display TOYOTA SUPRA 2020 Instructieboekje (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: TOYOTA, Model Year: 2020, Model line: SUPRA, Model: TOYOTA SUPRA 2020Pages: 476, PDF Size: 59.11 MB
Page 176 of 476

176
Handleiding Supra4-1. BEDIENING
5
Selecteer de gewenste instelling:
“Warning when speeding” (waar-
schuwing bij te hard rijden): activeer
of deactiveer het knipperen van de
weergaven van de Speed Limit Info
op het instrumentenpaneel en het
head-up display wanneer de op dat
moment van toepassing zijnde snel-
heidslimiet wordt overschreden.
“Show speeding” (toon te hoge snel-
heid): de snelheidslimiet die wordt
gesignaleerd door de Speed Limit
Info wordt aangegeven door middel
van een merkteken op de snelheids-
meter in het instrumentenpaneel.
De functie is mogelijk beperkt en geeft
in de volgende situaties mogelijk
onjuiste informatie weer, bijvoorbeeld:
In dichte mist, onder natte omstan-
digheden of bij sneeuw.
Als verkeersborden volledig of
gedeeltelijk worden overschaduwd
door objecten, stickers of verf.
Als de auto te dicht achter een voor-
ligger rijdt.
In het geval van fel tegenlicht of bij
een sterke reflectie.
Wanneer de voorruit vóór de binnen-
spiegel is bedekt met condens, vuil,
stickers, enz.
Als de camera oververhit is geraakt
als gevolg van extreem hoge tempe-
raturen en tijdelijk is gedeactiveerd.
Als gevolg van onjuiste signalering
door de camera.
Als de in het navigatiesysteem opge-
slagen snelheidslimieten of de weg-
gegevens onjuist zijn.
In het geval van snelheidslimieten
die afhankelijk zijn van het tijdstip
van de dag of de dag van de week.
In gebieden die niet door het naviga-
tiesysteem worden gedekt.
Als er afwijkingen zijn met betrek-
king tot navigatie, bijvoorbeeld door
een wegomleiding.
In het geval van elektronische ver-
keersborden.
Bij het inhalen van bussen of vracht-
wagens met verkeersbordstickers.
Als verkeersborden niet overeenko-
men met de norm.
Als er verkeersborden worden gesig-
naleerd die van toepassing zijn op
een parallelweg.
In het geval van landspecifieke ver-
keersborden of wegontwerpen.
Tijdens het kalibratieproces van de
camera direct na aflevering van de
auto.
Het display kan indien nodig worden
bediend.
Entertainmentbron.
Actuele audiobron.
Overzicht laatste oproepen.
Indien van toepassing wordt het desbe-
treffende menu geopend op het regel-
display.
Beperkingen van het systeem
Keuzelijsten
Principe
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page
176 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 177 of 476

177
4
Handleiding Supra 4-1. BEDIENING
BEDIENING
De weergegeven items kunnen ver-
schillen afhankelijk van de specificaties
van de auto.
De boordcomputer toont verschillende
voertuiggerelateerde gegevens, bij-
voorbeeld gemiddelde waarden, op het
instrumentenpaneel.
Druk op de toets op de richtingaanwij-
zerhendel.
De informatie wordt weergegeven op
het instrumentenpaneel. Druk herhaal-
delijk op de toets om meer informatie
weer te geven.
De volgende informatie kan worden
weergegeven met behulp van de
boordcomputer:
• Kilometerteller en dagteller.
• Actuele actieradius.
• Brandstofverbruikdisplay.
• Gemiddeld brandstofverbruik en
gemiddelde rijsnelheid.
Er kan worden geselecteerd of
bepaalde informatie van de boordcom-
puter kan worden opgeroepen op het
instrumentenpaneel:
Via Toyota Supra Command:
1 “My vehicle” (mijn auto)
2 “System settings” (systeeminstellin-
gen)
3 “Displays” (weergaven)
Display
Weergave en gebruik van de lijst
ToetsFunctie
Wijzigen van de entertain-
mentbron.
Druk nogmaals op de toets
om de lijst die op dat moment
wordt weergegeven te slui-
ten.
Het overzicht van de laatste
oproepen weergeven.
Draai het kartelwieltje om de
gewenste instelling te selec-
teren.
Druk op het kartelwieltje om
de instelling te bevestigen.
De meest recent weergege-
ven lijst kan opnieuw wor-
den weergegeven door het
kartelwieltje op het stuurwiel
te draaien.
Boordcomputer op het
instrumentenpaneel
Principe
Informatie oproepen
Overzicht van de informatie
Informatie voor de
boordcomputer selecteren
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page
177 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 178 of 476

178
Handleiding Supra4-1. BEDIENING
4
“Instrument cluster” (instrumenten-
paneel)
5 “On-board computer” (boordcompu-
ter)
6 Selecteer de gewenste instelling.
De instelling wordt opgeslagen voor het
op dat moment gebr uikte bestuurders-
profiel.
■Weergeven/resetten kilometertel-
ler
• Houd de toets ingedrukt om de dag- teller te resetten.
■Display
■Principe
De actieradius geeft de afstand aan die
nog kan worden afgelegd met de hui-
dige hoeveelheid brandstof in de tank.
■Algemeen
De geschatte actieradius die mogelijk is
met de resterende brandstof wordt per-
manent weergegeven op het instru-
mentenpaneel.
Er wordt kort een voertuigmelding
weergegeven wanneer de actieradius
klein is. Bij een dynamische rijstijl, bij-
voorbeeld bij het snel nemen van boch-
ten, kan de motor afslaan.
Als de actieradius kleiner wordt dan
ongeveer 50 km, wordt de voertuigmel-
ding continu weergegeven.
■Veiligheidsaanwijzing
■Display
■Principe
Het actuele brandstofverbruik geeft aan
hoeveel brandstof er op dat moment
wordt gebruikt. Het is mogelijk om de
zuinigheid en milieuvriendelijkheid van
uw rijstijl te controleren.
Gedetailleerde informatie
Kilometerteller en dagteller
• Druk op de toets om de dagteller weer te geven.
Als de Drive Ready-modus
wordt uitgeschakeld, wordt de
totaal gereden afstand en de
dagteller weergegeven.
Actuele actieradius.
OPMERKING
Als de actieradius kleiner wordt dan 50
km, is het mogelijk dat de motor onvol-
doende brandstof toegevoerd krijgt. De
motor kan dan afslaan. Er bestaat een
kans op schade. Ga op tijd tanken.
Brandstofverbruikdisplay
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 178 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 179 of 476

179
4
Handleiding Supra 4-1. BEDIENING
BEDIENING
■Algemeen
Het actuele brandstofverbruik wordt
door middel van balkjes weergegeven
op het instrumentenpaneel.
■Display
■Algemeen
De gemiddelde rijsnelheid en het
gemiddelde brandstofverbruik worden
berekend voor de afstand die is afge-
legd sinds de laatste keer dat de boord-
computer is gereset.
Bij de berekening van de gemiddelde
rijsnelheid wordt geen rekening gehou-
den met de momenten waarop de auto
heeft stilgestaan en de motor handma-
tig is uitgeschakeld.
■Resetten van de gemiddelde
waarden
Houd de toets op de richtingaanwijzer-
hendel ingedrukt.
■Display
De boordcomputer toont verschillende
voertuiggerelateerde gegevens, bij-
voorbeeld gemiddelde waarden, op het
regeldisplay.
Op het regeldisplay zijn twee types
boordcomputers beschikbaar:
• “On-board computer” (boordcompu- ter): gemiddelde waarden, bijvoor-
beeld het brandstofverbruik, worden
weergegeven. De waarden kunnen
afzonderlijk worden gereset.
• “Trip computer” (dagteller): de waar- den geven een overzicht van een
bepaalde route en kunnen zo vaak
als nodig worden gereset.
Via Toyota Supra Command:
1 “My Vehicle” (mijn auto)
2 “Driving information ” (rij-informatie)
Gemiddelde rijsnelheid en gemiddeld
brandstofverbruik
Boordcomputer op het
regeldisplay
Principe
Algemeen
De boordcomputer of dagteller
oproepen
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page
179 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 180 of 476

180
Handleiding Supra4-1. BEDIENING
3
“On-board computer” (boordcompu-
ter) of “Trip computer” (dagteller)
Via Toyota Supra Command:
1 “My Vehicle” (mijn auto)
2 “Driving informati on” (rij-informatie)
3 “On-board computer” (boordcompu-
ter)
4 “Consumption” (verbruik) of “Speed”
(snelheid)
5 OK
Via Toyota Supra Command:
1 “My Vehicle” (mijn auto)
2 “Driving informati on” (rij-informatie)
3 “Trip computer” (dagteller)
4 Kantel de controller indien nodig
naar links.
• “Reset” (resetten): alle waarden worden gereset.
• “Reset automatically” (automa- tisch resetten): alle waarden worden
gereset wanneer de auto ongeveer 4
uur stilstaat.
5 Selecteer indien nodig OK.
Afhankelijk van de voertuigspecifica-
ties kunnen het actuele vermogen en
koppel op het regeldisplay worden
weergegeven. De volgende informatie wordt weerge-
geven:
Koppel.
Vermogen.
Via Toyota Supra Command:
1 “My vehicle” (mijn auto)
2 “Sport displays” (sportieve weer-
gave)
Er kan een snelheidslimiet worden
ingesteld waarbij een waarschuwing
wordt geactiveerd wanneer deze wordt
bereikt.
De waarschuwing wordt herhaald als
de rijsnelheid de ingestelde snelheidsli-
miet opnieuw overschrijdt, nadat deze
met meer dan 5 km/h is gezakt.
Via Toyota Supra Command:
1 “My Vehicle” (mijn auto)
2 “Vehicle settings” (instellingen auto)
3 “Speed warning” (snelheidswaar-
schuwing)
De boordcomputer resetten
De dagteller resetten
Sportieve weergave
Principe
Weergave op het regeldisplay
Overzicht
Displays
Snelheidswaarschuwing
Principe
Algemeen
Wijzigen van de
snelheidswaarschuwing
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 180 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 181 of 476

181
4
Handleiding Supra 4-1. BEDIENING
BEDIENING
4
“Warning at:” (waarschuwing bij:)
5Draai de controller totdat de ge-
wenste snelheid wordt weergegeven.
6Druk op de controller.
Via Toyota Supra Command:
1 “My Vehicle” (mijn auto)
2 “Vehicle settings” (instellingen auto)
3 “Speed warning” (snelheidswaar-
schuwing)
4 “Speed warning” (snelheidswaar-
schuwing)
Via Toyota Supra Command:
1 “My Vehicle” (mijn auto)
2 “Vehicle settings” (instellingen auto)
3 “Speed warning” (snelheidswaar-
schuwing)
4 “Select current speed” (actuele
snelheid selecteren)
Voor sommige systemen kan de status
worden weergegeven of kunnen han-
delingen worden uitgevoerd.
Via Toyota Supra Command:
1 “My vehicle” (mijn auto) 2
“Vehicle status” (status auto)
• “Tyre Pressure Monitor” (banden- spanningscontrolesysteem): status
van het bandenspanningscontro-
lesysteem, zie blz. 306
• “Engine oil level” (motorolie- peil): elektronische meting van het
motoroliepeil, zie blz. 325.
• “Vehicle messages” (voertuigmel- dingen): voertuigmeldingen worden
op de achtergrond opgeslagen en
kunnen op het regeldisplay worden
weergegeven. Weergeven van
opgeslagen voertuigmeldingen, zie
blz. 163.
• “Service requirements” (onder- houdsvereisten): weergave van de
onderhoudsvereisten, zie blz. 169.
• “Remote maintenance call” (oproep voor onderhoud op afstand):
oproep voor onderhoud op afstand.
Het systeem projecteert belangrijke
informatie, bijvoorbeeld de snelheid,
binnen het gezichtsveld van de
bestuurder.
De bestuurder kan deze informatie tot
zich nemen zonder dat de aandacht
wordt afgeleid van de weg.
Activeren/deactiveren van de
snelheidswaarschuwing
De actuele snel
heid instellen
voor de snelheidswaarschuwing
Status auto
Algemeen
De status van de auto oproepen
Overzicht van de informatie
Head-up display (auto's met
head-up display)
Principe
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 181 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 182 of 476

182
Handleiding Supra4-1. BEDIENING
Volg de instructies m.b.t. het reinigen
van het head-up display, zie blz. 371.
Via Toyota Supra Command:
1
“My vehicle” (mijn auto)
2 “System settings” (systeeminstellin-
gen)
3 “Displays” (weergaven)
4 “Head-up display”
5 “Head-up display”
De volgende informatie wordt weerge-
geven op het head-up display:
Snelheid.
Navigatie-instructies.
Voertuigmeldingen.
Keuzelijsten op het instrumentenpa-
neel.
Rijassistentiesystemen. Een deel van deze informatie wordt
alleen wanneer dat nodig is kort weer-
gegeven.
Voor het head-up display zijn verschil-
lende weergaven beschikbaar.
Via Toyota Supra Command:
1
“My vehicle” (mijn auto)
2 “System settings” (systeeminstellin-
gen)
3 “Displays” (weergaven)
4 “Head-up display”
5 Selecteer de gewenste instelling.
De instelling wordt opgeslagen voor het
op dat moment gebruikte bestuurders-
profiel.
De helderheid wordt automatisch aan-
gepast aan het omgevingslicht.
De basisinstellingen kunnen handma-
tig worden aangepast.
Via Toyota Supra Command:
1 “My vehicle” (mijn auto)
2 “System settings” (systeeminstellin-
gen)
3 “Displays” (weergaven)
4 “Head-up display”
5 “Brightness” (helderheid)
6 Draai aan de controller tot de
gewenste helderheid is verkregen.
7 Druk op de controller.
De helderheid van het head-up display
kan, wanneer het dimlicht is ingescha-
Algemeen
Overzicht
In-/uitschakelen
Display
Overzicht
De weergave selecteren
Aanpassen van de helderheid
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 182 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 183 of 476

183
4
Handleiding Supra 4-1. BEDIENING
BEDIENING
keld, worden ingesteld via de dash-
boardverlichting.
Via Toyota Supra Command:
1
“My vehicle” (mijn auto)
2 “System settings” (systeeminstellin-
gen)
3 “Displays” (weergaven)
4 “Head-up display”
5 “Height” (hoogte)
6 Draai aan de controller tot de
gewenste hoogte is verkregen.
7 Druk op de controller.
De instelling wordt opgeslagen voor het
op dat moment gebr uikte bestuurders-
profiel.
De hoogte van het head-up display kan
ook worden opgeslagen met de geheu-
genfunctie, zie blz. 115.
De weergave van het head-up display
kan worden gedraaid.
Via Toyota Supra Command:
1 “My vehicle” (mijn auto)
2 “System settings” (systeeminstellin-
gen)
3 “Displays” (weergaven)
4 “Head-up display”
5 “Rotation” (rotatie)
6 Draai de controller totdat de
gewenste instelling is bereikt.
7 Druk op de controller. De zichtbaarheid van de weergave op
het head-up display kan door de vol-
gende zaken negatief worden beïn-
vloed:
Stoelpositie.
Objecten die op het kapje van het
head-up display zijn geplaatst.
Zonnebrillen met bepaalde polarisa-
tiefilters.
Een nat wegdek.
Ongunstige lichtinval.
Als het beeld is vervormd, laat dan de
basisinstellingen nakijken door een
erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
De voorruit maakt deel uit van het sys-
teem.
De vorm van de voorruit maakt het
mogelijk dat een scherp beeld wordt
geprojecteerd.
Een dun laagje in de voorruit voorkomt
dubbelbeelden.
Daarom wordt het ten zeerste aanbevo-
len om de speciale voorruit indien nodig
te laten vervangen door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Aanpassen van de hoogte
Aanpassen van de rotatieZichtbaarheid van het display
Speciale voorruit
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 183 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 195 of 476

195
4
Handleiding Supra 4-1. BEDIENING
BEDIENING
Laat het systeem nakijken.
De kracht waarmee de bestuurders- en
voorpassagiersairbags wordt geacti-
veerd, is afhankelijk van de positie van
de bestuurders- en voorpassagiers-
stoel.
Kalibreer de voorstoelen zodra een
overeenkomstig bericht op het regeldis-
play wordt weergegeven voor een per-
manente nauwkeurigheid van deze
functie.
Er wordt een overeenkomstig bericht
weergegeven op het regeldisplay.
1
Druk op de schakelaar en schuif de
stoel naar voren tot hij stopt.
2 Druk de schakelaar nogmaals naar
voren. De stoel beweegt nog iets
verder naar voren.
3 Stel de stoelpositie opnieuw af.
De kalibratie is voltooid wanneer de
melding op het regeldisplay verdwijnt.
Als de melding niet verdwijnt, herhaal
dan de kalibratie.
Als de melding ook na herhaaldelijke
kalibratie niet verdwijnt, laat het sys-
teem dan zo spoedig mogelijk controle-
ren.
Operationele gereedheid van het
airbagsysteem
Veiligheidsaanwijzingen
WAARSCHUWING
Afzonderlijke onderdelen van het airbag-
systeem kunnen heet zijn nadat de air-
bags zijn geactiveerd. Er bestaat een kans
op letsel. Raak de afzonderlijke onderde-
len niet aan.
WAARSCHUWING
Onjuist uitgevoerde werkzaamheden kun-
nen leiden tot een defect of een storing in
of onbedoelde activering van het airbag-
systeem. Bij een storing wordt het airbag-
systeem bij een ongeval mogelijk niet
zoals bedoeld geactiveerd, ondanks het
feit dat het ongeval ernstig genoeg is. Er
bestaat een kans op (ernstig) letsel. Laat
het airbagsysteem door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige testen, repare-
ren of verwijderen en afvoeren.
Weergave op het instrumentenpaneel
Wanneer de Drive Ready-modus
is ingeschakeld, gaat het waar-
schuwingslampje in het instru-
mentenpaneel kort branden ter
indicatie van de operationele
gereedheid van het volledige air-
bagsysteem en de gordelspan-
ners.
Storing
Het waarschuwingslampje
gaat niet branden nadat de
Drive Ready-modus is inge-
schakeld.
Het waarschuwingslampje
brandt permanent.
Kracht van bestuurders- en
voorpassagiersairbags
Kalibreren van de voorstoelen
WAARSCHUWING
Er bestaat een kans op beknelling als de
stoelen worden verschoven. Er bestaat
een kans op letsel of schade. Zorg er vóór
het verstellen voor dat er geen obstakels
aanwezig zijn in het gebied waarin de stoel
beweegt.
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 195 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM
Page 204 of 476

204
Handleiding Supra4-1. BEDIENING
1
Steek de sleutel in de opening en
druk hem indien nodig naar binnen.
2 Draai de sleutel, terwijl u hem naar
binnen drukt, zo ver mogelijk naar
de stand ON. Verwijder de sleutel
zodra de stoppositie is bereikt.
3 Zorg ervoor dat de schakelaar in de
uiterste stand staat, zodat de air-
bags worden ingeschakeld.
De voorpassagiersairbags worden
weer ingeschakeld en kunnen correct
worden geactiveerd wanneer dit nodig
is.
Het controlelampje voor de voorpassa-
giersairbags in de dakconsole geeft de
werkingsstatus van de voorpassagier-
sairbags weer.
Nadat de Drive Ready-modus is inge-
schakeld, gaat het lampje kort branden
en geeft het vervolgens weer of de air-
bags zijn ingeschakeld of uitgescha-
keld. Het actieve voetgangerveiligheidssys-
teem zorgt ervoor dat de motorkap
omhoog komt wanneer de voorzijde
van de auto tegen een voetganger
botst. Sensoren onder de bumper wor-
den gebruikt voor de signalering.
Wanneer het voetgangerveiligheidssys-
teem wordt geactiveerd, creëert het
vervormingsruimte o
nder de motorkap
voor de daaropvolgende impact tegen
het hoofd.
Inschakelen van de
voorpassagiersairbags
Controlelampje
voorpassagiersairbags
DisplayFunctie
Als de voorpassagiersairbags
zijn ingeschakeld, gaat het
controlelampje kort branden en dooft het vervolgens.
Wanneer de voorpassagier-sairbags worden uitgescha-
keld, blijft het controlelampje branden.
Actieve voetgangerveiligheid
Principe
Algemeen
Veiligheidsaanwijzingen
WAARSCHUWING
Het systeem kan onbedoeld worden geac-
tiveerd wanneer afzonderlijke onderdelen
van de scharnieren en motorkapvergren-
delingen worden geraakt. Er bestaat een
kans op letsel of schade. Raak de afzon-
derlijke onderdelen v an de scharnieren en
motorkapvergrendelingen niet aan.
Supra_OM_General_OM99V80E_1_1911.book Page 204 Thursday, October 31, 2019 2:57 PM