service Peugeot 508 RXH 2014 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2014, Model line: 508 RXH, Model: Peugeot 508 RXH 2014Pages: 332, PDF Size: 9.67 MB
Page 2 of 332

De online-gebruiksaanwijzing
Selecteer een van de volgende toegangen om uw
gebruiksaanwijzing online te raadplegen...
Als u de gebruiksaanwijzing online raadpleegt, hebt u tevens toegang tot de meest recente informatie. Deze informatie is gemakkelijk te
herkennen aan de paginamarkering die wordt weergegeven met dit pictogram:Als de rubriek "MyPEUGEOT" niet beschikbaar is op de website
van PEUGEOT voor uw land, kunt u uw gebruiksaanwijzing op het
volgende internetadres raadplegen:
http://public.servicebox.peugeot.com/ddb/
de taal,
het model van uw auto en de carrosserie-uitvoering,
de uitgifteperiode van uw gebruiksaanwijzing die overeenkomt met de
eerste registratiedatum van uw auto.
Selecteer: Scan deze code voor directe toegang tot uw gebruiksaanwijzing.
Op deze persoonlijke pagina staan adviezen en nuttige informatie
over het onderhoud van uw auto.
Uw gebruiksaanwijzing is ook te vinden op de website van
PEUGEOT, in de rubriek "MyPEUGEOT".
Page 49 of 332

47
508RXH_nl_Chap01_controle-de-marche_ed01-2014
Servicebrandt tijdelijk. Er is een kleine storing
opgetreden waarbij geen specifiek
verklikkerlampje gaat branden. Identificeer de storing met behulp van de melding op
het display, bijvoorbeeld:
-
h
et hybridesysteem,
-
h
et sluiten van de portieren, achterklep of
motorkap,
-
he
t motorolieniveau,
-
he
t niveau van de ruitensproeiervloeistof,
-
d
e batterij van de afstandsbediening,
-
v
ervuiling van het roetfilter (diesel).
Raadpleeg in andere gevallen het PEUGEOT-netwerk
of een gekwalificeerde werkplaats.
permanent. Er is een ernstige storing
opgetreden waarbij geen specifiek
verklikkerlampje gaat branden. Identificeer de storing met behulp van de melding op
het display en raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats.
Roetfilter
(diesel)
permanent, in combinatie
met de tijdelijk weergegeven
melding "Kans op
verstopping van het roetfilter".Het roetfilter begint vervuild te raken. Regenereer, zodra de omstandigheden dit toelaten,
het roetfilter door met een snelheid van minimaal
60
km/h te rijden tot het verklikkerlampje Service uit
gaat.
permanent. Het minimumniveau in het
additiefreservoir is bereikt. Laat het reservoir snel bij het PEUGEOT-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats bijvullen.
Controlelampje
StatusOorzaak Acties / Opmerkingen
1
Controle tijdens het rijden
Page 53 of 332

51
508RXH_nl_Chap01_controle-de-marche_ed01-2014
ControlelampjeStatusOorzaak Acties / Opmerkingen
Airbags tijdelijk. Het lampje brandt gedurende enkele
seconden en dooft als het contact
wordt aangezet. Het lampje moet doven zodra de motor wordt gestart.
Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats als dit niet het geval is.
permanent. Er is een storing in een van de
airbags of de pyrotechnische
gordelspanners. Laat dit controleren door het PEUGEOT-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats.
Bochtverlichting knippert. Er is een storing in de
bochtverlichting. Laat dit controleren door het PEUGEOT-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats.
Veiligheidsgordel(s)
niet vastgemaakt of
weer
losgemaakt.permanent, en
knippert vervolgens
in combinatie met een
in volume toenemend
geluidssignaal.Een van de veiligheidsgordels is niet
vastgemaakt of weer losgemaakt. Trek aan de gordel en klik de gesp vast in de
gesphouder.
Bandenspanning
te laag permanent.
De bandenspanning van een of
meerdere wielen is te laag. Controleer zo snel mogelijk de bandenspanning.
De controle dient bij voorkeur bij koude banden te
worden uitgevoerd.
+ knipperend
en vervolgens
permanent, in
combinatie met het
verklikkerlampje
Service.Het controlesysteem voor de
bandenspanning is defect of de
sensor van een van de wielen wordt
niet gedetecteerd.
De bandenspanning wordt niet meer gecontroleerd.
Laat het systeem controleren door het PEUGEOT-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
1
Controle tijdens het rijden
Page 55 of 332

53
508RXH_nl_Chap01_controle-de-marche_ed01-2014
* Volgens land van bestemming.
CHECK (automatische controle van de auto)
Automatische CHECK
Contact aan: alle pictogrammen van de
gecontroleerde functies worden weergegeven.
Na enkele seconden doven ze.
Gelijktijdig wordt automatisch een CHECK
(automatische controle van de auto) uitgevoerd.
In het geval van een storing
Er is een "kleine" storing gesignaleerd: de
desbetreffende waarschuwingslampjes gaan
branden en vervolgens weer uit.
U kunt de auto starten, maar raadpleeg zo
snel mogelijk het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.
Er is een "grote" storing gesignaleerd: de
desbetreffende waarschuwingslampjes blijven
branden, in combinatie met het lampje STOP
of SERVICE.
Start de auto niet.
Neem zo snel mogelijk contact op met het
PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde
werkplaats.
Handmatige CHECK
Druk op de knop "CHECK" van het instrumentenpaneel
om de CHECK (automatische controle van de auto)
handmatig te activeren.
Met behulp van deze functie kunnen op elk gewenst
moment (contact aan of bij draaiende motor) de aanwezige
waarschuwingsmeldingen worden weergegeven.
Zolang de airbag aan passagierszijde is
uitgeschakeld*, wordt het desbetreffende
pictogram constant weergegeven.
Het display van het instrumentenpaneel
geeft bij draaiende motor en tijdens het
rijden
de pictogrammen weer die een storing
aangeven (in geval van een storing).
Als er geen storing wordt gesignaleerd, kunt u
de motor starten.
Dimmer verlichting
Druk, als de verlichting brandt, op de
knop B om de dashboardverlichting en de
sfeerverlichting sterker te laten branden of op
de knop A om de verlichting te dimmen.
Laat de knop los zodra de gewenste lichtsterkte
is bereikt.
1
Controle tijdens het rijden
Page 58 of 332

56
Motorolieniveaumeter*
Te weinig olie
Als het motorolieniveau te laag is, wordt
de melding "Te laag olieniveau" op het
instrumentenpaneel weergegeven in
combinatie met het branden van het
verklikkerlampje Service en een geluidssignaal.
Controleer het olieniveau met de peilstok. Als
blijkt dat het olieniveau te laag is, moet olie
worden bijgevuld om te voorkomen dat ernstige
motorschade ontstaat.
Raadpleeg de rubriek "Niveaus controleren".
Storing van de motorolieniveaumeter
Als de melding "Ongeldige meting olieniveau"
wordt weergegeven, duidt dit op een storing in
de motorolieniveaumeter.
Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.
Als de motorolieniveaumeter niet werkt, wordt
het motoroliepeil niet meer gecontroleerd.
Zolang het systeem niet werkt, moet u het
motoroliepeil controleren met de peilstok in de
motorruimte.Op het display wordt in het gedeelte A de
totale kilometerstand en in het gedeelte B de
dagteller weergegeven.
Druk, als de dagteller wordt weergegeven,
enkele seconden op de knop.
Kilometerteller
Nulstelling dagteller
Bij uitvoeringen met een motorolieniveaumeter wordt bij het aanzetten van het contact eerst de
onderhoudsindicator weergegeven en vervolgens gedurende enkele seconden het motorolieniveau.
Een controle van het olieniveau is alleen
betrouwbaar als de auto op een vlakke,
horizontale ondergrond staat en de motor
minstens 30 minuten niet heeft gedraaid.
Olieniveau correct
Raadpleeg de rubriek "Niveaus
controleren".
* Volgens uitvoering.
Controle tijdens het rijden
Page 178 of 332

176
508RXH_nl_Chap07_securite_ed01-2014
Een lagere bandenspanning is niet altijd
zichtbaar aan een vervorming van de
band. Beperk u daarom niet alleen tot
een visuele controle.
De waarschuwing wordt weergegeven
zolang de desbetreffende band(en) niet
op spanning is (zijn) gebracht, is (zijn)
gerepareerd of is (zijn) vervangen.
Het reservewiel (noodreservewiel of
wiel met stalen velg) is niet voorzien
van een sensor.
Storing
Als het verklikkerlampje "te lage
bandenspanning" knippert en vervolgens
permanent brandt in combinatie met het
verklikkerlampje "service", duidt dit op
een storing in het systeem.
Deze waarschuwing wordt ook weergegeven als
een of meerdere wielen niet zijn voorzien van een
sensor (bijvoorbeeld een noodreservewiel of een
reservewiel met stalen velg).Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats om het
systeem te laten controleren of monteer na
een lekke band het wiel met de originele
velg, dat is voorzien van een sensor.
Waarschuwing te lage bandenspanning
Bij een te lage bandenspanning brandt dit
verklikkerlampje in combinatie met een
geluidssignaal en, afhankelijk van de uitrusting, in
combinatie met de weergave van een melding.
Als er een afwijking in de bandenspanning van één
band wordt geconstateerd, kan deze band worden
herkend aan het pictogram of, afhankelijk van de
uitvoering, de weergegeven melding.
F
V
erlaag onmiddellijk de snelheid, maak
geen bruuske stuurbewegingen en rem niet
plotseling hard af.
F
Z
et uw auto stil zodra de verkeerssituatie
dit toelaat.
F
C
ontroleer de spanning van de vier
banden (bij koude banden) als u over een
compressor beschikt, bijvoorbeeld die van
de bandenreparatieset.
R
ijd voorzichtig met lage snelheid verder
als u niet direct de bandenspanning kunt
controleren.
of
F
G
ebruik in geval van een lekke band
de noodreparatieset of het reservewiel
(volgens uitrusting).
Alle reparaties aan een wiel dat met dit systeem
is uitgerust en het vervangen van een band
moeten worden uitgevoerd door het PEUGEOT-
netwerk of door een gekwalificeerde werkplaats.
Wanneer bij het verwisselen een wiel is
gemonteerd dat niet door uw auto wordt
gedetecteerd (voorbeeld: montage van
winterbanden), dient het systeem door het
PEUGEOT-netwerk of door een gekwalificeerde
werkplaats opnieuw geïnitialiseerd te worden.
In dat geval wordt de bandenspanning niet
meer gecontroleerd.
Veiligheid
Page 193 of 332

191
508RXH_nl_Chap08_info-pratiques_ed01-2014
2. Op spanning brengenF Sluit de stekker van de compressor weer aan op de 12V-aansluiting in de auto.
F
S
tart de motor opnieuw en laat de motor
draaien. F
B reng de band met behulp van de
compressor op de voorgeschreven
spanning (spanning verhogen:
schakelaar B in stand "I" ; spanning
verlagen: schakelaar B in stand "O"
en knop C indrukken), zoals vermeld
op de bandenspanningssticker in de
portieropening aan bestuurderszijde.
A
ls de bandenspanning sterk daalt, is
het lek niet goed gedicht; neem contact
op met het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats om u verder te
helpen.
F
V
er wijder de set en berg deze op.
F
R
ijd niet harder dan 80 km/h en niet verder
dan 200 km.
Ga zo snel mogelijk naar een
servicepunt van het PEUGEOT-netwerk
of een gekwalificeerde werkplaats.
Vergeet niet de technicus te vertellen
dat u de set hebt gebruikt. Na nadere
inspectie kan de technicus u vertellen
of de band gerepareerd kan worden of
moet worden vervangen.
F
Ze
t de schakelaar A in de stand
"Bandenspanning".
F
R
ol de zwarte slang H volledig
uit.
F
S
luit de zwarte slang aan op het ventiel van
de gerepareerde band.
8
Praktische informatie
Page 209 of 332

207
508RXH_nl_Chap08_info-pratiques_ed01-2014
ZekeringN° Ampère
(A) Functies
F3 15
Paneel ruitbediening in bestuurdersportier, 12V-aansluiting achterzitplaatsen.
F41512V-aansluiting bagageruimte.
F5 30Elektrisch bedienbare ruiten achter met eentrapsbediening.
F6 30Elektrisch bedienbare ruiten vóór met eentrapsbediening.
F11 20Servicecentrale trekhaakaansluiting.
F12 20Audioversterker.
F15 20Blinderingspaneel panoramadak.
F16 5Paneel ruitbediening in bestuurdersportier.
Zekeringen achter het
dashboardkastje
8
Praktische informatie
Page 234 of 332

232
508RXH_nl_Chap09_verifications_ed01-2014
Vermijd langdurig huidcontact met
afgewerkte olie en andere vloeistoffen.
De meeste van deze vloeistoffen zijn
bijtend en schadelijk voor de gezondheid.
Gooi afgewerkte olie en andere
vloeistoffen niet in het riool, in het water of
op de grond.
Deponeer afgewerkte olie in de daarvoor
bestemde containers bij het PEUGEOT-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
Afgewerkte producten
Bijvullen
Laat het bijvullen zo spoedig mogelijk uitvoeren
door het PEUGEOT-netwerk of door een
gekwalificeerde werkplaats.
Niveau brandstofadditief
(diesel met roetfilter)
Een te laag additiefniveau wordt aangegeven
door het verklikkerlampje Service in combinatie
met een geluidssignaal en een melding op het
display van het instrumentenpaneel.
Koelvloeistofniveau
Het koelvloeistofniveau dient zich zo dicht
mogelijk bij het merkteken "MA XI" te
bevinden, maar mag beslist niet hoger zijn.
Aftappen van het systeem
Deze koelvloeistof hoeft niet ververst te worden.
Type koelvloeistof
Gebruik de door de fabrikant voorgeschreven
koelvloeistof.
Type ruiten- en koplampsproeiervloeistof
Voor een optimale reiniging en om het
bevriezen van de sproeiers te voorkomen is
het (bij)vullen van het reservoir met water niet
toegestaan.
Niveau ruiten- en
koplampsproeiervloeistof
Wanneer uw auto is voorzien van
koplampsproeiers, wordt een te laag vloeistofniveau
van de ruiten- en koplampsproeiers aangegeven
door een geluidssignaal en een melding op het
display van het instrumentenpaneel.
Als de motor warm is, wordt de temperatuur van de
koelvloeistof geregeld door de koelventilator.
Wacht bovendien alvorens werkzaamheden aan het
koelsysteem uit te voeren ten minste 1 uur nadat de motor
gedraaid heeft, omdat het koelsysteem onder druk staat.
Draai om brandwonden te voorkomen de dop eerst
2 omwentelingen los om de druk te laten dalen.
Ver wijder, als de druk eenmaal gedaald is, de dop en vul
koelvloeistof bij.
Vul bij de eerstvolgende gelegenheid het
reservoir bij.
De koelventilator kan ook nog gaan
draaien nadat de motor is afgezet:
houd daarom voor werpen en kleding
uit de buur t van de ventilator. Onder winterse omstandigheden is het
raadzaam ruitensproeiervloeistof op basis
van ethanol of methanol te gebruiken.
Onderhoud
Page 299 of 332

07
297
508RXH_nl_Chap11c_SMEGplus-i_ed01-2014
PEUGEOT CONNECT APPS
De apps maken gebruik van
de gegevens van de auto,
zoals de huidige snelheid, de
kilometerstand, de actieradius
of de GPS-positie om relevante
informatie te kunnen verstrekken.
Sluit de dongel "PEUGEOT CONNECT APPS" aan op een van de
USB-aansluitingen.
Voor een betere ontvangst is het raadzaam de dongel "PEUGEOT
CONNECT APPS" aan te sluiten op de USB-aansluiting in het
dashboardkastje (volgens uitvoering).
De app "MyPEUGEOT" is een link
tussen de gebruiker, het merk en
het netwerk.
Hiermee kan de klant alles
te weten komen over zijn
auto: onderhoudsschema,
accessoire-aanbod, afgesloten
servicecontracten enz.
Ook is het mogelijk de
kilometerstand door te geven aan
de site "MyPEUGEOT" of een
dealer te zoeken.
"PEUGEOT CONNECT APPS" bestaat uit rijhulpapplicaties die de bestuurder in real time van \
nuttige informatie kunnen voorzien over o.a. de
situatie op de weg, risicozones, brandstofprijzen, parkeermogelijkheden,\
toeristische plaatsen, weersomstandigheden, leuke adresjes…
Deze service bevat de toegang tot het mobiele netwerk in combinatie met \
het gebruik van de apps. Om de service PEUGEOT CONNECT
APPS te kunnen gebruiken, moet u een contract afsluiten bij het PEUGEOT-netwerk. De beschikbaarheid is afhankelijk van het land van
bestemming
en
de
versie
van
het
touchscreen
tablet.
U
kunt
zich
ook
na
aflevering
van
de
auto
voor
de
dienst
aanmelden.
Uit veiligheidsoverwegingen zijn sommige functies alleen
beschikbaar als de auto stilstaat.
Druk op het menu "Internetdiensten" om de apps weer te geven.