ECU Peugeot Bipper 2015 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2015, Model line: Bipper, Model: Peugeot Bipper 2015Pages: 193, PDF Size: 8.33 MB
Page 133 of 193

131
Bipper_nl_Chap06_securite_ed02-2014
BEVESTIGING KINDERZITJES MET DE VEILIGHEIDSGORDEL (BESTELWAGEN)
Conform de europese wetgeving geeft dit overzicht de mogelijkheden weer met betrekki\
ng tot het bevestigen, met een veiligheidsgordel,
van een universeel gehomologeerd kinderzitje, gerangschikt naar gewicht \
van het kind en de plaats in de auto:
Gewicht van het kind en leeftijdsindicatie
Plaats Minder dan 13
kg
(Groep 0
(a) en 0+)
Tot ongeveer 1
jaarVan 9
tot 18 kg
(Groep 1)
Van 1
tot ongeveer 3
jaarVan 15
tot 25 kg
(Groep 2)
Van 3
tot ongeveer 6
jaarVan 22
tot 36 kg
(Groep 3)
Van 6
tot ongeveer
10
jaar
Passagiersstoel
vóór (b ) U
UUU
a : Groep 0: vanaf de geboorte tot 10
kg. Op de voorpassagiersstoel kan geen reiswieg of reisbedje worden beve\
stigd.
b : raadpleeg de huidige wetgeving in uw land alvorens een kinderzitje op \
deze plaats te bevestigen.
U :
zitplaats geschikt voor de bevestiging van een universeel gehomologeerd \
kinderzitje met een autogordel, zowel met de "rug in de
rijrichting" als met het "gezicht in de rijrichting".
6
VEILIGHEID
Kinderen aan boord
Page 134 of 193

132
Bipper_nl_Chap06_securite_ed02-2014
BEVESTIGING KINDERZITJES MET DE VEILIGHEIDSGORDEL (COMBI)
Conform de europese wetgeving geeft dit overzicht de mogelijkheden weer met betrekki\
ng tot het bevestigen, met een veiligheidsgordel,
van een universeel gehomologeerd kinderzitje, gerangschikt naar gewicht \
van het kind en de plaats in de auto:
Gewicht van het kind en leeftijdsindicatie
Plaats Minder dan 13
kg
(Groep 0
(a) en 0+)
Tot ongeveer 1
jaarVan 9
tot 18 kg
(Groep 1)
Van 1
tot ongeveer 3
jaarVan 15
tot 25 kg
(Groep 2)
Van 3
tot ongeveer 6
jaarVan 22
tot 36 kg
(Groep 3)
Van 6
tot ongeveer
10
jaar
Passagiersstoel vóór (b ) UUUU
Buitenste zitplaatsen
achter U
UUU
Middelste zitplaats
achter U
UUU
a : Groep 0: vanaf de geboorte tot 10
kg. Op de voorpassagiersstoel kan geen reiswieg of reisbedje worden beve\
stigd.
b : raadpleeg de huidige wetgeving in uw land alvorens een kinderzitje op \
deze plaats te bevestigen.
U :
zitplaats geschikt voor de bevestiging van een universeel gehomologeerd \
kinderzitje met een autogordel, zowel met de "rug in de
rijrichting" als met het "gezicht in de rijrichting".
Kinderen aan boord
Page 135 of 193

133
Bipper_nl_Chap06_securite_ed02-2014
ADVIEZEN VOOR KINDERZITJES
Kinderen voorin
De regelgeving met betrekking tot het
vervoer van kinderen op de passagiersstoel
vóór is per land verschillend. Raadpleeg de
in uw land geldende regelgeving.
Schakel de airbag aan passagierszijde
uit zodra een kinderzitje met de rug in de
rijrichting op de voorstoel wordt geplaatst.
Het kind kan anders bij het afgaan van de
airbag levensgevaarlijk gewond raken.
De onjuiste bevestiging van een kinderzitje
brengt de veiligheid van het kind in gevaar in
geval van een botsing.
Controleer of er geen veiligheidsgordel of
gesp van de veiligheidsgordel onder het
kinderzitje zit; dat zou de stabiliteit van het
zitje in gevaar kunnen brengen.
Zorg ervoor dat de autogordels of het tuigje
van het kinderzitje, zelfs bij korte ritten,
worden vastgemaakt waarbij de speling
ten opzichte van het lichaam van het kind
zoveel mogelijk moet worden beperkt.
Zorg er bij het bevestigen van het
kinderzitje met de veiligheidsgordel voor
dat de veiligheidsgordel correct tegen het
kinderzitje is gespannen en dat de gordel
het kinderzitje stevig op zijn plaats houdt.
Schuif de passagiersstoel, wanneer deze
versteld kan worden, indien nodig naar
voren.
Plaatsen van een stoelverhoger
Het bovenste gedeelte van de autogordel
moet over de schouder van het kind liggen
zonder de hals te raken.
Controleer of de heupgordel goed over de
bovenbenen van het kind ligt.
P
e UG e OT beveelt aan een stoelverhoger
met rugleuning te gebruiken voorzien
van een gordelgeleider ter hoogte van de
schouder.
Zorg er voor een optimale bevestiging van het
kinderzitje "met het gezicht in de rijrichting" voor
dat de afstand tussen de rugleuning van het
zitje en de rugleuning van de stoel van de auto
zo klein mogelijk is.
l
aat indien mogelijk de
rugleuning van het zitje tegen de rugleuning van
de stoel aandrukken.
Verwijder de hoofdsteun alvorens een kinderzitje
met een rugleuning te plaatsen op een
passagiersstoel.
Berg de hoofdsteun zorgvuldig op om te
voorkomen dat de hoofdsteun door de auto vliegt
bij krachtig afremmen.
Plaats de hoofdsteun terug zodra het kinderzitje
is verwijderd.
l
aat uit veiligheidsoverwegingen:
-
geen kinderen zonder toezicht achter in
een auto,
-
nooit een kind of een dier in een auto
achter wanneer alle ruiten gesloten zijn
en de auto in de zon staat,
-
de sleutels nooit binnen bereik van de
kinderen achter in de auto.
Gebruik de kindersloten om te voorkomen
dat de portieren per ongeluk worden
geopend.
Zorg ervoor dat de achterzijruiten niet verder
dan voor 1/3
deel worden geopend.
Plaats zonneschermen om uw jonge
kinderen tegen de zon te beschermen.
l
aat bij de achterzitplaatsen altijd voldoende
ruimte tussen de voorstoel en:
-
het kinderzitje "met de rug in de rijrichting",
-
de voeten van het kind in het kind
erzitje
"met het gezicht in de rijrichting".
Schuif daartoe de voorstoel naar voren en
zet de rugleuning ervan, indien nodig, meer
rechtop.
6
VEILIGHEID
Kinderen aan boord
Page 136 of 193

134
Bipper_nl_Chap06_securite_ed02-2014
ISOFIX-BEVESTIGINGEN
Om deze bovenste bevestigingsriem vast te
maken:
-
verwijder de hoofdsteun van de zitplaats
waarop u het kinderzitje wilt plaatsen en berg
de hoofdsteun op (plaats de hoofdsteun terug
zodra het kinderzitje is verwijderd),
-
voer de riem van het kinderzitje achter de
bovenzijde van de rugleuning van de zitplaats
langs, tussen de openingen voor de pennen
van de hoofdsteun door,
-
bevestig de aansluiting van de bovenste riem
aan het achterste bevestigingsoog,
-
trek de bovenste riem strak.
Uw auto voldoet aan de meest recente
ISOFIX-normen.
De twee buitenste zitplaatsen van de
achterbank zijn beide voorzien van drie
bevestigingsringen:
-
twee bevestigingsringen
A
vóór, die zich
tussen de rugleuning en de zitting van de
zitplaats bevinden,
-
één bevestigingsring
B achter, voor de
bevestiging van de bovenste riem, de
TOP T
e
TH
e
R-bevestiging.
Aan de Top Tether kan de bovenste
bevestigingsriem (indien aanwezig) van een
kinderzitje worden vastgemaakt. Bij een
frontale aanrijding beperkt dit systeem het
naar voren kantelen van het kinderzitje.
De ISOFIX-bevestigingen zorgen voor een veilige,
degelijke en snelle montage van het kinderzitje in
uw auto. Bij een onjuist geplaatst kinderzitje kan
het kind bij een aanrijding ernstig letsel
oplopen.
Houd u nauwkeurig aan de
montagevoorschriften die zijn vermeld in de
gebruiksaanwijzing van het kinderzitje.
Raadpleeg het overzicht voor de
bevestiging van ISOFIX-kinderzitjes
in uw auto, waarin staat vermeld welke
kinderzitjes geschikt zijn.
De ISOFIX-kinderzitjes beschikken over
twee sloten die eenvoudig aan de twee
bevestigingsringen
A vóór kunnen worden
verankerd.
Sommige kinderzitjes zijn bovendien voorzien van
een bovenste bevestigingsriem die kan worden
vastgemaakt aan de bevestigingsring B achter.
Kinderen aan boord
Page 137 of 193

135
Bipper_nl_Chap06_securite_ed02-2014
RÖMER BabySafe Plus ISOFIX
(gewichtsgroep E)
Groep 0+: tot ongeveer 13
kg
Dit zitje wordt met de rug in de rijrichting geplaatst met behulp van ee\
n ISOFIX-onderstel dat wordt bevestigd aan de ringen A .
De steun van het ISOFIX-onderstel moet op de juiste hoogte worden afgest\
eld zodat deze op de vloer van de auto rust.
RÖMER Duo Plus ISOFIX
(gewichtsgroep B1)
Groep 1: van 9
tot 18 kg
Dit zitje wordt met het gezicht in de rijrichting geplaatst.
Het wordt verankerd met een bovenste riem aan de bovenste ISOFIX-ring, d\
e
TOP T
e TH e R.
e
r zijn drie standen mogelijk: rechtop, ruststand en ligstand.
Dit kinderzitje kan ook worden bevestigd op zitplaatsen die niet zijn vo\
orzien van ISOFIX-bevestigingen.
Het is in dat geval verplicht het kinderzitje met de normale driepunts v\
eiligheidsgordel op de zitplaats van de auto te bevestigen.
Volg bij het plaatsen van het kinderzitje de gebruiksaanwijzing van de fa\
brikant van het zitje.
ISOFIX-KINDERZITJE AANBEVOLEN DOOR PEUGEOT EN GOEDGEKEURD VOOR UW AUT O (C OMBI )
6
VEILIGHEID
Kinderen aan boord
Page 138 of 193

136
Bipper_nl_Chap06_securite_ed02-2014
OVERZICHT BEVESTIGING ISOFIX-KINDERZITJES (COMBI)
Overeenkomstig de europese wetgeving geeft het overzicht de mogelijkheden aan voor het beve\
stigen van een ISOFIX-kinderzitje op een
plaats in de auto voorzien van ISOFIX-bevestigingen.
Bij universele en semi-universele ISOFIX-kinderzitjes wordt de ISOFIX-ma\
at op het kinderzitje naast het ISOFIX-logo aangegeven
met een
letter (A t/m G).
IUF:
zitplaats geschikt voor de bevestiging van een
universeel gehomologeerd I SOFIX-kinderzitje met het gezicht in de rijrichting en een
bovenste riem ("Top Tether" bevestiging).
IL-SU: zitplaats geschikt voor de bevestiging van een s emi-universeel gehomologeerd I SOFIX-kinderzitje:
-
rug in de rijrichting voorzien van een bovenste riem ("T
op Tether" bevestiging) of een steun,
-
gezicht in de rijrichting voorzien van een steun.
Raadpleeg het hoofdstuk "ISOFIX-bevestigingen" voor meer informatie over\
de bevestiging van de bovenste riem ("T
op Tether" bevestigingen).
X: plaats niet geschikt voor het bevestigen van een ISOFIX-kinderzitje uit\
de aangegeven gewichtsgroep. Gewicht van het kind / leeftijdsindicatie
Tot 10
kg
(groep 0) Tot ca.
6
maandenTot 10
kg
(groep 0)
Tot 13
kg
(groep 0+)
Tot ca. 1
jaarVan 9
tot 18 kg (groep 1)
Van ca. 1
tot ca. 3 jaar
Type ISOFIX-kinderzitje Reiswieg*"rug in de rijrichting" "rug in de
rijrichting" "gezicht in de
rijrichting"
ISOFIX-maat F G C D E C D A B B1
ISOFIX-kinderzitjes universeel en semi-
universeel geschikt voor bevestiging op de
buitenste zitplaatsen achter X
IL-SU IL-SU IUF
* Op de voorpassagiersstoel kan geen reiswieg of reisbedje worden bevest\
igd.
Kinderen aan boord
Page 172 of 193

170
Bipper_nl_Chap09_aide-rapide_ed02-2014
Zekering AmpèreFuncties
F01 60
A
e
lektronische eenheid.
F02 40
AAanjager.
F03 20
AVoeding startmotor.
F04 40
AVoeding pomp hydraulisch blok ABS.
F06 30
ABediening motorventilateur met één snelheid.
F07 40
ABediening motorventilateur hoge snelheid.
F08 30
APomp aircogroep.
F09 15
ATrekhaakbedrading.
F10 10
AClaxon.
F 11 10
AVoeding secundaire lading motormanagement.
F14 15
AGrootlicht.
F15 15
A12V-aansluiting.Tabel zekeringen motorruimte
Zekering vervangen