dashboard FIAT PANDA 2018 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2018, Model line: PANDA, Model: FIAT PANDA 2018Pages: 240, PDF Size: 13.62 MB
Page 109 of 240

BELANGRIJK Wanneer de "Off
Road"-modus in werking treedt, wordt
het Start&Stop-systeem tijdelijk
uitgeschakeld. Tijdelijke deactivering
van het systeem schakelt de
overeenstemmende LED aan op de lijst
(op het centrale dashboard). Om de
Start&Stop-functie, met "Off
Road"-modus aan in werking te stellen,
druk op de
knop op de
dashboardslijst. Wanneer de "Off
Road"-modus wordt uitgeschakeld,
wordt het Start&Stop-systeem weer in
werking gesteld.
BELANGRIJK Wanneer de "Off
Road"-modus in werking treedt, wordt
het City Brake Control-systeem tijdelijk
uitgeschakeld. Tijdelijke deactivering
van het systeem resulteert in het
inschakelen van het
waarschuwingslampje op het
instrumentenpaneel. Wanneer de "Off
Road"-modus wordt uitgeschakeld,
wordt het City Brake Control-systeem
weer ingeschakeld.Uitschakelen
Om de "Off Road"-modus uit te
schakelen en terug te keren naar de
“Auto"-modus, draai de ringmoer naar
links en houd deze in deze een halve
seconde in deze positie. In dit geval
gaat de led van de modus “Auto”
branden en wordt de “Off
Road”-modus uitschakeling op het
scherm weergegeven.
BELANGRIJK Als “Off Road” of “Auto”
modus in werking was toen de motor
werd gestopt, treedt bij de volgende
keer starten de geselecteerde modus
opnieuw in werking.
FUNCTIE “GRAVITY
CONTROL”
Deze rijfunctie maakt een constante
voertuigsnelheid bij het bergafwaarts
rijden mogelijk.
Aan/Uit
Voor het inschakelen/uitschakelen van
de Gravity Control-functie, zie de
paragraaf “Actieve veiligheidssystemen”
in het hoofdstuk “Veiligheid”.MISLUKKING VAN HET
MODUSSELECTIE-
SYSTEEM
BELANGRIJK Bij een storing in het
systeem of een defect van de knop,
kunnen geen rijmodi worden gekozen.
Op het display verschijnt een
bijbehorend bericht.
BELANGRIJK In dit geval is het niet
raadzaam om bergafwaarts te rijden op
wegen met een steile helling, het
systeem kan de bestuurder op geen
enkele wijze helpen.
107
Page 111 of 240

ECO-FUNCTIE
(voor bepaalde versies/markten)
Druk op de ECO-knop fig. 87 om de
functie in te schakelen.
Wanneer de ECO-functie is
ingeschakeld, is het voertuig ingesteld
voor een rijstijl die gekenmerkt wordt
door een lager brandstofverbruik.
Wanneer de functie actief is, brandt de
LED op de knop.
Deze functie wordt opgeslagen:
wanneer het voertuig opnieuw wordt
gestart, behoudt het systeem de
instelling die het vóór het afzetten van
de motor had. Druk opnieuw op de
ECO-knop om de functie uit te
schakelen en de normale rij-instelling te
herstellen.
START&STOP-
SYSTEEM
125)126)
Het Start&Stop-systeem zet
automatisch de motor af wanneer het
voertuig stilstaat en start de motor
zodra de bestuurder weer wil gaan
rijden. Hierdoor neemt het verbruik, de
uitstoot van schadelijke gassen en
geluidsoverlast af.
BEDIENINGSWIJZE
Modus motor uitschakelen: bij
stilstaand voertuig, wordt de motor
afgezet als de versnellingspook in de
vrijstand staat en het koppelingspedaal
niet is ingetrapt.
OPMERKING De motor kan alleen
automatisch worden afgezet bij een
snelheid van meer dan 10 km/h, om
herhaaldelijk afzetten van de motor te
voorkomen wanneer erg traag wordt
gereden.
De motor opnieuw starten: trap het
koppelingspedaal in om de motor
weer te starten.HET SYSTEEM
HANDMATIG
INSCHAKELEN/
UITSCHAKELEN
Druk op de knop
fig. 88 op het
bedieningspaneel van het dashboard
om het systeem handmatig in of uit
te schakelen.
Led uit: systeem uitgeschakeld.
LED aan: systeem uitgeschakeld.
BELANGRIJK
125)Laat de accu alleen vervangen door
een dealer van het Fiat Servicenetwerk.
Vervang de accu door een exemplaar van
hetzelfde type (HEAVY DUTY) en met
dezelfde specificaties.
87F1D0140
88F1D0040
109
Page 126 of 240

BELANGRIJK
50)Raak alleen het metalen gedeelte van
halogeenlampen aan. Het aanraken van
de bol met de vingers kan de
lichtopbrengst en de levensduur van de
lamp reduceren. Als de lamp per ongeluk
toch wordt aangeraakt, moet hij worden
schoongewreven met een doekje
bevochtigd met alcohol en laat hem
vervolgens drogen.
51)Laat de lampen bij voorkeur vervangen
door het Fiat Servicenetwerk. De correcte
werking en regeling van de
buitenverlichting is van fundamenteel
belang voor de rijveiligheid en is bovendien
een wettelijke vereiste.
ZEKERINGEN
VERVANGEN
136) 137) 138) 139) 140) 141)
52)
ALGEMENE INFORMATIE
Om het vervangen van zekeringen te
vergemakkelijken, het tangetje
gebruiken dat in het deksel van de
zekeringenkast is vastgeklemd op de
linkerzijde van het dashboard.
ZEKERINGENKAST
MOTORRUIMTE
De zekeringenkast bevindt zich naast
de accu: voor toegang tot de
zekeringen, schroef A fig. 112
losdraaien en het deksel B optillen.Op het deksel zijn de
identificatienummers van de elektrische
onderdelen die met de zekeringen
overeenkomen aangegeven. Monteer,
na het vervangen van de zekering,
het deksel B weer op de
zekeringenkast.
ZEKERINGENKAST
DASHBOARD
De zekeringenkast fig. 113 bevindt zich
aan de linkerkant van de stuurkolom
en de zekeringen zijn gemakkelijk
bereikbaar via het onderste deel van
het dashboard.
112F1D0091
113F1D0093
124
NOODGEVALLEN
Page 128 of 240

ZEKERINGENKAST DASHBOARD
fig. 113
GEBRUIKERS ZEKERING AMPÈRE
+15(*) hoogteregeling koplampenF13 5
+15
(*) Bediening via ingeschakeld contactslot met
blokkering tijdens starten van motorF31 5
+30
(**)F36 10
+15
(*) rempedaalschakelaar (NO)F37 7,5
Centrale portiervergrendeling F38 20
Tweeweg-ruitensproeierpomp F43 20
Elektrische ruitbediening voor (bestuurderszijde) F47 20
Elektrische ruitbediening voor (passagierszijde) F48 20
+15
(*)F49 7,5
+15
(*)F50 7,5
+15
(*)F51 5
+30
(**)F53 7,5
(*)+15 = pluspool via ingeschakeld contact
(**)+30 = pluspool accu (niet via ingeschakeld contact)
126
NOODGEVALLEN
Page 133 of 240

BELANGRIJK
53)Zorg voor voldoende werkruimte bij het
opkrikken om schaafwonden aan uw
hand door contact met de grond te
voorkomen. Ook de bewegende delen van
de krik ("wormschroef" en gewrichten)
kunnen verwondingen veroorzaken: raak
deze delen niet aan. In geval van
accidenteel contact met smeervet, het
betreffende deel zorgvuldig schoonmaken.
54)Neem zo snel mogelijk contact op
met het Fiat Servicenetwerk om het
correcte aanhaalkoppel van de wielbouten
te laten controleren.
Fix&Go-kit
147) 148)
55)
BESCHRIJVING
De Fix&Go snelle bandenreparatiekit fig.
119 bevindt zich in de bagageruimte,
in een specifieke doos, en omvat:
een busje A met afdichtmiddel,
voorzien van: een transparante
vulleiding voor het inspuiten van het
afdichtmiddel D en een sticker C met
daarop het opschrift “Max. 80 km/h”
die na reparatie van de band op een
goed zichtbare plaats moet worden
aangebracht (bijv. op het dashboard);
een compressor B;
een folder met aanwijzingen voor het
gebruik van de kit;
een paar handschoenen in het
compartiment van de vulleiding van het
busje D.REPARATIEPROCEDURE
Ga als volgt te werk:
stop de auto op een plek die niet
gevaarlijk is voor het verkeer en waar
de procedure op veilige wijze
uitgevoerd kan worden. De grond moet
zo mogelijk vlak en voldoende compact
zijn;
zet de motor af, schakel de
noodknipperlichten en de parkeerrem
in;
trek het reflecterende veiligheidsvest
aan voordat u uit de auto stapt (houd
u in elk geval aan de wettelijke
voorschriften van het land waarin u
rijdt);
plaats het busje A met afdichtmiddel
in de daarvoor bestemde ruimte in de
compressor B en druk het hard omlaag
fig. 119. Verwijder de sticker met de
indicatie van de snelheid C en plak
deze op een zichtbare plaats (fig. 123).
doe de handschoenen aan;
119F1D0709
131
Page 142 of 240

GEPROGRAMMEERD ONDERHOUDSSCHEMA (benzineversies)
WAARSCHUWING: Wanneer u de laatste reparatie uit de tabel hebt uitgevoerd, moet u verder gaan met het geprogrammeerde
onderhoud. Volg daarbij de in het schema vermelde termijnen en plaats bij elke reparatie een punt of een opmerking.
Waarschuwing: als het onderhoud gewoon vanaf het begin wordt hervat, kan de voor sommige werkzaamheden geldende
interval verstrijken.
km x 1000 15 30 45 60 75 90 105 120 135 150
Jaren12345678910
Conditie/slijtage banden controleren en bandendruk,
indien nodig, herstellen; vervaldatum van de "Fix&Go"
reparatiekit kit controleren (voor bepaalde versies/markten)
Werking verlichtingssysteem (koplampen,
richtingaanwijzers, alarmknipperlichten, bagageruimte,
interieur, dashboardkastje, lampjes instrumentenpaneel,
enz.) controleren
De vloeistofpeilen controleren en eventueel bijvullen (1)
Uitlaatgasemissie/roetuitstoot controleren
De diagnosestekker gebruiken om de werking van het
brandstoftoevoer-/motormanagementsysteem en de
emissie te controleren; en voor bepaalde versies/markten,
de verslechtering van de motorolie
(1) Gebruik voor het bijvullen altijd uitsluitend de in het instructieboek vermelde vloeistoffen en controleer het systeem eerst op schade.
140
ONDERHOUD EN ZORG
Page 148 of 240

DIESELVERSIES
WAARSCHUWING: Wanneer u de laatste reparatie uit de tabel hebt uitgevoerd, moet u verder gaan met het geprogrammeerde
onderhoud. Volg daarbij de in het schema vermelde termijnen en plaats bij elke reparatie een punt of een opmerking.
Waarschuwing: als het onderhoud gewoon vanaf het begin wordt hervat, kan de voor sommige werkzaamheden geldende
interval verstrijken.
km x 1000 20 40 60 80 100 120 140 160 180 200
Jaren12345678910
Conditie/slijtage banden controleren en bandendruk,
indien nodig, herstellen; vervaldatum van de "Fix&Go"
reparatiekit kit controleren (voor bepaalde versies/markten)
Werking verlichtingssysteem (koplampen,
richtingaanwijzers, alarmknipperlichten, bagageruimte,
interieur, dashboardkastje, lampjes instrumentenpaneel,
enz.) controleren
De vloeistofpeilen controleren en eventueel bijvullen (1)
Uitlaatgasemissie/roetuitstoot controleren
De diagnosestekker gebruiken om de werking van het
brandstoftoevoer-/motormanagementsysteem en de
emissie te controleren; en voor bepaalde versies/markten,
de verslechtering van de motorolie
(1) Gebruik voor het bijvullen altijd uitsluitend de in het instructieboek vermelde vloeistoffen en controleer het systeem eerst op schade.
146
ONDERHOUD EN ZORG
Page 203 of 240

RADIO
181) 182) 183) 184) 185) 186)
De radio is ontworpen volgens de
specificaties van het
passagierscompartiment, met een
gepersonaliseerd design dat perfect
past bij de stijl van het dashboard.
TIPS
Verkeersveiligheid
Maak uzelf vertrouwd met de
verschillende functies van de radio (bijv.
het opslaan van stations) voordat u
gaat rijden.
Zorg en onderhoud
Maak het frontpaneel uitsluitend met
een zachte, antistatische doek schoon.
Reinigings- en polijstmiddelen kunnen
het oppervlak beschadigen.
DIEFSTALBEVEILIGING
De autoradio is uitgerust met een
diefstalbeveiliging die gebaseerd is op
de informatie-uitwisseling tussen de
autoradio en de elektronische
regeleenheid (Body Computer) in het
voertuig.
Dit systeem garandeert maximale
veiligheid en voorkomt dat elke keer dat
de stroomvoorziening van de autoradio
uitvalt, de geheime code opnieuw
ingevoerd moet worden.Als de controle een positief resultaat
oplevert, dan begint de radio te werken.
Als de codes bij de vergelijking echter
niet overeenkomen of als de
elektronische regeleenheid (Body
Computer) wordt vervangen, dan zal
het toestel de gebruiker vragen om de
geheime code in te voeren op de
manier die in de volgende paragraaf is
beschreven.
De geheime code invoeren
Wanneer de radio wordt ingeschakeld,
wordt op het display, als het password
wordt gevraagd, ongeveer 2 seconden
het opschrift "Radio code"
weergegeven, gevolgd door vier
streepjes "----".
De geheime code bestaat uit vier cijfers
van 1 t/m 6, waarbij elk streepje met
een cijfer overeenkomt.
Druk voor het invoeren van het eerste
cijfer van de code op de betreffende
toets van het voorkeuzestation (1
t/m 6). Voer de overige cijfers van de
code op dezelfde manier in.
Als de vier cijfers niet binnen 20
seconden worden ingevoerd, dan
verschijnt op het display "Enter code - -
- -". Als dit gebeurt, wordt dit niet als
het invoeren van een verkeerde code
beschouwd.
Na invoer van het vierde cijfer (binnen
20 seconden), begint de autoradio
te werken.Als een verkeerde code wordt
ingevoerd, geeft de radio een geluid af
en toont het display "Radio blocked/
wait" om aan te geven dat de juiste
code moet worden ingevoerd.
Elke keer dat de gebruiker een
verkeerde code invoert, neemt de
wachttijd geleidelijk aan toe (1 min, 2
min, 4 min, 8 min, 16 min, 30 min,
1 uur, 2 uur, 4 uur, 8 uur, 16 uur en 24
uur), tot een maximum van 24 uur.
De wachttijd wordt op het display
getoond met het opschrift "Radio
blocked/wait". Als dit opschrift is
verdwenen, kan de code opnieuw
worden ingevoerd.
Paspoort autoradio
Dit document is het eigendomsbewijs
van de autoradio. Op het paspoort van
de autoradio staan het model, het
serienummer en de geheime code
aangegeven.
BELANGRIJK Bewaar dit
autoradiopaspoort op een veilige plek,
zodat bij diefstal van de radio de
betreffende informatie aan de bevoegde
instanties gegeven kan worden.
Neem, in geval van zoekraken van het
paspoort van de autoradio, contact
op met het Fiat Servicenetwerk, neem
uw identiteitsbewijs en de
eigendomsdocumenten van uw auto
mee.
201
Page 211 of 240

185)Langdurig naar het display kijken:
gebruik tijdens het rijden geen enkele
functie waarvoor langdurig naar het display
moet worden gekeken. Stop de auto op
een veilige manier en conform de
wegenverkeerswetgeving voordat u
probeert een functie van het systeem te
gebruiken die langdurige aandacht vereist.
Ook af en toe een korte blik op het display
werpen kan gevaarlijk zijn als de aandacht
op een kritiek moment van het rijden wordt
afgeleid.
186)Volume instellen: stel het volume niet
te hoog in. Houd tijdens het rijden het
volume op een dusdanig niveau dat
verkeersgeluiden en sirenes van
hulpdiensten hoorbaar blijven. Rijden terwijl
deze geluiden niet hoorbaar zijn, kan
ongelukken veroorzaken.
BELANGRIJK
72)Druk niet per ongeluk op de eject-toets
wanneer u een CD in de speler plaatst.
Uconnect RADIO
187) 188) 189) 190) 191) 192) 193) 194) 195) 196)
De Uconnect Radio is ontworpen
voor de specifieke kenmerken van het
interieur, met een aangepast design dat
perfect aansluit op de vormgeving van
het dashboard.
De aanwijzingen voor gebruik staan
hieronder en wij adviseren met klem
deze zorgvuldig door te lezen.
TIPS
Raak vertrouwd met de verschillende
Uconnect Radio functies (bijvoorbeeld,
de stations opslaan) alvorens te
beginnen met rijden.
Ontvangstomstandigheden
Tijdens het rijden veranderen de
ontvangstomstandigheden
voortdurend. De ontvangst kan
gestoord worden door de aanwezigheid
van bergen, gebouwen of bruggen,
vooral wanneer u ver verwijderd bent
van de zender.
BELANGRIJK Het volume kan
toenemen wanneer verkeersinformatie
of nieuws wordt ontvangen.
Zorg en onderhoud
Maak het frontpaneel uitsluitend met
een zachte, antistatische doek schoon.
Reinigings- en polijstmiddelen kunnen
het oppervlak beschadigen.DIEFSTALBEVEILIGING
De Uconnect Radio is uitgerust met een
diefstalbeveiliging die gebaseerd is op
de informatie-uitwisseling tussen de
Uconnect Radio en de elektronische
regeleenheid (boordcomputer) in het
voertuig.
Dit systeem garandeert maximale
veiligheid en voorkomt dat elke keer dat
de stroomvoorziening van de
Uconnect Radio uitvalt, de geheime
code opnieuw ingevoerd moet worden.
Als de controle een positief resultaat
oplevert, dan begint de Uconnect Radio
te werken. Als de codes bij de
vergelijking echter niet overeenkomen
of als de elektronische regeleenheid
(boordcomputer) wordt vervangen, dan
zal het toestel de gebruiker vragen
om de geheime code in te voeren op
de manier die in de volgende paragraaf
is beschreven.
De geheime code invoeren
Wanneer de Uconnect Radio wordt
ingeschakeld, wordt op het display, als
het wachtwoord wordt gevraagd,
ongeveer 2 seconden het opschrift
"Radio code" weergegeven, gevolgd
door vier streepjes "----".
De geheime code bestaat uit vier cijfers
van 1 t/m 6, waarbij elk streepje met
een cijfer overeenkomt.
209
Page 228 of 240

BELANGRIJK
INTERIEURUITRUSTING
Rijd nooit met open dashboardkastje: het kan de passagier in geval van een botsing verwonden.
De aansteker wordt zeer heet. Wees voorzichtig en zorg dat hij niet wordt gebruikt door kinderen: brandgevaar en/of gevaar voor
brandwonden. Controleer altijd of de knop van de aansteker naar de beginstand is teruggekeerd.
IMPERIAAL/SKIDRAGER
Controleer na een korte rit of de bouten van de bevestigingen nog goed zijn vastgedraaid.
Overschrijd nooit het maximum toegestane draagvermogen (zie hoofdstuk "Technische gegevens").
Verdeel de lading gelijkmatig en houd bij het rijden rekening met een verhoogde zijwindgevoeligheid.
INBOUWVOORBEREIDING VOOR AUTORADIO
Als men na aanschaf van het voertuig een autoradio wil laten installeren, dient men vooraf contact op te nemen met het gespecialiseerde
personeel van het Fiat Servicenetwerk dat de geschikte apparatuur kan aanraden die geen negatieve invloed heeft op de laadtoestand van
de accu. Een overmatige belasting bij afgezette motor beschadigt de accu en kan de garantie op de accu doen vervallen.
MILIEUBESCHERMING
Onder normale gebruiksomstandigheden worden de katalysator en het dieselroetfilter (DPF) erg warm. Parkeer het voertuig dus niet op
licht ontvlambaar materiaal (gras, droge bladeren, dennennaalden enz.).
INTERIEUR
Gebruik nooit ontvlambare producten zoals petroleum of wasbenzine voor het reinigen van het interieur van het voertuig. De
elektrostatische lading die door het wrijven tijdens het reinigen ontstaat, kan brand veroorzaken.
Bewaar geen spuitbussen in het voertuig: ontploffingsgevaar. Spuitbussen mogen niet blootgesteld worden aan temperaturen boven
50°C. Wanneer het voertuig in de zon staat, kan de binnentemperatuur deze waarde ruim overschrijden.
VOEDINGSBRON
Wijzigingen of reparaties aan het brandstoftoevoersysteem die niet correct zijn uitgevoerd en waarbij geen rekening wordt gehouden met
de technische systeemgegevens, kunnen storingen in de werking en zelfs brand tot gevolg hebben.
TIPS VOOR HET LADEN(Panda VAN versies)
Abrupt remmen of slecht wegdek kunnen onverhoedse bewegingen van de lading veroorzaken met mogelijk gevaarlijke situaties voor de
bestuurder e passagiers: zet vóór vertrek de lading stevig vast met behulp van de scheidingswand en, waar aanwezig, de speciale haken.
Gebruik kabels, touwen of riemen die sterk genoeg zijn om de voorwerpen die vastgezet moeten worden.
226