lock Hyundai Ioniq Hybrid 2017 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2017, Model line: Ioniq Hybrid, Model: Hyundai Ioniq Hybrid 2017Pages: 564, PDF Size: 47.22 MB
Page 325 of 564

5-6
Rijden met uw auto
Contactslot
(indien van toepassing)
Als één van de voorportieren wordt geopend, gaat de
contactslotverlichting branden, mitshet contact niet in stand ON staat.
De verlichting gaat direct uit als het
contact in stand ON wordt gezet of
30 seconden nadat het portier is
gesloten. (indien van toepassing)Zet het contact NOOIT in
stand LOCK of ACC terwijl de
auto rijdt, behalve in een
noodgeval. Als u dat wel doet,
wordt de motor uitgezet,
waardoor de stuur- en
rembekrachtiging wegvallen.
Hierdoor kunt u de controle
over de besturing verliezen en
neemt de remvertraging af,
wat tot een ongeval kanleiden.(Vervolg)
WAARSCHUWING
(Vervolg)
Controleer voordat u de auto verlaat altijd of deselectiehendel in stand P
(parkeren) staat, activeer de
parkeerrem en zet het contactin stand LOCK.
Als deze
voorzorgsmaatregelen niet
worden opgevolgd, kan de
auto onverwacht in beweging
komen.
■Type A■Type B
OAE056172L/OAE056173L
■ Type A■Type B
OAE056175L/OAE056174L
Page 326 of 564

5-7
Rijden met uw auto
5
Standen contact
Stand
contactActieOpmerkingen
LOCK
Om het contact in stand LOCK te zetten, moet de sleutel in stand
ACC worden ingedrukt en vervolgens naar stand LOCK worden
gedraaid.
Als het contact in stand LOCK staat, kan de contactsleutel worden
verwijderd. Het stuurslot beschermt de auto tegen diefstal.
(indien van toepassing)
ACC
Elektrische accessoires kunnen worden gebruikt.
Het stuurslot ontgrendelt.Draai het stuurwiel iets naar links en naar
rechts om het contact gemakkelijker in stand
ACC te kunnen zetten als het verdraaien
van de contactsleutel moeilijk gaat.
ON
Dit is de normale stand waarin het contact staat nadat de auto is
gestart.
Alle systemen en accessoires kunnen worden gebruikt.
De waarschuwingslampjes kunnen worden gecontroleerd als u het
contact van stand ACC in stand ON zet.Laat het contact niet in stand ON staan als
de motor niet draait, om te voorkomen dat
de accu leegraakt.
STARTDraai de contactsleutel in stand START om de motor te starten.
Als u de sleutel loslaat, keert hij terug naar stand ON.De startmotor draait totdat u de sleutel loslaat.
Page 335 of 564

5-16
Rijden met uw auto
De Double clutch-transmissie geefttijdens het rijden hetzelfde gevoel
als een handgeschakelde
transmissie, maar biedt het gemak
van een automatische transmissie.In tegenstelling tot een
conventionele automatische
transmissie is het schakelen bij de
Double clutch-transmissie soms
voelbaar en hoorbaar wanneer de
actuatoren de koppeling
aangrijpen en de versnelling wordtgeselecteerd.
De Double clutch-transmissie is in
feite een handgeschakelde
transmissie die automatisch
schakelt. Wanneer stand D (rijden)
is geselecteerd, schakelt de
transmissie automatisch van de
ene naar de andere versnelling,
net als bij een conventionele
automatische transmissie. De Double clutch-transmissie
maakt gebruik van een droge
dubbele koppeling. Deze zorgt
tijdens het rijden voor een betere
acceleratie en een lager
brandstofverbruik. Maar hij
verschilt van een conventionele
automatische transmissie in de zin
dat hij niet over een
koppelomvormer beschikt. In
plaats daarvan wordt het
schakelen van de ene naar de
andere versnelling geregeld via het
slippen van de koppeling, vooral bij
lagere snelheden. Hierdoor is het
schakelen soms duidelijker
merkbaar en kan een lichte trilling
worden gevoeld wanneer het
toerental van de transmissieas
wordt afgestemd op het toerental
van de motoras. Dit is normaal bij
een Double clutch-transmissie.
Een droge koppeling brengt het koppel directer over en zorgt voor
een direct gevoel dat anders kan
zijn dan bij een conventionele
automatische transmissie. Dit valt
mogelijk meer op wanneer u vanuit
stilstand wegrijdt of bij het rijden
met lage snelheden waarbij uregelmatig stilstaat.
Om de kans op ernstig letsel tebeperken:
Controleer ALTIJD de
omgeving rond de auto op de
aanwezigheid van anderen, inhet bijzonder kinderen,
alvorens de transmissie instand D (rijden) of R
(achteruit) te zetten.
Controleer altijd of stand P
(parkeren) is ingeschakeld,
activeer de parkeerrem en zethet contact in stand
LOCK/OFF voordat u de auto
verlaat. Als deze
voorzorgsmaatregelen niet
worden opgevolgd, kan de
auto onverwacht en abrupt in
beweging komen.
Rem op een glad wegdek niet snel af op de motor
(schakelen vanuit een hoge
naar een lage versnelling).
Anders kan de auto in een slip
raken en een ongeval
veroorzaken.
WAARSCHUWING
Page 341 of 564

5-22
Rijden met uw auto
Schakelblokkeersysteem
Voor uw veiligheid heeft de Double
clutch-transmissie een
schakelblokkeersysteem dat
voorkomt dat de selectiehendel
vanuit stand P (parkeren) in stand R
(achteruit) kan worden gezet zonder
dat het rempedaal is ingetrapt.
Schakelen van stand P (parkeren)
naar stand R (achteruit):
1.Houd het rempedaal ingetrapt.
2.Start de auto of zet het contact instand ON.
3.Beweeg de selectiehendel.
Schakelblokkering ongedaan maken
Als de selectiehendel niet vanuit
stand P (parkeren) in stand R
(achteruit) kan worden gezet met het
rempedaal ingetrapt, houd dan het
rempedaal ingetrapt en doe het
volgende:
Type A
1.Zet het contact in stand LOCK/OFF.
2.Activeer de parkeerrem.
3.Druk op de ontgrendelknop van de schakelblokkering.
4.Verplaats de selectiehendel terwijl u op de ontgrendelknop van de
schakelblokkering drukt.
5.Laat de ontgrendelknop van de schakelblokkering los.
6.Trap het rempedaal in en start vervolgens de auto. We adviseren u het systeem direct telaten controleren door een officiële
HYUNDAI-dealer als u de
schakelblokkering ongedaan hebt
moeten maken.
OAE056011
Page 342 of 564

5-23
Rijden met uw auto
5
Type B
1.Zet het contact in standLOCK/OFF.
2.Activeer de parkeerrem.
3.Verwijder voorzichtig het afdekkapje (1) van de opening
voor het uitschakelen van de
schakelblokkering.
4.Steek gereedschap (bijv. een sleufkopschroevendraaier) in de
opening en druk dit naar beneden.
5.Beweeg de selectiehendel terwijl de schroevendraaier naar beneden
gedrukt wordt. 6.Verwijder het gereedschap uit de
opening voor het uitschakelen van
de schakelblokkering en plaats het
afdekkapje.
7.Trap het rempedaal in en start vervolgens de auto.
We adviseren u het systeem direct telaten controleren door een officiële
HYUNDAI-dealer als u de
schakelblokkering ongedaan hebt
moeten maken.Sleutelblokkeersysteem (indien van toepassing)
De sleutel kan alleen uit het contact
worden genomen als de
selectiehendel in stand P (parkeren)staat.
Parkeren
Breng de auto volledig tot stilstand
en blijf het rempedaal ingetrapt
houden. Zet de selectiehendel in
stand P (parkeren), activeer de
parkeerrem en zet het contact in
stand LOCK/OFF. Neem de sleutel
met u mee wanneer u de auto
verlaat.
Wanneer u in de auto blijft terwijl
de motor draait, zorg er dan voordat u het gaspedaal niet
gedurende langere tijd ingetrapt
houdt. Anders kan de motor of
het uitlaatsysteem oververhitraken en brand ontstaan. Het uitlaatgas en het
uitlaatsysteem zijn zeer heet.
Blijf uit de buurt van onderdelen
van het uitlaatsysteem. Stop of parkeer de auto nooit
boven brandbare materialen
zoals droog gras, papier,
bladeren, enz. Deze zouden vlam
kunnen vatten waardoor erbrand zou kunnen ontstaan.
WAARSCHUWING OAE056011L
Page 347 of 564

5-28
Rijden met uw auto
Deactiveren van de parkeerrem
Deactiveren van de parkeerrem:
Trap het rempedaal stevig in.
De parkeerrem wordt automatisch
gedeactiveerd wanneer u het
parkeerrempedaal intrapt.
Als de parkeerrem niet of niet
helemaal wordt gedeactiveerd,
raden we u aan uw auto door een
officiële HYUNDAI-dealer te laten
nakijken.
OAE056013
Gebruik, om ERNSTIG LETSEL
te voorkomen, de parkeerrem
niet tijdens het rijden, behalve
in een noodsituatie. Er kan
schade aan het remsysteem
ontstaan, wat kan leiden tot een
ongeval.
WAARSCHUWING
Breng vóór het verlaten van de auto of het parkeren de
auto volledig tot stilstand en
blijf het rempedaal ingetrapt
houden. Zet de selectiehendel
in stand P (parkeren), activeer
de parkeerrem en zet het
contact in stand LOCK/OFF. Als de parkeerrem niet
volledig geactiveerd is, kan de
auto onbedoeld in beweging
komen, waardoor u ofanderen letsel kunnenoplopen.
Laat personen die niet bekend zijn met de auto NOOIT aan de
parkeerrem komen. Als de
parkeerrem per ongeluk wordt
gedeactiveerd, kan er ernstigletsel ontstaan.
Deactiveer de parkeerrem alleen als u in de auto zit en
met uw voet het rempedaal
stevig ingetrapt houdt.
WAARSCHUWING
Page 353 of 564

5-34
Rijden met uw auto
Houd de toets ESC OFF langer dan
3 s ingedrukt. Het controlelampje
ESC OFF gaat branden, de melding
"Traction & Stability Control disabled"
(Tractie- & Stabiliteitscontr.
uitgeschak.) wordt weergegeven en
er klinkt een waarschuwingszoemer.
In deze status wordt zowel de
antidoorslipregelingsfunctie van de
ESC (motormanagement) als de
remregelfunctie van de ESC
(remmanagement) uitgeschakeld.Als u het contact in de stand
LOCK/OFF zet terwijl de ESC is
uitgeschakeld, blijft de ESC
uitgeschakeld. Pas wanneer de auto
opnieuw wordt gestart, zal de ESC
automatisch weer worden
ingeschakeld.
Controlelampjes
Als het contact in stand ON wordt
gezet, gaat het controlelampje ESC
branden. Als het ESC-systeem
normaal werkt, gaat het
controlelampje vervolgens uit.
Het controlelampje ESC knippert
zodra de ESC in werking is.Als het controlelampje ESC blijft
branden, is er mogelijk een storing
aanwezig in het ESC-systeem. Als
dit waarschuwingslampje brandt
adviseren we u de auto zo spoedigmogelijk te laten controleren door
een officiële HYUNDAI-dealer. Het controlelampje ESC OFF gaat
branden als de ESC wordt
uitgeschakeld met de toets.
■
Controlelampje ESC (knippert)
■ Controlelampje ESC OFF (gaat branden)
Als het controlelampje ESC
knippert, geeft dit aan dat de
ESC geactiveerd is:
Rijd langzaam en probeer
NOOIT te accelereren. Schakelde ESC NOOIT uit als het
controlelampje ESC knippert,
omdat u dan de controle over
de auto kunt verliezen, wat kan
resulteren in een ongeval.
WAARSCHUWING
■Type A■Type B
OTLE055140/OAE056020L
Page 357 of 564

5-38
Rijden met uw auto
De alarmknipperlichten gaan UIT
wanneer de rijsnelheid hoger wordtdan 10 km/h nadat de auto compleet
tot stilstand is gekomen. De
alarmknipperlichten gaan UIT als
gedurende een bepaalde periode met
lage snelheid rijdt. De bestuurder kan
de alarmknipperlichten handmatig
uitschakelen door op de toets voor de
alarmknipperlichten te drukken.Informatie
Het ESS-systeem werkt niet wanneer
de alarmknipperlichten al zijn
ingeschakeld. Goede remgewoonten
Het rijden met natte remmen kan
gevaarlijk zijn! De remmen kunnen
nat worden als de auto door een plas
rijdt of als hij gewassen wordt. De
remweg van uw auto wordt langer
als de remmen nat zijn. Ook kan deauto tijdens het remmen naar één
kant trekken als de remmen nat zijn. U kunt de remmen drogen door het
rempedaal tijdens het rijden licht in
te trappen totdat het remsysteem
weer normaal werkt. Als het
remsysteem echter niet normaal
gaat werken, breng dan de auto zo
snel mogelijk op een veilige plaatstot stilstand en neem contact op met
een officiële HYUNDAI-dealer voor
hulp.
Laat tijdens het rijden uw voet NIET
op het rempedaal rusten. Zelfs een
lichte, maar permanente pedaaldruk
kan leiden tot oververhitting van de
remmen, voortijdige slijtage en zelfs
het weigeren van de remmen.
Trap het rempedaal geleidelijk in en
verlaag uw snelheid terwijl u rechtuit
blijft rijden als u tijdens het rijden een
lekke band krijgt. Breng uw auto op
een veilige plaats tot stilstand nadat
u voldoende vaart hebt geminderd
om veilig te kunnen stoppen.
Houd het rempedaal stevig ingetrapt als de auto stilstaat om te
voorkomen dat de auto vooruit rolt.
i
Breng vóór het verlaten van de auto of het parkeren de auto
volledig tot stilstand en blijf het
rempedaal ingetrapt houden.Zet de selectiehendel in stand P
(parkeren), activeer de
parkeerrem en zet het contact in
stand LOCK/OFF.
Wanneer de auto wordt
geparkeerd en de parkeerrem
niet of niet goed wordt
geactiveerd, kan de auto
onbedoeld in beweging komen,
waardoor de bestuurder ofanderen letsel kunnen oplopen.
Activeer ALTIJD de parkeerrem
voordat u de auto verlaat.
WAARSCHUWING
Page 362 of 564

5-43
Rijden met uw auto
5
Waarschuwingsmelding
Blind Spot Detection disabled.
Radar blocked. (BSD uitgeschakeld.
Radar geblokkeerd.)
Deze waarschuwingsmeldingverschijnt mogelijk als:
- Eén of beide sensor(en) op deachterbumper geblokkeerd is/zijn
door vuil of sneeuw o.i.d.
- Op het platteland wordt gereden waar de BSD-sensor gedurende
een langere periode geen ander
voertuig signaleert.
- In slecht weer, bijvoorbeeld bij hevige sneeuw of regen. Als een van deze omstandigheden
zich voordoet, dooft het lampje in de
BSD-schakelaar en wordt het
systeem automatisch uitgeschakeld.
Wanneer de waarschuwingsmelding
"BSD canceled" (BSD uitgeschakeld)
in het instrumentenpaneel wordt
weergegeven, controleer dan of het
gebied waar de sensor op de
achterbumper is geplaatst vrij is van
vuil of sneeuw. Verwijder vuil, sneeuw
e.d. die de werking van de
radarsensoren kan hinderen.
Nadat het vuil e.d. is verwijderd, zou
het BSD-systeem na ongeveer 10
minuten rijden weer normaal moeten
werken.
Laat uw auto nakijken door een
officiële HYUNDAI-dealer als het
systeem nog steeds niet normaal
werkt.
Check BSD system
(Storing BSD-systeem)
Als er een probleem in het BSD-
systeem aanwezig is, wordt er een
waarschuwingsmelding weergegeven
en gaat het lampje in de schakelaar
uit. Het systeem wordt automatisch
uitgeschakeld. We adviseren u deauto te laten controleren door een
officiële HYUNDAI-dealer.
■
Type A■Type B
OTLE055040/OAE056043L
■ Type A■ Type B
OAE056040L/OAE056041L
Page 372 of 564

5-53
Rijden met uw auto
5
AEB-radarsensor vóór
Om ervoor te zorgen dat het AEB-
systeem goed werkt, moet de
behuizing van de lens van de
radarsensor schoon zijn en vrij zijn
van vuil, sneeuw, enz. Vuil, sneeuw
e.d. op de lens kan de prestaties van
de radarsensor negatief
beïnvloeden.
Waarschuwingsmelding enwaarschuwingslampje
Auto Emergency Braking disabled.
Radar blocked (Auto Emergency
Braking uitgeschakeld. Radar
geblokkeerd)
Wanneer de behuizing van de lens
van de sensor wordt geblokkeerd door
vuil, sneeuw, e.d., wordt de werking
van het AEB-systeem mogelijk tijdelijk
uitgeschakeld. Als dit gebeurt, wordt
er een waarschuwingsmelding
weergegeven op het LCD-display.
Het AEB-systeem werkt binnen
bepaalde parameters, zoals de
afstand tot de voorligger of
voetganger, de snelheid van de
voorligger en de rijsnelheid.Bepaalde omstandigheden
zoals slecht weer en dewegomstandigheden hebben
mogelijk een negatieve invloed
op de werking van het AEB-systeem.
WAARSCHUWING
OAE056028
OAE056031L
De regeling van het remsysteem kan de auto niet
volledig tot stilstand brengen
noch alle aanrijdingen
voorkomen.
De bestuurder blijft zelf
verantwoordelijk voor het veilig
rijden en het bedienen van deauto.
WAARSCHUWING