dashboard FIAT 500 2018 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2018, Model line: 500, Model: FIAT 500 2018Pages: 224, PDF Size: 3.92 MB
Page 206 of 224

BELANGRIJKE INFORMATIE EN AANBEVELINGEN
204(GAAT DOOR)
• Als het waarschuwingslampje mna het starten of na
langdurig “aanzwengelen” 60 seconden knippert, duidt dit op
een defect van de gloeibougies.
Als de motor start kan de auto normaalgebruikt worden, maar
moet men zo snel mogelijk naar een Fiat Servicepunt gaan.
• Probeer de motor nooit te starten door de auto te duwen, te
slepen of van een helling af te laten rijden. Hierdoor kan
brandstof in de katalysator terechtkomen die hierdoor
onherstelbaar beschadigd wordt.
• Gebruik nooit een accusnellader om de motor te starten,
aangezien deze de elektronische systemen kan beschadigen, met
name de regeleenheden van de ontsteking en de brandstoftoevoer.
• Verbind de startkabel niet met de minklem (–) van de lege
accu. De afgegeven vonk kan explosie van de accu tot gevolg
hebben en ernstige schade veroorzaken.
Gebruik alleen het specifieke massapunt; gebruik geen
andere blootgestelde metalen onderdelen.
• Even snel gas geven voordat de motor wordt uitgezet heeft
geen enkel nut, verspilt brandstof en is, vooral voor motoren
met turbocompressor, schadelijk.
14) GEBRUIK VAN DE VERSNELLINGSBAK MANUAL EN
DUALOGIC
• Rijd niet met de hand op de versnellingspook aangezien de
uitgeoefende druk, hoe licht ook, na verloop van tijd kan leiden
tot slijtage van de interne onderdelen van de versnellingsbak.
• Neem zo snel mogelijk contact op met het Fiat
Servicenetwerk in geval van een storing in de versnellingsbak
om het systeem te laten controleren.
• Houd de hand niet langer op de versnellingspook dan strikt
noodzakelijk is voor het schakelen of voor de Auto/Manual
bediening.
• Door onjuist gebruik van de peddels (peddels naar het
dashboard geduwd) kunnen deze afbreken.• Om de werking van de koppeling te sparen mag men het
gaspedaal niet gebruiken om de auto stil te houden (bijv.):
bij stilstand op een helling); de koppeling kan dan oververhit en
beschadigd raken; gebruik in dit geval het rempedaal en bedien
het gaspedaal alleen als u gereed bent om weg te rijden.
• Neem contact op met het Fiat Servicenetwerk als de berichten
op het display niet verdwijnen.
15) SNEEUWKETTINGEN
• Beperk de snelheid wanneer er sneeuwkettingen zijn
gemonteerd; overschrijd de 50 km/h niet.
• Bedien het gaspedaal uiterst voorzichtig als sneeuwkettingen
gemonteerd zijn; voorkom of beperk het risico op doorslippen van
de aandrijfwielen die breuk van de ketting en bijgevolg
beschadiging van de carrosserie of de mechanische onderdelen
kunnen veroorzaken.
• Vermijd kuilen, trottoirbanden en stoepen en rijd geen lange
stukken op sneeuwvrije wegen om de auto en het wegdek niet te
beschadigen.
16) STOPCONTACT
Het stopcontact is geschikt voor accessoires met een maximum
vermogen van 180 W (maximum stroomverbruik 15 A).
17) DIESELFILTER
Water in het brandstofcircuit kan het inspuitsysteem ernstig
beschadigen en een onregelmatige werking van de motor
veroorzaken.
Als het lampje of het symbool
Eop het kleurendisplay gaat
branden, neem dan onmiddellijk contact op met het Fiat
Servicenetwerk om het systeem te laten aftappen.
VEILIGHEID VAN HET VOERTUIG
(DOORGEGAAN)
Page 217 of 224

215
KENNISMAKING MET DE AUTO
Dashboard ......................................................................7
Instrumentenpaneel .........................................................9
– Versies met multifunctioneel display...............................9
– Versies met kleurendisplay...........................................10
– Lampjes en berichten.............................................11-23
Displaypaneel.................................................................24
– Multifunctioneel displaypaneel......................................24
– Kleurendisplaypaneel...................................................24
– Instellingenmenu..........................................................24
– Tripcomputer............................................................. 25
– Tijd instellen.................................................................25
– Uitschakeling passagiersairbag en zijairbag
voor.............................................................................26
Service (Geprogrammeerd onderhoud)...........................26
– Hoogteregeling koplampen..........................................27
– Banden resetten..........................................................27
Sleutels......................................................................... 27
– Code-card................................................................. 27
– Mechanische sleutel ...................................................27
– Sleutel met afstandsbediening ....................................27
Het Fiat Code systeem...................................................28
Opstarttoestel ................................................................28
– Stuurslot .....................................................................29
Zitplaatsen .....................................................................29– Voorstoelen ................................................................29
– Hoofdsteunen .............................................................30
Stuurwiel .......................................................................31
AchteruitkijksSpiegels ....................................................31
– Binnenspiegel .............................................................31
– Elektrisch dimbare binnenspiegel.................................31
– Binnenspiegels............................................................32
Handmatige klimaatregeling............................................32
– Luchtrecirculatie ........................................................33
Automatische klimaatregeling ........................................33
– Automatische werking.................................................34
– Luchtrecirculatie ........................................................34
Buitenverlichting ............................................................35
– Dagverlichting..............................................................35
– Dimlicht/stadslicht........................................................35
– Grootlicht ....................................................................35
– Richtingaanwijzers.......................................................35
– Parkeerlichten..............................................................35
– Rijbaanwisselfunctie.....................................................34
– Functie Follow Me Home.............................................34
– Auto functie ................................................................36
Ruiten reinigen ...............................................................37
– Ruitenwissers..............................................................37
– Achterruitwisser ..........................................................38
INHOUD