bag
ageruimte, indeling
...........................91, 92
ba
gageruimte openen
..................................39
ba
nden
.......................................................... 13
ba
ndenreparatieset
.................................... 188
ban
denspanning
................................... 13, 25 6
ban
denspanning, detectie
.................. 12
4, 197
ban
denspanning te laag (detectie)
............. 12
4
ban
dreparatieset
........................................ 188
be
kerhouder
........................................... 88, 89
be
laden
......................................................... 13
b
enzinemotor
...................................... 185, 232
be
stuurdersplaats (instellingen)
...................61
bi
nnenspiegel
............................................... 64bl
uetooth (handsfree set)
................... 28
2, 323
b
luetooth (telefoon)
..................................... 282
bo
chtverlichting
................................... 14
7-149
bo
ordcomputer
....................................... 18, 19
br
ake Assist s
y
stem (
bAs)
........................15 6
Automatisch inschakelen
alarmknipperlichten
..................................
15 4
Automatisch inschakelen verlichting
..... 14
3, 146
Autoradio
.....................................
313, 315, 326
A
uX
-aansluiting
..................................
299, 322
Aux-aansluitingen
...............................
........
320
Aux-ingang
...............................
..
299, 320, 322
trefwoordenregister