4WD Hyundai Santa Fe 2009 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2009, Model line: Santa Fe, Model: Hyundai Santa Fe 2009Pages: 293, PDF Size: 10.54 MB
Page 75 of 293

1
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
65
B260V01JM-GXT Controlelamp limited slip differentieel(Indien gemonteerd)
De controlelamp voor het limited slip differentieel gaat branden als deschakelaar wordt ingedrukt.Het doel van het limited slip differentieelis om het het aandrijfkoppel beter te verdelen op natte, besneeuwde wegen en onverhard terrein. Het limited slip differentieel wordt uitgeschakeld door de schakelaar nogmaals in te drukken.Informatie over het gebruik van de4WD lock-schakelaar begint op pag.2-22.
LET OP:
Gebruik het limited slip differentieel niet op droge wegen, omdat hierdoor bijgeluiden, trillingen of schade kan ontstaan aan onderdelenvan het differentieel.! B260U01CM-GXT
Controlelamp immobilizer(Diefstalbeveiliging)
Deze controlelamp gaat enkele seconden branden nadat de contactsleutel in stand "ON" isgedraaid.De controlelamp dooft zodra de motorloopt. Als de controlelamp gedurende5 seconden gaat knipperen wanneer de sleutel in stand "ON" wordt gedraaid, betekent dit dat hetimobilizersysteem niet werkt. Raadpleeg de uitleg van de "Limp home"-procedure (noodloopprocedure,zie pag. 1-8) of wend u tot uw HYUNDAI-dealer.
B230T01NF-GAT
"Passagiersairbag off"-
lamp (Indien gemonteerd)
De "passagiersairbag OFF"-lamp gaat
gedurende ongeveer 4 secondenbranden nadat het contactslot in de stand "ON" is gezet of nadat demotor is gestart. Vervolgens dooft de lamp na 3 seconden.
De "passagiersairbag OFF"-lamp gaat
ook branden als de AAN/UIT- schakelaar voor de passagiersairbagin de stand "OFF" staat en brandt niet als de AAN/UIT-schakelaar voor de passagiersairbag in de stand "ON"staat.! LET OP:
Bij een storing in de AAN/UIT-
schakelaar voor de passagiersairbag gaat de "passagiersairbag OFF"- lamp niet branden en wordt depassagiersairbag bij een frontale botsing opgeblazen, ook als de AAN/UIT-schakelaar in de stand"OFF" staat.
CM holl-1b(~143).p65 5/21/2008, 11:54 AM
65
Page 168 of 293

2
2
HET RIJDEN MET UW HYUNDAI
Alvorens de motor te starten ......................................... 2-4
Start-/contactslot met stuurslot ..................................... 2-5Sleutelst anden............................................................... 2-5
Het starten van de motor ............................................... 2-6
Handgeschakelde versnellingsbak ............................... 2-8Automatische transm issie ........................................... 2-11
Antiblokkeersysteem (ABS) ..... ...................................2-16
Elektronische stabiliteitsregeling (ESP) ......................2-17
Parkeerhulp .................................................... ............. 2-18
Constante 4-wielaandrijving (4W D) .............................2-21
4wd inschakelen .......................................................... 2-24
Opmerkingen met betrekking tot de remmen ..............2-25
Economisch rijden ....................................................... 2-26
Bochten ....................................................................... 2-27
Rijden onder winterse omstandigheden ......................2-28
Het rijden met hoge snelheden ....................................2-30
Het gebruik van de verlichting ..................................... 2-30
Rijden met een aanhanger of slepen ...........................2-31
CM holl-2.p65 5/20/2008, 8:42 AM
1
Page 188 of 293

2
HET RIJDEN MET UW HYUNDAI
21
!
Veilig met 4-wielaandrijving rijden
(1) Draag altijd de veiligheidsgordel.
(2) Rijd niet in zware terrein- omstandigheden of in gebieden die zwaarder zijn dan waarvoor de autois ontworpen.
(3) Rijd bij sterke zijwind met een
lagere snelheid. Vanwege het hogere zwaartepunt wordt de stabiliteit door zijwind negatiefbeïnvloed. Door een lagere snelheid wordt een betere beheersing van de auto gewaarborgd.
(4) Controleer de remwerking nadat in natte of modderige omstandighedenis gereden. Druk tijdens langzaamrijden het rempedaal enkele malen in totdat de normale remwerking is teruggekeerd.
(5) Rijd met de auto niet door water
(zoals beekjes, rivieren, merenenz.).
Het voertuig in contact houden met
de ondergrond en onder controlehouden in deze omstandigheden valt altijd onder de verantwoordelijkheid van de bestuurder, voor zijn eigenveiligheid en de veiligheid van de passagier(s).
WAARSCHUWING:
De auto is niet ontworpen als
terreinauto. Rijd met deze auto niet in het terrein. Bij het rijden in hetterrein kan hij worden beschadigd. Het rijden met de auto onder terreinomstandigheden diezwaarder zijn dan waarvoor de auto is ontworpen, kan tot ernstig persoonlijk letsel leiden.
CONSTANTE 4-WIELAANDRIJVING (4WD)
C350A03O-AXT (Indien gemonteerd) Het volledige motorvermogen kan over
zowel de voor- als de achterwielen worden verdeeld. Full-time 4WD kanworden gebruikt als goede tractie nodig is, zoals het rijden of gladde, natte of met sneeuw bedekte wegen en hetwegrijden uit modder. Deze auto's zijn echter niet bedoeld voor zwaar terreingebruik. Ze zijn in hoofdzaakontworpen om de tractie en de wegligging op verharde wegen en snelwegen in natte en/of gladdeomstandigheden te verbeteren. Kortstondig gebruik van de auto op onverharde wegen en lichte terreinrittenzijn toegestaan. Het is belangrijk dat bij het rijden op onverhard terrein de snelheid dusdanig wordt aangepastdat een veilig gebruik onder deze omstandigheden wordt gewaarborgd. Over het algemeen zijn er oponverhard terrein slechtere aandrijf- en remeigenschappen dan op verhard terrein. Met deze factoren moetrekening worden gehouden bij het rijden op onverhard terrein.
CM holl-2.p65 5/20/2008, 8:42 AM
21
Page 191 of 293

2HET RIJDEN MET UW HYUNDAI
244WD INSCHAKELEN
C360A01O-GAT (met elektronisch geregelde vierwielaandrijving) (Indien gemonteerd) De instelling wordt geleidelijk
opgeheven wanneer de rijsnelheid boven de 30 km/h komt, en is volledig opgeheven vanaf een snelheid van 40 km/h. Omgekeerd wordt de instellingweer geactiveerd wanneer de snelheid weer daalt onder 40 km/h, en is deze weer volledig werkzaam wanneer desnelheid onder 30 km/h daalt. Om de 4WD-lock functie weer uit te
schakelen nogmaals de "4WD-lock"toets indrukken. Het "4WD-lock" controlelampje in het
instrumentenpaneel dooft.
!WAARSCHUWING:
o Voorkom hoge bochtsnelheden.
o Maak geen snelle stuurwielbewegingen, zoals plotseling van rijbaan veranderen of snelle scherpe bochten.
o Het gevaar voor kantelen neemt sterk toe als bij hoge snelheidde macht over het stuur verloren gaat.
o Bij een ongeval heeft een inzittende die geenveiligheidsgordel draagt meer kans op zeer ernstig letsel dan iemand die wel een veiligheidsgordel draagt.
o De macht over het stuur gaat vaak verloren als twee of meerwielen in de berm komen en debestuurder door te sterk terugsturen weer op de weg probeert te komen.
o Als de auto in de berm raakt, stuur dan niet scherp terug.Verminder in dat geval eerst snelheid voordat wordt geprobeerd op de weg terug testuren.
OCM059046L
De vierwielaandrijving verdeelt onder
normale rijomstandigheden de aandrijfkrachten automatisch. Om tijdens het rijden in het terrein of
andere situaties met weinig grip deaandrijfkrachten 50:50 te verdelen tussen de achterwielen en de voorwielen, kunt u de "4WD lock"-toets bedienen. Het "4WD lock"- controlelampje in het instrumentenpaneel gaat branden.
CM holl-2.p65 5/20/2008, 8:42 AM
24
Page 192 of 293

2
HET RIJDEN MET UW HYUNDAI
25
!
OPMERKINGEN MET BETREKKING TOT DE REMMEN
ZC140A1-AX
WAARSCHUWING:
Plaats geen voorwerpen op de hoedenplank achter de achterbank. Bij een aanrijding of plotselingafremmen kunnen dergelijke voorwerpen naar voren schuiven waardoor de wagen wordtbeschadigd of inzittenden verwondingen kunnen oplopen.
o Controleer voor het wegrijden of de handrem is vrij gezet en de controlelamp voor de handrem niet brandt.
o Bij het rijden in de regen of door water en nadat de wagen is gewassen, kunnen de remmen natworden. Natte remmen zijn gevaarlijk! Natte remmen hebben een langere remweg tot gevolg ende wagen kan naar één kant trekken. Rij voorzichtig als u vermoedt dat de remmen nat zijn.Wanneer de wagen niet normaal remt, zijn de remmen waarschijnlijk nat en zal er meer druk op het rempedaal moeten wordenuitgeoefend of trekt de wagen bijhet remmen naar één kant. Druk, om de remmen te drogen, licht op het rempedaal totdat de wagen weernormaal remt. Heeft dit geen resultaat, zet de wagen dan zo snel mogelijk stil en bel uw Hyundaidealer voor assistentie.
o Plaats de versnellingshandel niet in neutraal als u bergafwaarts rijdt.Dit kan gevaarlijk zijn. Houd altijd een versnelling ingeschakeld, rem de wagen af en schakel vervolgensnaar een lagere versnelling zodat op de motor kan worden afgeremd.
o Laat uw voet niet op het rempedaal rusten. Dit kan gevaarlijk zijn doordat de remmen hierdoor te heetkunnen worden en niet meer optimaal functioneren.
o Als u een lekke band krijgt, druk dan licht op het rempedaal. Zodrau voldoende snelheid heeft verminderd en het zonder gevaarmogelijk is, rijd de wagen dan van de weg af en breng hem tot stilstand. Als uw wagen is uitgerustmet een automatische transmissie laat hem dan niet "kruipen".
OCM051047L
1)
2)
1) Door de 4WD-lock toets te bedienen in zwaar terrein, worden de aandrijfkrachten gelijkmatig verdeeld tussen de voor- enachterwielen.
2) 4WD-lock blijft actief onder een
snelheid van 40 km/h.Schakel de "4WD lock"-functie uitonder normale rijomstandigheden.
CM holl-2.p65 5/20/2008, 8:42 AM
25
Page 232 of 293

5ONDERHOUDSVOORSCHRIFTEN
6
75 60C C C C C C C C C CV
NR
123 4 5 6 7 89
1011 12 13 14 15 16 17 18 4536
C C C C C C C C C CV 60 48
C C C C C C C C C C C C CV
C C C
BESCHRIJVING
ALGEMEEN ONDERHOUD KOELSYSTEEM *1 KOELVLOEISTOF *2OLIE VERSNELLINGSBAK VLOEISTOF AUTOMATISCHE TRANSMISSIE REMSLANGEN EN REMLEIDINGEN REMVLOEISTOF HANDREM REMBLOKKEN, REMKLAUWEN EN REMSCHIJVEN (VOOR EN ACHTER)UITLAATPIJP EN UITLAATDEMPER BEVESTIGINGSBOUTEN WIELOPHANGING STUURHUIS, VERBINDINGEN EN MANCHETTEN/ONDERSTE FUSEEKOGELS STUURBEKRACHTIGINGSPOMP EN SLANGEN AANDRIJFASSEN EN HOEZEN KOELMIDDEL AIRCONDITIONING INTERIEURLUCHTFILTER (VOOR VERDAMPER EN AANJAGERUNIT) OLIE VERDEELBAK (4WD) OLIE ACHTERASDIFFERENTIEEL (4WD) CARDANAS (4WD)
F030C02CM-GXT V : Vervangen C : Controleren en reinigen, afstellen, repareren of zonodig vervangen
105 84
C C C C C C C C C CV
90 72
C CV
C CCC C C C C C C V
C C C 120
96
C C C C C C C C C C C C CVV
CC
15 12
C C C C C C C C C CV 30 24
C C C C C C C C C C C C CV
C C C
KILOMETERS X 1000 MAANDEN
*1 : BIJ VERVANGING DISTRIBUTIERIEM EN AANDRIJFRIEMEN OOK DE WATERPOMP CONTROLEREN.
*2 : VUL HET KOELSYSTEEM ALLEEN BIJ MET GOEDGEKEURDE KOELVLOEISTOF EN VUL HET KOELSYSTEEM NIET BIJ MET WATER.
EEN ONJUIST KOELVLOEISTOFMENGSEL KAN STORINGEN EN SCHADE AAN DE MOTOR VEROORZAKEN.
*3 : HIJ KAN OOK EERDER VERVANGEN WORDEN ALS U TOCH ONDERHOUD UITVOERT AAN ANDERE ONDERDELEN.
Eerste keer vervangen na 100.000 km of 60 maanden: Vervolgens elke 40.000 km of 24
maanden vervangen *3
CM holl-5.p65 5/20/2008, 8:44 AM
6
Page 233 of 293

5
ONDERHOUDSVOORSCHRIFTEN
7ONDERHOUD ONDER ZWARE BEDRIJFSOMSTANDIGHEDEN
BESCHRIJVING
Motoroliefilter Luchtfilterelement Bougies Distributieriem Remblokken, remklauwen en remschijven (Voor en achter) HandremStuurstangen en stofkappenAandrijfassen en manchettenOlie versnellingsbak Automatische versnellingsbak olie Interieurluchtfilter (Voor verdamper en aanjagerunit)Olie verdeelbak (4WD) *1Olie achterasdifferentieel (4WD) *1CARDANAS (4WD)
F040A02CM-GXT De volgende punten moeten met kortere intervallen worden uitgevoerd als de wagen overwegend onder extreme omstandigheden wordt gebruikt. Raadpleeg onderstaande tabel voor de betreffende onderhoudsintervallen. V : Vervangen C : Controleren en reinigen, afstellen, repareren of zonodig vervangen
ONDERHOUDV VVV
C V
CCCC V V VVV
I ONDERHOUDSINTERVAL
Elke 7.500 km of 6 maandenElke 7.500 km of 6 maanden Met kortere tussenpozen Met kortere tussenpozenElke 40.000 kmElke 80.000 km of 30 maandenMet kortere tussenpozenMet kortere tussenpozen Met kortere tussenpozen Elke 15.000 km of 12 maandenElke 100.000 kmElke 45.000 kmMet kortere tussenpozen Elke 45.000 km Elke 90.000 kmElke 15.000 km of 12 maanden BEDRIJFS-OMSTANDIGHEDEN
A, B, C, D, E, F, G, H, I, KA, B, C, E, F, G, H, I, J, K C, E B, H D, E, F, GC, D, G, H C, D, G, H C, D, E, FC, D, E, FA, C, D, E, F, G, H, I, JA, C, E, F, G, H, IC, E C, E, G, H, I, J C, E, G, H, I, JC, E
Benzinemotor Dieselmotor
ZWARE BEDRIJFSOMSTANDIGHEDEN
A - Herhaaldelijk rijden van korte afstanden minder dan 8 km bij normale temperaturen of minder dan 16 km bij winterse omstandigheden.
B - Langdurig stationair draaien of het rijden van een grote afstand met een lage snelheid.
C - Rijden op hobbelige, stoffige, modderige, niet geplaveide gravel wegen of wegen waar zout gestrooid is.
D - Rijden in gebieden waar veel strooizout of ander corrosief material wordt gebruikt of bij zeer lage temperaturen.
*1 : De olie in de verdeelbak en het achterasdifferentieel moet worden vervangen als deze onder water zijn geweest.
E - Rijden in zandgebieden.
F - Rijden in gebieden met druk verkeer boven 32°C.
G - Rijden in bergachtig terrein.
H - Het rijden met een aanhanger, caravan of bagagebox op de dakdrager.
I - Gebruik als politieauto, taxi, voor besteldiensten of als sleepauto.
J - Rijden met snelheden boven 170 km/h.
K - Rijden met veel optrekken en afremmen.
CM holl-5.p65 5/20/2008, 8:44 AM
7
Page 272 of 293

6
EENVOUDIG ONDERHOUD
39
10A 25A20A 10A 40A 40A50A 20A 15A10A 10A10A 10A 10A 10A 10A10A 15A 20A25A 30A I/P VERDEELKAST RUITENWISSERRELAIS VOOR, REGENSENSORRELAIS, RUITENWISSERMOTOR
VOOR, MULTIFUNCTIONELE SCHAKELAAR
GROOTLICHTRELAIS
KOPLAMP, INSTRUMENTENPANEEL CONTACTSLOT CONTACTSLOT, STARTRELAISI/P VERDEELKAST AUTOMAATRELAIS (BENZINE), 4WD ECM, AUTOMAAT-BEDIENINGSRELAIS (DIESEL) PCM (BENZINE), TCM (DIESEL)DYNAMO
SNELHEIDSSENSOR, PCM (BENZINE), LUCHTMASSASENSOR (DIESEL)
ECM (DIESEL), SEMI-ACTIEVE REGELEENHEID (BENZINE)
AANJAGERRELAIS nr.1 , AANJAGERRELAIS nr.2 INGAANDE TOERENTALSENSOR, UITGAANDE TOERENTALSENSOR,
TCM (DIESEL), AUTOMAAT BEREIKSCHAKELAAR, SCHAKELAAR ACHTERUITRIJVERLICHTINGABS-REGELEENHEID, ESP-REGELEENHEID, GIERHOEKSENSOR, 4WD ECM,
REMLICHTSCHAKELAAR (BENZINE), GEZEKERDE VERBINDINGENKAST (DIE-SEL), BRANDSTOFFILTER
SCHAKELAAR (DIESEL), GEZEKERDE VERBINDINGENKAST (DIESEL),
MULTIFUNCTIONELE DIAGNOSE-
STEKKERACHTERLICHTUNIT LINKS, STADSVERLICHTING LINKS
ACHTERLICHTUNIT RECHTS, STADSVERLICHTING RECHTS DASHBOARDKASTJE, ICM RELAISKAST - -- - -
H/LP
FR WIPER H/LP HI
H/LP HI IND
IGN #1 IGN #2B+ #1
AT MTCU
ALT DSL
ECU
COOLING
B/UP UP
ABS
TAIL LH
TAIL RH SPARE
SPARE
SPARE
SPARE
SPARE
AMPE-
RAGES GEZEKERD CIRCUIT
OMSCHRIJVING
CM holl-6.p65
5/20/2008, 8:45 AM
39
Page 291 of 293

10INHOUD
2
A Accu control eren ........................................................ 6-23
Achterklep ................................................................ 1-102
Afmetingen .................................................................. 9-2
Aftappen van water in het brandstoffilter .................... 6-26
Airbagsysteem ........................................................... 1-44
Airconditioning achterin ............................................ 1-138
Airconditioning ......................................................... 1-126
Algemene cont roles................................................... 6-17
Algemene control es ..................................................... 6-4
Als de motor niet aanslaat ........................................... 3-2
Als de motor te heet wordt ........................................... 3-4 Als uw auto moet worden gesleept ............................. 3-13
Alvorens de motor te starten ........................................ 2-4 Antenne ................................................................... 1-139
Anti verblindingsstand van de achteruitki-jkspiegel .... 1-98
Antiblokkeersysteem (ABS) ........ ...............................2-16
Asbak ........................................................................ 1-87
Automatische snelheidsregeling ...............................1-113
Automatische transmissie .......................................... 2-11
Automatische verwarmings en koelings systeem ..... 1-129
AUX-, USB- en i Pod-aansluiting ............................... 1-118
B Bagagenet ................................................................ 1-103
Banden ........................................................................ 8-3
Bediening verwarming en koeling .............................1-119
Bedieningsorganen verwarming ................................1-124
Behandeling van de cd’s ......... ................................1-143
Bekerhouder ............................................................... 1-88
Beschrijving zekeringhouder ......................................6-38Bij verlies van
sleutels ............................................... 3-17
Bi-level verwarming .................................................. 1-124
Bochten ..................................................................... 2-27
Boordcomputer ........................................................... 1-71
Bovenste dashboardkastje ............... ..........................1-95
Brandstofvoorschriften ................................................. 1-4
Brillenvak ................................................................... 1-94
CClaxon ..................................................................... 1-111
Constante 4-wielaandrijving (4WD) .............................2-21
Conversatie-spiegel .................................................. 1-100
Corrosie voorkomen ..................................................... 4-2
Corrosie voorkomen ..................................................... 4-3
D Dakrail ..................................................................... 1-104
Dashboardkastje ........................................................ 1-94
Diefstalbeveil igi ngsinstallatie .................................... 1-13
Digitale klok ............................................................... 1-84
Draaischakelaars voor bediening verwarming/ventilatie ........................................................................... 1-120
E Economisch rijden ..................................................... 2-26
EGR systeem .............................................................. 7-3
Elektrisch aansluitpunt ............................................... 1-86
Elektrisch bediende buitenspiegel .............................. 1-96
Elektrisch bediende ruiten .......................................... 1-17
Elektronische stabiliteitsregeling (ESP) ......................2-17
CM holl-10.p65 5/20/2008, 8:37 AM
2
Page 293 of 293

10INHOUD
4
R Regelmatig onderhoud .................................................. 5-3
Reinigen van het interieur ............................................. 4-6
Reservewiel en gereedschap ........................................ 8-7
Reservewiel ................................................................. 3-6
Rijden met een aanhanger of slepen .......................... 2-31
Rijden onder winterse omstandigheden ......................2-28
Ruitensproeierreservoir bijvullen .................................6-14
Ruitenwisser-/sproeierschakelaar ...............................1-77
Ruitenwissers ruitenwisserbladen ...............................6-12
S Schakelaar achterruitverwarming ................................1-83
Schakelaar mistlampen .............................................. 1-82
Schuifdak ................................................................... 1-89
Sigarettenaansteker ................................................... 1-85
Sleutelstanden ............................................................. 2-5
Smeermiddelen ............................................................ 9-4
Start-/contactslot met stuurslot .................................... 2-5
Startblokkering ............................................................. 1-6
Starten met hulpstartkabels ......................................... 3-3
Stereo geluidsinstallatie ..... ......................................1-140
Stoelinstelling ............................................................ 1-19
Stoelvak .................................................................... 1-89
T Toets audio-afstandsbediening .................................1-117UUitstoot beheerssysteem
............................................. 7-2
VVeiligheidsgordels ...................................................... 1-30
Veiligheidssysteem voor kinderen .............................. 1-33
Ventilatie .................................................................. 1-125
Vermogen .................................................................. 6-37
Verstelling van het stuurwiel .................................... 1-112
Vervangen van het interieurfilter .................................6-19
4WD inschakel en ....................................................... 2-24
Vloeistofpeil automatische transmissie controleren .... 6-15
Vloeistofpeil stuurbekrachtiging ..................................6-25
Voertuigidentificatienummer (vin) ................................. 8-2
Voorzorgsmaatregelen bij het onderhoud ...................... 6-5
Vragen? ....................................................................... 4-7
W Waarschuwingsknipperlichtinstallatie .........................1-83
Waarschuwingslamp in voorportier ...........................1-111
Werking van elektrische koelventilator controleren ..... 6-25
Wiel verwisselen .......................................................... 3-8
Z
Zekeringen controleren en vervangen .........................6-20
Zonnekleppen .......................................................... 1-109
CM holl-10.p65 5/20/2008, 8:37 AM
4